Fibricheck gaat meer internationaal

Bieke Van Gorp van Fibricheck trok deze maand naar San Francisco voor een groot congres van de Heart Rythm Society. De trip was de moeite en niet alleen voor de naambekendheid van de app. "We hebben er presentaties gedaan en een aantal meetings gehad met potentiële partners", vertelt Van Gorp. "Op termijn moeten die gesprekken ons helpen een partner te vinden met wie we de Amerikaanse markt sneller kunnen bedienen. Zelf een verkoopkanaal opzetten in Amerika vergt tijd en vooral ook veel middelen."

Als start-up schuift Fibricheck steeds verder op, met de groeipijnen van dien. "Iedereen heeft het hier erg druk", zucht de co-oprichtster. "Start-ups in onze fase zijn vaak twee keer zo groot. We komen stilaan ook op het punt waar je steeds meer met management bezig bent, en minder met innovatie." Het twintigkoppige team, inclusief consultants, krijgt daarom deze maand versneld uitbreiding met drie verkoopmensen. "We voelen dat het nodig is sneller mensen aan te werven om de werklast behapbaar te houden."

De toenemende internationalisering is een ander signaal dat Fibricheck de startfase stilaan ontgroeit. Zo praat het bedrijf met Daman Health Insurance over mogelijkheden in het Midden-Oosten, en elke maand klopt wel een Europees bedrijf aan voor het opzetten van een screening. In Italië is intussen de commercialisering van de app via het dokterskanaal begonnen. "De medische wereld blijft belangrijk voor ons", zegt Van Gorp. "Dat wil niet zeggen dat we in alle markten eerst het dokterskanaal aftasten voor we de consument trachten te bereiken, maar het blijft belangrijk een aantal prominente artsen mee te krijgen. Dat ondersteunt de geloofwaardigheid."

Om de internationalisering te versnellen, hoopte Fibricheck in te stappen in het Gold Track-programma van de Europese Unie. Dat had de nodige contacten en kennis kunnen opleveren. Slecht nieuws: "Spijtig genoeg vielen we uit de boot", zegt Van Gorp. Nu moet het bedrijf op zoek naar alternatieven om de visibiliteit te verhogen en de connecties van het internationaliseringsproces te versnellen.

En dan is er nog de belangrijke Fibriwatch, het project dat de software bij een van de grote leveranciers van wearables inbouwt en commercialiseert. De klinische studie is afgerond en de usibilitystudie zit in de opstartfase. De lancering is gepland voor deze zomer en vraagt steeds meer focus van het team. De wearable is belangrijk voor de naambekendheid en de langere termijn. Voorlopig ligt het aantal smartwatches nog altijd fors lager dan het aantal smartphones. "Maar die technologie is de toekomst", zegt Van Gorp. "Je moet daar vroeg genoeg op inspelen."

Shape plooit zich dubbel

Alexandre Wayenberge en zijn team bij Shape moeten zich dubbelplooien voor hun intelligente weegschaal en bodyscanner. "We zijn nu met negen, maar het team moest nu dubbel zo groot zijn", zegt de naar San Francisco uitgeweken Belg. "Lange werkdagen, zes dagen van de zeven, zijn daarom jammer genoeg de norm. Dat nemen we erbij, omdat we min of meer op schema blijven om binnen enkele maanden tot massaproductie over te kunnen gaan. We zoeken vooral ingenieurs om het team te versterken, maar er zijn geen goede meer vrij. Zo hebben we voor een functie 500 mensen geïnterviewd om uiteindelijk drie goede kandidaten te vinden die zelf ook interesse hadden. Maar die moet je dus ergens losweken en als kleine start-up strijd je vaak met ongelijke wapens. Een van hen haakte af omdat hij bij zijn huidige werkgever een retentiebonus kreeg van 350.000 dollar, cash! Dat is een waanzinnig bedrag als je weet dat hij een back-end ingenieur is, niet echt een knelpuntberoep. Bij de andere twee kandidaten ging het om privéredenen. Hun partner wou niet verhuizen naar San Francisco. Ze worden afgeschrikt door de grote armoede en de drugsproblematiek. De daklozen blijven shockeren, maar de stad zelf is veilig. De slechte reputatie van de stad is deels ten onrechte."

Qover verdiept zich in e-commerce

De Brusselse verzekeringsstart-up Qover lanceerde deze maand een nieuwe website, nomadassistance.com. Via dat kanaal verkoopt de onderneming een eenvoudige reis- en bijstandsverzekering rechtstreeks aan particulieren. Niet om een nieuwe inkomstenstroom aan te boren, maar om ervaring op te doen met e-commercetechnieken, beklemtoont medeoprichter Quentin Colmant.

"Qover maakt technologie en producten, waardoor we onze klanten verzekeringspakketten kunnen aanbieden", zegt Colmant. "Maar we willen die klanten beter ondersteunen in e-commerce. We hebben met Nomad Assistance een rechtstreeks kanaal gecreëerd, dat ons veel bijbrengt over klantendoelgroepen, en hoe je die het best benadert. Die expertise delen we met onze partners. Hoe meer eindklanten zij op hun beurt kunnen overtuigen, hoe beter voor ons."

Volgens Colmant kan de oprichting van dat testlabo het DNA van Qover ingrijpend wijzigen: "We zijn altijd goed geweest in het ontwikkelen van producten en verzekeringsoplossingen, maar in een mature markt is het belangrijk ook voldoende kennis te hebben in onlinemarketing en customer experience."

Nog meer nieuws voor Qover kwam van de kant van Jeff Bezos. De Amazon-CEO maakte bekend dat zijn bedrijf fors gaat investeren in Deliveroo. In totaal wordt 450 miljoen pond in de Britse maaltijdleverancier geïnvesteerd, waarvan de helft van Amazon. Dat kan belangrijk zijn voor Qover, dat met Deliveroo samenwerkt in Europa en het Verenigd koninkrijk. "Als het de bedoeling van Amazon is het model van Deliveroo in de VS te introduceren, betekent het voor ons weinig. Maar als het de bedoeling zou zijn de groei van Deliveroo in Europa te versnellen, kan dat een grote impact op onze business hebben", zegt Colmant. "Qover int premies per uur dat een Deliveroo-koerier de app gebruikt. Hoe meer rijders en hoe meer ritten, hoe hoger de premie-inkomsten. Maar ook, en dat is de keerzijde van de medaille, hoe groter het risico op schadeclaims."

Mealhero groeit 10 procent per week

"Sinds half april groeien we met 10 procent per week", zegt Jeroen Spitaels, een van de drie oprichters van Mealhero. De start-up biedt stoomkokers aan en via de website kunnen klanten diepvriesporties bestellen die ze na ontvangst met één druk op de knop van de stoomkoker kunnen klaarmaken. "We voelen dat de trein vertrekt, en we moeten proberen erop te springen. Een groei van 10 procent per week betekent dat we eind mei met 80 procent zijn gegroeid in twee maanden. Op 1 juni zullen we achthonderd klanten hebben tegen vierhonderd twee maand geleden. We hebben hier op kantoor een groot blad hangen met het aantal klanten. Vroeger schreven we elke week het nieuwe cijfer op, nu doen we dat elke dag."

De snelle groei zorgt voor groeipijnen, waardoor het team achter Mealhero een paar versnellingen hoger moet schakelen. Het bedrijf huist op een bedrijventerrein in Erpe-Mere, waar er een tijd geleden al een grotere diepvries werd geïnstalleerd, maar nu wordt hij opnieuw te klein. Het laatste pallet stoomkokers wordt al verkocht, terwijl de voorraad bedoeld was voor het hele jaar. "We kunnen niet zomaar een nieuwe diepvriezer bijzetten", zegt Spitaels. "Ook onze software staat onder druk, omdat er zoveel meer mensen op het platform zijn."

Dat extra werk wordt verzet door hetzelfde team als twee maanden geleden. Op het kantoor werken negen mensen, drie mensen zijn voltijds aan de slag in de keuken en daarnaast is er een poule van vijftien mensen, van wie er altijd drie aan de slag zijn in de keuken. "We zijn een overhead- en geen projectbusiness", zegt Jeroen Spitaels. "Ons team op kantoor moet daardoor niet evenredig groeien met het aantal klanten. Of er nu veel klanten bijkomen, maakt voor onze marketingmanager geen verschil uit. Haar werk blijft hetzelfde. Onze voedingsproductie is wel afhankelijk van het aantal klanten. We hebben nu dubbel zoveel mensen in de keuken staan als twee maanden geleden."