Rond je veertigste begint de mentale aftakeling, geen fijne gedachte. Ik geloof er niet echt in, mijn immer optimistische zelf buigt deze gedachte algauw om in een positief verhaal. Ik geloof dat er gaten in de geest vallen, sommige connecties gaan verloren en daardoor ontstaat er ruimte in ons brein. Wat kan ik genieten van het feit dat ik in gesprekken plots vaststel dat een wiskundige formule of een geschiedkundig feit aan mijn geest onttrokken werd. Niet weten is een luxe, het biedt ons de ruimte om geactualiseerde kennis te verwerven, in mijn geval bij voorkeur actiegericht en vooral met focus op evolutie.
...

Rond je veertigste begint de mentale aftakeling, geen fijne gedachte. Ik geloof er niet echt in, mijn immer optimistische zelf buigt deze gedachte algauw om in een positief verhaal. Ik geloof dat er gaten in de geest vallen, sommige connecties gaan verloren en daardoor ontstaat er ruimte in ons brein. Wat kan ik genieten van het feit dat ik in gesprekken plots vaststel dat een wiskundige formule of een geschiedkundig feit aan mijn geest onttrokken werd. Niet weten is een luxe, het biedt ons de ruimte om geactualiseerde kennis te verwerven, in mijn geval bij voorkeur actiegericht en vooral met focus op evolutie. Vanuit die behoefte ontstaan nieuwe vriendschappen. Mijn voorliefde voor kunst en cultuur beschouw ik als deels aangeboren, gelouterd door het leven. Twee mensen die me daarbij inspireren zijn de hedendaagse kunstenaars Koen Vanmechelen en Frederik De Wilde. Beiden streven ze in hun vakgebied naar perfectie. Hun werk situeert zich op de kruising van wetenschap, technologie en kunst. Mijn kennismaking met het werk van Koen dateert van enkele jaren geleden. Ik werd onmiddellijk gegrepen door de intensiteit van zijn boodschap: diversiteit is een noodzaak en versterkt het individu en de samenleving. Het heeft me geholpen mijn positie in de samenleving beter te begrijpen. Toen hij me enkele maanden geleden vroeg een videoboodschap in te spreken voor de opening van zijn 'Open University of Diversity', was ik niet enkel vereerd maar vooral benieuwd naar mijn bescheiden analyse van diversiteit. Zou ze in lijn liggen met mijn eigen ideologie of zou ik vaststellen dat mijn professioneel bestaan ermee conflicteert? Zou ik met andere woorden de kortetermijnagenda kunnen overstijgen en accepteren dat mijn opdracht mogelijks haaks staat op de noden van het grotere geheel. Diversiteit ontstaat enkel wanneer gedachten, organismen, culturen en ideologieën vermengen, uiteraard met respect voor de plaats waar dat gebeurt, in harmonie met het ecosysteem dus. De plaats is daarbij bepalend. De beste curry eten we in Thailand en nergens smaakt een hutsepot zo lekker als thuis bij de mama. En toch genieten we allen van de lokale Thai of een vleugje Vlaamse keuken tijdens een reis door pakweg British Columbia. Lijkt dat vreemd? Toch niet, we maken namelijk het onderscheid tussen de plaats waar we zijn en de beleving ervan. Dat brengt ons bij de essentie: diversiteit als perspectief voor globalisering of voor lokale verankering? In een gezond georganiseerde sociale samenleving versterken de actoren elkaar. Kennis en middelen worden gedeeld met als doel het verbeteren van de gemiddelde welvaart. Op dat punt is globalisering een goede zaak. De informatiemaatschappij maakt het mogelijk draadloos kennis te verspreiden en andere ecosystemen er zichzelf mee te laten versterken. Op dat vlak is het werk van Frederik De Wilde baanbrekend. Hij gebruikt technologie en wetenschap om superkleine systemen te bouwen die hij vanop afstand en in cluster kan aansturen. De zogenaamde minirobots zijn te vergelijken met een mierenkolonie, er heerst een strikte orde en iedereen kent er zijn taak in het grotere geheel. Frederik maakt in zijn onderzoek graag en veelvuldig gebruik van spitstechnologie en combineert die met de basismechanismen uit de natuur. Naast zijn werk als kunstenaar is hij ook een schakel tussen het internationale academische onderzoek en de industriële implementatie ervan. Dat is volgens mij een perfecte invulling van diversiteit. Koen creëert de grondfilosofie van een vernieuwende diverse samenleving en Frederik reikt mogelijkheden aan om er ook daadwerkelijk oplossingen voor te bouwen. En ik? Wel, ik open mijn geest voor deze twee uitzonderlijk getalenteerde mensen, ondersteun hen daar waar mogelijk, en tracht hun onderzoek te valoriseren en er welvaart mee te creëren. En zo zie je maar, beleidsmensen die blind blijven voor deze onmisbare samenlevings- en systeemactoren richten de maatschappij en uiteindelijk ook zichzelf ten gronde. Nooit had ik durven te vermoeden dat kunst en cultuur zo belangrijk waren voor de toekomst van de volgende generaties en de samenleving. De auteur is CEO van Melotte en oprichter van Innocrowd.MARIO FLEURINCKDiversiteit is een noodzaak en versterkt het individu en de samenleving.