De Bouwkroniek bestaat 75 jaar. Tijd voor een terugblik.
...

De Bouwkroniek bestaat 75 jaar. Tijd voor een terugblik. Al 75 jaar meet het weekblad De Bouwkroniek de polsslag van de Belgische (Vlaamse) bouwsector. Doorheen goede tijden en slechte tijden bleef het blad zijn roeping trouw. De Bouwkroniek is klaar voor de 21ste eeuw. STAMBOOM.De Bouwkroniek is een familiegebeuren. Meer nog : de huidige directeur is een kleinzoon én een naamgenoot van stichter Leo Van Hoorick. Die richtte het blad in 1921 op als tegenhanger van het Franstalige La Cronique Rouge, dat later van naam en kleur veranderde en La Cronique Jaune werd. Leo Van Hoorick de oude was een oud-militair die voor Het Laatste Nieuws schreef. Vanaf 1922 wijdde hij zich uitsluitend aan zijn blad, zijn levenswerk. In 1930 richtte hij ook zijn eigen drukkerij op, oorspronkelijk met als enig doel De Bouwkroniek te drukken. Later begon de drukkerij ook voor derden te werken. Momenteel zijn onder meer het Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor de Bouw (WTCB), de Bosbouwmaatschappij, de gemeente Denderleeuw, L'Echo des Bois en Action 25 er klant. De vijf drukkers werken nog twee dagen aan De Bouwkroniek en besteden de rest van hun tijd aan externe drukopdrachten. De Bouwkroniek zag het abonneebestand door de jaren heen geleidelijk stijgen. Momenteel telt het blad een 10.000-tal abonnees : grote en kleinere aannemers die elk hun reden hebben om het blad te kopen. De groteren voor de openbare aanbestedingen, de kleineren onder meer voor de lijsten met bouwvergunningen en voor de referteprijzen. De openbare aanbestedingen worden ook in een bijlage van het Staatsblad gepubliceerd, maar De Bouwkroniek biedt de lezers de service van een overzichtelijk klassement : de aanbestedingen staan er gerangschikt per provincie, per soort werk, per datum en zelfs per uur.Voorts publiceert het blad balanstotalen, geprotesteerde wissels, lijsten met nuttige gegevens en een redactioneel gedeelte. Al kreeg dit laatste volgens Leo Van Hoorick de jonge niet altijd de aandacht die het verdiende. Aanvankelijk (net na de oprichting) vormden de teksten de hoofdmoot, om later steeds stiefmoederlijker te worden behandeld en de voorbije jaren een herwaardering door te maken. De komst van een nieuwe hoofdredacteur ( Marc Depraetere) en een columnist ( Zander) moeten in deze context worden gezien. CONCURRENT.Het ging De Bouwkroniek echter niet altijd voor de wind. Tijdens de oorlogsjaren verscheen het blad gedurende een korte periode niet. En enkele jaren geleden werd even gevreesd voor de gezondheid van het blad toen de Nationale Confederatie van het Bouwbedrijf (NCB) besliste haar eigen gratis blad ("Het Bouwbedrijf") in een luxueuze uitvoering bij de NCB'ers te brengen. De gesprekken over een verregaande samenwerking tussen Het Bouwbedrijf en De Bouwkroniek waren toen net afgesprongen. De vrees om weggeduwd te worden, bleek echter voorbarig. Het aantal abonnees bleef niet alleen op peil, er was zelfs sprake van groei.Vraag blijft natuurlijk hoe kritisch een blad dat zijn voortbestaan dankt aan de bouwsector, zich kan uitlaten ? "Kritischer in elk geval dan het NCB-blad," antwoordt Leo Van Hoorick. "Wij zijn en blijven tenslotte onafhankelijk. En we nemen ook erg vaak het bouwbeleid in Vlaanderen en België op de korrel."Feit is dat het vakblad na 75 jaar ontegensprekelijk een plaats heeft veroverd. En dat het niet van plan is die plaats de komende jaren af te staan. Integendeel zelfs, als we Leo Van Hoorick mogen geloven. Al plant hij geen spectaculaire veranderingen of opvallende overnames. "De Bouwkroniek is een financieel erg gezonde onderneming. En dat willen we zo houden. We blijven bij onze core-business. Van ons hoef je geen zijstappen te verwachten. De komende jaren zullen we alleen de nieuwe technologieën trachten op te nemen in het productieproces. Momenteel werken we aan een eigen site op internet. Met onze 10.000 abonnees voor een vakblad zijn we een buitenbeentje op de Belgische tijdschriftenmarkt, en dat willen we zo houden." GEERT WELLENSLEO & JAN VAN HOORICK Buitenbeentjes op de Belgische tijdschriftenmarkt.