Als een kat op een heet zinken dak, met dank aan Tennessee Williams. Heet is het in elk geval als we in de Poolse hoofdstad Warschau neerstrijken. Op de Grote Markt heeft de brandweer voor een watervernevelaar gezorgd: jongeren lopen door frisse waterstralen om af te koelen. Zelf zoeken we soelaas op hoger niveau: op enkele van de meest markante daken van de hoofdstad.
...

Als een kat op een heet zinken dak, met dank aan Tennessee Williams. Heet is het in elk geval als we in de Poolse hoofdstad Warschau neerstrijken. Op de Grote Markt heeft de brandweer voor een watervernevelaar gezorgd: jongeren lopen door frisse waterstralen om af te koelen. Zelf zoeken we soelaas op hoger niveau: op enkele van de meest markante daken van de hoofdstad. Roofhopping, we hadden nog nooit van gehoord, maar het lijkt wel logisch: geen beter plan om een panoramisch zicht op een stad te krijgen dan vanuit vogelperspectief. We starten bij het 208 meter hoge Paleis voor Wetenschap en Cultuur. De Polen vergeten liever dat dit majestueus-pompeuze gebouw een cadeau van Stalin was en hebben het verbloemend over 'het Paleis'. We nemen de snelste lift van Polen, knikken vriendelijk naar een nors en nogal apathisch uitziende liftbediende die duidelijk te weinig zonlicht ziet, en schieten met een rotvaart naar de dertigste verdieping. Daar lopen we rond op het 'viewing platform' op 114 meter hoogte. Van hieruit hebben we een fantastisch uitzicht op de twee miljoen zielen tellende Poolse hoofdstad. Het grootste deel van de stad ligt aan de westelijke oever van de Vistula. Ten oosten van de rivier ligt het meer trendy stadsdeel Praga. Vlak bij de Stalintoren zien we een nieuw kantoorcomplex uit de grond kruipen, met dank aan toparchitect Daniel Libeskind: zijn Zlotatower zal vooral dure appartementen herbergen. Ook Norman Foster liet hier een architecturale stempel achter, met zijn blinkende opera. Terwijl we met de flitslift weer naar beneden schieten, horen we dat de Polen de enorme toren als een vergiftigd geschenk van Stalin zagen en het gebouw daarom wilden afbreken. Dat was te duur en vandaag zitten er vooral kantoren in de eens zo naar communisme ruikende profane kathedraal. Vlak bij het verrassend modern ogende centraal station klimmen we op een hop-on hop-offbus. Op de dakverdieping voelen we de rijwind als verkoeling aan. We cruisen door de stad en leren Warschau kennen als verrassend jong, modern, proper en ondernemend. Overal rijzen nieuwe gebouwen uit de grond. Of het om realistische vastgoedprojecten of immobubbels gaat, moet de nabije toekomst uitwijzen. Voorbij het standbeeld van de Poolse astronoom Copernicus en langs de oever van de Vistula bromt de toeristenbus ons terug tot aan de rand van de Oude Stad. Warschau kreeg serieus wat Duitse bommen over zich heen tijdens de Tweede Wereldoorlog, en dus is het meeste van wat je hier als historisch erfgoed kan bezoeken, het resultaat van jaren meticuleus restauratiewerk. Naast de Sint-Annakerk - vooral beroemd om haar prachtig orgel, en dus het toneel voor heel wat klassieke muziekconcerten - staat de campanile. Via een draaitrapje komen we op ons tweede dak terecht. Vanop ongeveer dertig meter hoogte kunnen we de vele andere kerken in ons opnemen. Polen is een aartskatholiek land, en dat zal je bij een bezoek aan Warschau geweten hebben. Achteraan in het panorama ligt de wijk die vroeger het getto van Warschau vormde: zowat 300 hectare groot. Hier liet Roman Polanski in 2002 grote delen van zijn 'The Pianist' filmen. Voor de Tweede Wereldoorlog telde Warschau zo'n 380.000 joden. In heel Polen waren dat er 3,5 miljoen. Precies omdat Polen zo veel joden telde, beslisten de Duitsers veel van hun kampen in Polen te bouwen: een staaltje van gruwelijke efficiëntie. Vandaag wonen er in Warschau nog amper 3000 joden. Weer beneden proeven we snel van een Koreb, een lokaal en kruidig biertje, en lopen dan het ietwat pompeuze vijfsterrenhotel Bristol binnen, vlak naast het koninklijk paleis waar Chopin zijn eerste publieke pianoconcert speelde. Het dak van het Bristolhotel kan privé worden afgehuurd: wij doen dat ook, in stijl, met een glas prosecco. De warme wind die over de daken raast, kan ons nauwelijks verkoeling bezorgen. Het Bristol-dak is bijzonder geliefd bij zakenlui die na een dag vergaderen graag op eenzame hoogte een blik op de stad werpen. We nippen van een tweede glas en zien op de achtergrond hoe de Stalintoren ons afgunstig aankijkt. Het mooiste dak van Warschau krijgen we als laatste etappe in onze roofhopping voorgeschoteld: het is het dak van de universiteitsbibliotheek. De ultramoderne bibliotheek van de Poolse architect Marek Budzynski is niet alleen aan de binnenkant spectaculair. Het dak heeft een enorme tuin, alles goed voor meer dan anderhalve hectare dakgroen. We struinen over het dak, verpozen, ruiken aan kruiden, laten onze blik over de rest van de stad glijden. Node komen we terug op de begane grond. In het gezellig drukke restaurant U Kucharzy, 'Bij de chef', eten we trendy visgerechten. Obers lopen af en aan door het clean-witte restaurant met open keuken. Warschau kan origineler zijn dan kool-met-aardappel-met-worst. Vanop de daken is die originaliteit ons tastbaar duidelijk geworden. AART DE ZITTERGeen beter plan om een panoramisch zicht op een stad te krijgen dan vanuit vogelperspectief.