Bij Carrefour en Delhaize zorgen zelfstandig uitgebate winkels al voor meer dan de helft van de omzet. De groeiende populariteit van franchising is het gevolg van een andere trend. In de mature Belgische distributiemarkt worden vooral kleinere buurtwinkels- en buurtsupermarkten gebouwd. Ook veel grotere supermarkten worden door zelfstandigen uitgebaat, maar dat is geen groeisegment. Goede locaties voor grotere vestigingen zijn schaars geworden. Maar bovenal zijn de kleinere winkels een antwoord op een evolutie bij de klanten. Door de vergrijzing en de verstedelijking ruilt een groeiende groep klanten de wekelijkse grote shoppingtrip met de auto in voor een paar maal per week boodschappen doen in een kleinere buurtwinkel.
...

Bij Carrefour en Delhaize zorgen zelfstandig uitgebate winkels al voor meer dan de helft van de omzet. De groeiende populariteit van franchising is het gevolg van een andere trend. In de mature Belgische distributiemarkt worden vooral kleinere buurtwinkels- en buurtsupermarkten gebouwd. Ook veel grotere supermarkten worden door zelfstandigen uitgebaat, maar dat is geen groeisegment. Goede locaties voor grotere vestigingen zijn schaars geworden. Maar bovenal zijn de kleinere winkels een antwoord op een evolutie bij de klanten. Door de vergrijzing en de verstedelijking ruilt een groeiende groep klanten de wekelijkse grote shoppingtrip met de auto in voor een paar maal per week boodschappen doen in een kleinere buurtwinkel. Met uitzondering van de harddiscounters Aldi en Lidl werken de ketens voor die kleinere formules meestal met aangesloten ondernemers. Zelfstandigen baten al meer dan 2000 winkels uit in de Belgische voedingsdistributie. Daar zullen er nog een pak bij komen. Zo nam de investeringsmaatschappij Groep Heylen onlangs Prima over, een formule voor zelfstandige buurtwinkels. Zowel Colruyt Groep als Carrefour kocht vestigingen van de diepvriesketen O'Cool om nieuwe locaties te hebben voor hun Spar- en Carrefour Market-filialen. Beide ketens zijn sterke groeiers en werken ook grotendeels met aangesloten ondernemers. "Het marktaandeel van franchising schommelt al een aantal jaar rond 30 procent", zegt Chris Opdebeeck van het gespecialiseerde onderzoeksbureau Marketingmap. "Dat het niet meer is, komt door de snelle groei van Colruyt Groep, vooral door de gelijknamige winkels en door de uitrol van het kleinere Okay. Beide formules zijn in eigen beheer. Toch is franchising erg belangrijk geworden, in het bijzonder voor Delhaize en Carrefour. Na Colruyt Groep zijn dat de grootste twee supermarktketens in België. Zelfstandige uitbaters waren bij beide goed voor meer dan de helft van de omzet in 2012. Wellicht zal dat aandeel zelfs nog toenemen." In eigen beheer zijn kleinere winkels moeilijk rendabel te krijgen, onder meer door de aanhoudende prijsdruk. Het afgelopen jaar besloot Delhaize zijn eigen City-winkels om te vormen tot Proxy Delhaizes, die door zelfstandige uitbaters worden beheerd. Die kleinere stadswinkels kunnen tegen lagere kosten werken. Ze vallen onder een goedkoper paritair comité en kunnen flexibeler werken, waardoor langere openingsuren en zondagshifts rendabeler kunnen zijn. De uitbaters werken meestal ook zelf mee in de winkel. "Het draait niet alleen om lagere kosten", zegt Luc Ardies van ondernemersorganisatie Unizo. "Een lokale ondernemer die voelt zijn buurt en het plaatselijke cliënteel gewoon veel beter aan." In vergelijking met andere retailsegmenten hebben zelfstandige uitbaters in de voedingsdistributie vaak meer autonomie. "Het is belangrijk die ondernemers te respecteren", bevestigt Roel Dekelver van Delhaize. "Ze krijgen bijvoorbeeld de vrije keuze om het assortiment aan te vullen met lokale producten of voor het vlees met een plaatselijke slagerij samen te werken. Voor de producten die ze via ons aankopen, zijn er adviesprijzen. Ze zijn niet verplicht die te volgen." Toch is franchising meer dan een loutere relatie tussen een ondernemer en een aankoopcentrale. "Vaak wordt uit het oog verloren dat een franchisegever voor meer instaat dan enkel voor de aankoop en de logistiek", zegt Dirk Depoorter van Spar. "Het gaat om een doorgedreven samenwerking. De aangesloten ondernemers krijgen veel ondersteuning, onder meer financieel, voor het inrichten van hun zaak en voor marketing en promotie. De franchisenemers betalen daar ook een vergoeding voor." Zelfstandig uitgebate winkels hebben daardoor wel meestal lagere marges dan winkels in eigen beheer. Die laatste zijn meestal veel groter en kunnen ook meer schaalvoordelen uitspelen. Zeker de kleinere buurtwinkels in de stadskernen kijken ook ondanks lagere personeelskosten tegen een andere handicap aan. Hun locaties zijn vaak duurder. Bovendien staan de marges voor zelfstandige winkeliers nog meer onder druk door de aanhoudende concurrentie. Vooral dat laatste baart Unizo zorgen. "Sinds het uitbreken van de financiële crisis in 2008 zien zelfstandige uitbaters hun rendabiliteit dalen. Ondertussen zou zich dat wat weer hebben hersteld bij sommige ketens. Het blijft onze vrees dat zelfstandige uitbaters in de toekomst vooral de lasten en de risico's dragen, maar die investeringen niet genoeg meer terugverdienen. De enige manier om in zo'n situatie nog voldoende rendement te halen, is bijkomende vestigingen openen. Dat vergt weer zware inspanningen", zegt Ardies. De rendabiliteit is niet de enige rem op de expansie via franchising. Er zijn kandidaten genoeg, maar de financiële instellingen zijn veeleisender voor nieuwe dossiers. "Zonder startkapitaal is het moeilijker geworden voor starters", vertelt Depoorter. "Banken vragen extra garanties. Soms vragen ze erg hoge borgstellingen of moet de franchisenemer mee in het bad. Uiteindelijk komt het meestal wel goed, maar het proces verloopt moeizamer." Voor starters is het ook moeilijker geworden het vastgoed in eigen bezit te hebben. De financiering daarvoor is vaak niet meer te dragen. Nochtans is een eigen pand erg belangrijk voor zelfstandige winkeliers. Het is hun appeltje voor de dorst en het versterkt hun onderhandelingspositie met de franchisegever. Als ultieme stok achter de deur kan een ontevreden franchisenemer overstappen naar een andere formule. Daarom proberen ketens meer en meer de controle te krijgen over het vastgoed. Als een concurrerende keten dan een aangesloten uitbater afsnoept, blijft de locatie tenminste binnen de keten. Ketens hebben nog mogelijkheden om te verhinderen dat een franchisenemer gemakkelijk kan overstappen. Zo leggen ze meestal andere looptijden en einddata vast voor de verschillende overeenkomsten, bijvoorbeeld voor de huur van het vastgoed en de belevering. Zo hangt een franchisenemer altijd via een of ander contract vast aan een formule. De aansluitingsovereenkomsten bevatten bovendien vaak clausules die het overstappen bemoeilijken. Unizo wijst daarom op het belang van goede onderhandelingen over de overeenkomsten. De franchisenemer moet zich goed informeren. Wettelijk gezien, moet een ondernemer een maand voor de ondertekening het contract ter inzage krijgen. Uit onderzoek blijkt dat sommige ketens niet op de hoogte zijn van die wettelijke verplichtingen. Nochtans is die wet al sinds 2006 van kracht. De ondernemersorganisatie pleit daarom voor initiatieven om die informatieplicht beter bekend te maken. STIJN FOCKEDEY"De vrees blijft dat zelfstandige uitbaters in de toekomst vooral de lasten en de risico's dragen, maar die investeringen niet genoeg meer terugverdienen" Luc Ardies, Unizo