De legendarische Barcelona-stoel, die Ludwig Mies van der Rohe in 1929 creëerde voor het Duitse paviljoen op de Expo in de Catalaanse hoofdstad, was al meer dan 20 jaar 'oud' toen de Amerikaanse verdeler van hedendaagse meubelen Knoll in 1952 zijn eerste meubelwarenhuis opende in Brussel. Dat gebeurde aan de Kruidtuin, tegenover het huidige Rijksadministratief Centrum. De Barcelona, toen al een klassieker, troonde er op de ereplaats te midden van andere prestigieuze objecten. Voor de nationale markt werd de befaamde stoel bekleed door de vermaarde Belgische lederwarenfabrikant Delvaux.
...

De legendarische Barcelona-stoel, die Ludwig Mies van der Rohe in 1929 creëerde voor het Duitse paviljoen op de Expo in de Catalaanse hoofdstad, was al meer dan 20 jaar 'oud' toen de Amerikaanse verdeler van hedendaagse meubelen Knoll in 1952 zijn eerste meubelwarenhuis opende in Brussel. Dat gebeurde aan de Kruidtuin, tegenover het huidige Rijksadministratief Centrum. De Barcelona, toen al een klassieker, troonde er op de ereplaats te midden van andere prestigieuze objecten. Voor de nationale markt werd de befaamde stoel bekleed door de vermaarde Belgische lederwarenfabrikant Delvaux.Behalve een paar grote namen zoals Charles en Ray Eames of architect Frank Lloyd Wright, was hedendaags designmeubilair in de loop van deze eeuw vooral een zaak van Europeanen. De Amerikaanse firma Knoll vormt een notoire uitzondering op die regel, maar toch moet haar voorgeschiedenis eveneens gezocht worden op het oude continent. Hans Knoll was immers een immigrant van Duitse oorsprong. Na zijn huwelijk met Florence Schust in 1946, richtte hij samen met haar Knoll Associates op. Florence,die zelf ontwerpster was, gaf erg eigentijdse impulsen aan de onderneming door her en der productierechten op te kopen en door een beroep te doen op bekwame designers. Als oud-leerlinge van Mies van der Rohe wist ze de productielicentie te bemachtigen voor onder meer de Barcelona en de Brno.Mevrouw Knoll was ook een oud-klasgenote van de beeldhouwer Harry Bertoia, aan wie ze vroeg een lijn van stoelen en fauteuils in ijzerdraad te ontwerpen. Die groeiden trouwens uit tot een van de grote successen van het merk sinds 1952.Ook andere grote namen uit de design- en architectuurwereld zijn verbonden met de onderneming; in de eerste plaats Eero Saarinen en zijn legendarische Tulp-tafels en -stoelen uit 1956.Al die modellen behoren nu tot de collecties van industrieel design in de grootste musea ter wereld, samen met andere Knoll-projecten getekend Richard Sapper, Ettore Sottsass of Frank O. Gehry.Het mottovan Florence Knoll luidde: "Good design is good business." Zelf ontwierp ze trouwens eveneens sublieme modellen voor haar merk. En ook vandaag nog blijkt haar slogan te kloppen. Men kan echter niet beweren dat Knoll zich toespitst op een grote hoeveelheid nieuwe projecten: nieuwigheden verschijnen slechts mondjesmaat in de sector van het woningmeubilair. In het segment van de kantoormeubelen daarentegen, op dit ogenblik goed voor 75% van de jaaromzet (949 miljoen dollar in '98), zien we wel een gestage opeenvolging van nieuwigheden.Michel Bethout van Knoll Europa beweert dat men, door een product van de Studio-lijn te kopen, "een brok cultuur en beschaving in huis haalt." En dat is helemaal correct. Wie in Parijs komt, moet beslist eens gaan kijken in restaurant Le Vivarois (Avenue Victor Hugo 192, Paris XVI, tel. 01/45.94.04.31). Sinds 30 jaar worden daar de heerlijkste gerechten opgediend te midden van creaties die Eero Saarinen maakte voor Knoll; een lust voor het oog. Dichter bij huis, bij de Belgische verdeler In Store, kan men het werk bewonderen van Bertoia, Mies van der Rohe en Saarinen.In Store: Ten Boschstraat 90-92 in 1050 Brussel, tel. (02) 344.96.37, fax (02) 347.59.59.SERGE VANMAERCKE