Vorig jaar was er een gevoelige daling merkbaar van de particuliere kapitaalstroom naar de ontluikende markten. Volgens het Internationaal Muntfonds ( IMF) vloeide in 1997 nog slechts 173,7 miljard dollar particulier kapitaal naar - vooral - Azië, Latijns-Amerika en Oost-Europa. In 1996 was dat nog 240 miljard dollar.
...

Vorig jaar was er een gevoelige daling merkbaar van de particuliere kapitaalstroom naar de ontluikende markten. Volgens het Internationaal Muntfonds ( IMF) vloeide in 1997 nog slechts 173,7 miljard dollar particulier kapitaal naar - vooral - Azië, Latijns-Amerika en Oost-Europa. In 1996 was dat nog 240 miljard dollar. Oorzaak van de terugval is de crisis in Azië. De invoer van particulier kapitaal naar Azië verschrompelde van 110 miljard dollar in 1996 tot nauwelijks 13,9 miljard dollar in 1997. Opmerkelijk is dat het kapitaal, in zijn zoektocht naar veiliger oorden, andere ontluikende economieën links liet liggen. De situatie ziet er dus anders uit tegenover 1994, toen investeerders tijdens de Mexicaanse peso-crisis het kapitaal dat ze uit Latijns-Amerika terugtrokken, overwegend in Oost-Europa en Azië investeerden. Op die manier werd in 1994 de totale kapitaalstroom naar de groeimarkten maar heel miniem aangetast.De tussenkomst van overheidsinstanties als het IMF compenseerde in 1997 enigszins de schade, opgelopen door de uitstroom van privé-kapitaal. Zo kon Azië in 1997 rekenen op 35,4 miljard dollar. Vooral danzij het IMF bleef de totale kapitaalstroom naar de ontluikende economieën min of meer gehandhaafd op 202,7 miljard dollar in 1997 tegenover 231,1 dollar in 1996. Ruim een kwart daarvan werd als reserve opzijgezet, de rest werd aangewend om de tekorten op de lopende rekening te financieren.Een analyse van de verschillende componenten van die kapitaalstroom levert enkele opmerkelijke vaststellingen op:De stroom directe buitenlandse investeringen - met 138 miljard dollar in 1997 de belangrijkste component - laat zich niet zo makkelijk van de wijs brengen. Het fel geplaagde Azië kon in 1997 op evenveel directe buitenlandse investeringen (57 miljard dollar) rekenen als in 1996.Des te volatieler gedroegen zich de portfolio-beleggingen en vooral de internationale bankleningen. Via buitenlandse banken werd in 1996 nog 76 miljard dollar in de ontluikende economieën gepompt, terwijl in 1996 7,3 miljard dollar in omgekeerde richting vloeide. Het contrast is het sterkst in de door de crisis getroffen Aziatische landen: van een instroom van 39,9 miljard dollar in 1996 naar een uitstroom van 35,4 miljard dollar vorig jaar.Deze vrije en ongecontroleerde instroom van bankleningen die terechtkwam in een zwak lokaal banksysteem moest wel tot ongelukken leiden in Azië, geeft het IMF nu toe. Daarom vindt de IMF het ook geen slecht idee om er meer op toe te zien dat er met dit volatiele kapitaal verstandig wordt omgesprongen. Een belasting op de instroom bijvoorbeeld zou de bokkensprongen temperen en de lokale financiële sector de tijd geven zichzelf te herstructureren. Het IMF merkt ook op dat de uitstroom van kapitaal al lang voor de crisis op gang was gekomen.International Capital Markets, International Monetary Fund, Washington DC, September 1998