Al van toen hij assistent was van Ozu in 1949, liep Imamura met plannen rond om de roman van Ango Sakaguchi te verfilmen. Niet alleen Sakaguchi's ontluisterende visie op het imperialistische Japan tijdens de Tweede Wereldoorlog sprak Imamura aan. Hij voelde zich vooral aangetrokken door het hoofdpersonage Dokter Akagi, in wie hij zijn vader - ook een arts - terugvond.
...

Al van toen hij assistent was van Ozu in 1949, liep Imamura met plannen rond om de roman van Ango Sakaguchi te verfilmen. Niet alleen Sakaguchi's ontluisterende visie op het imperialistische Japan tijdens de Tweede Wereldoorlog sprak Imamura aan. Hij voelde zich vooral aangetrokken door het hoofdpersonage Dokter Akagi, in wie hij zijn vader - ook een arts - terugvond. Dr. Akagi werd door zijn dorpsgenoten aanzien als een pittoreske figuur. Bij elke zieke constateert Akagi (alias Dr. Lever) geelzucht. Zijn onverbiddelijke strijd tegen het hepatitisvirus draait uit op een gevecht tegen windmolens. In de manier waarop Akagi, met zijn hoedje op, in zijn wit kostuum en de tas in de hand geklemd, van de ene patiënt naar de andere rent, heeft hij iets weg van Buster Keaton. Vooral in de entourage van Akagi herkennen we de maker van: The Insect Woman, Vengeance is Mine, The Profound Desire of the Gods, De Ballade van Narayama en The Eel. Naast een uitgerangeerde monnik, een ontsnapte Nederlandse krijgsgevangene en een aan morfine verslaafde collega-arts, neemt het hoertje Sonoko zowel in het verhaal als in het leven van Akagi een belangrijke plaats in. In bijna al zijn films komt de prostituee voor. Voor Imamura is ze eerlijker en oprechter dan wat hij kent uit de witteboordenmentaliteit van de doorsnee-Japanner. Imamura heeft altijd de zelfkant van de maatschappij belicht, zij het steeds met veel humor en tederheid. Hij is geïnteresseerd in passies - zowel seks als moord.In Kanzo Sensei is Akagi gebiologeerd door zijn vorserswerk naar de oorzaak van het hepatitisvirus. Hij sublimeert zijn seksuele drift in zijn werk. Van haar kant sublimeert Sonoko haar drift in een platonische liefde voor Akagi door afstand te doen van haar cliënteel. Beiden vinden elkaar pas in de lyrische eindsequens van de film. Nadat Akagi zich uiteindelijk door Sonoko's sensuele lijf heeft laten verleiden, duikt de naakte Sonoko in het klinische groene water achter de walvis. Het silhouet van de walvis vloeit samen met de paddestoelwolk van de atoombom op Hiroshima, waar Akagi een grote gezwollen lever in ziet. Akagi's levenswerk is nog niet ten einde. Afgaande van de vitaliteit, de humor en de gedrevenheid waarmee Kanzo Sensei de toeschouwer inpalmt, is de laatst overgebleven grootmeester van de naoorlogse Japanse cinema op zijn tweëenzeventig jaar ook nog niet uitgepraat.Piet Goethals