Geheime commissielonen ondergaan in de vennootschapsbelasting een loeizware belasting van 309 %. Die belasting en het geheime commissieloon zelf zijn in de vennootschapsbelasting wel als beroepskosten aftrekbaar. Gelukkig maar. Anders zou de kostprijs ervan nog veel astronomischer proporties aannemen. Een vennootschap die een geheim commissieloon van 100 euro betaalt, heeft daarvoor vandaag 409 euro nodig: 100 euro om het geheime commissieloon te kunnen betalen en 309 euro om de bijzondere belasting daarop te voldoen.
...

Geheime commissielonen ondergaan in de vennootschapsbelasting een loeizware belasting van 309 %. Die belasting en het geheime commissieloon zelf zijn in de vennootschapsbelasting wel als beroepskosten aftrekbaar. Gelukkig maar. Anders zou de kostprijs ervan nog veel astronomischer proporties aannemen. Een vennootschap die een geheim commissieloon van 100 euro betaalt, heeft daarvoor vandaag 409 euro nodig: 100 euro om het geheime commissieloon te kunnen betalen en 309 euro om de bijzondere belasting daarop te voldoen. Soms is de kostprijs veel lager. De minister van Financiën heeft immers in bepaalde gevallen de bevoegdheid om de bijzondere aanslag van 309 % te vervangen door een mildere belasting, waarvan het tarief nooit minder dan 20 % mag bedragen. Een van de voorwaarden luidt dat het moet gaan om (normaal gezien, buitenlandse) sectoren waar het verstrekken van geheime commissielonen tot de dagelijkse praktijk behoort. Met dien verstande dat de ministeriële bevoegdheid niet geldt als de geheime commissielonen worden betaald voor het verwerven of behouden van overheidsopdrachten of van administratieve vergunningen. Of de minister dikwijls van die bevoegdheid gebruikmaakt, is een goed bewaard geheim. Feit is dat vennootschappen die van deze uitzonderingsregeling gebruik kunnen maken, een belangrijk voordeel genieten. In het beste geval kost het geheime commissieloon dat zij uitbetalen geen 409 euro (zoals in de normale regeling), maar slechts 120 euro (100 euro geheim commissieloon plus 20 %, ook hier als beroepskosten aftrekbare belasting, daarbovenop). Dure 'omkoping'. Deze fiscale regeling voor geheime commissielonen wordt straks drastisch verscherpt. De oorzaak ligt bij de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO). Die neemt het niet dat sommen die aan 'omkoping' worden besteed in België nog altijd als beroepskosten aftrekbaar kunnen zijn. Het antwoord van de Belgische wetgever is tweevoudig. Ten eerste verliest de minister van Financiën zijn bevoegdheid om het tarief van de bijzondere aanslag op geheime commissielonen in sommige gevallen te verlagen. Ten tweede zullen de sommen die aan 'omkoping' worden besteed, nooit meer als beroepskosten aftrekbaar zijn. Althans voor zover het gaat om 'openbare of particuliere omkoping in België', of om 'openbare omkoping van buitenlandse of internationale ambtenaren'. Alleen 'privéomkoping' in het 'buitenland' ontspringt de dans. Klap op de vuurpijl: de sommen die aan omkoping worden besteed, zullen niet alleen niet meer als beroepskosten aftrekbaar zijn, ze blijven ook onderworpen aan de bijzondere geheimecommissielonenaanslag. Die combinatie maakt dat 'omkoopsommen' nog veel duurder worden dan gewone geheime commissielonen. Als een vennootschap een 'gewoon' geheim commissieloon uitbetaalt van 100 euro, heeft ze daarvoor in totaal 409 euro nodig. Betreft het sommen die aan 'omkoping' worden besteed, dan stijgt de factuur naar iets meer dan 460 euro: 100 euro 'omkoopsom', iets meer dan 51 euro gewone vennootschapsbelasting op de gebruteerde winst waaruit de omkoopsom wordt betaald, en 309 euro bijzondere geheimecommissielonenbelasting. In de rechtspersonenbelasting (van toepassing op vzw's en dergelijke) zullen omkoopsommen op een ongeveer gelijke wijze worden belast. Omdat er hier geen sprake is van aftrekbare beroepskosten, zullen zij om te beginnen onderworpen worden aan 33,99 % 'gewone' belasting en daarbovenop nog eens 309 % bijzondere belasting. Een 'omkoopsom' van 100 euro zal hier dus in totaal (100 + 33,99 + 309=) 442,99 euro kosten. Met dien verstande dat niet alle rechtspersonen aan deze adembenemende belasting onderworpen worden. De meeste overheidsinstellingen ontspringen de dans, waaronder ook de 'openbare kerkelijke instellingen' (zoals kerkfabrieken). Milder. Alleen in de personenbelasting heerst een milder fiscaal klimaat. Daar worden 'omkoopsommen', zoals gewone geheime commissielonen, enkel als beroepskosten verworpen. Zij ondergaan ook niet nog eens een bijzondere aanslag. Een 'omkoopsom' of een gewoon 'geheim commissieloon' van 100 euro kost daar - rekening houdend met een marginaal tarief van maximaal 50 % en een aanvullende gemeentebelasting van bijvoorbeeld 8 % - 'slechts' iets meer dan 206 euro (abstractie gemaakt van de impact van eventuele sociale bijdragen). Cynisch zou men dan ook kunnen besluiten, dat wie nog overweegt om personen om te kopen, dat - louter fiscaal bekeken - best doet als natuurlijke persoon, en niet vanuit een vennootschap of andere rechtspersoon. Het kost dan minder dan de helft. Gevangenis. Let wel, de fiscale sanctie is slechts één aspect van het verhaal. Wie zich schuldig maakt aan openbare of privéomkoping in België, of aan openbare omkoping van buitenlandse of internationale ambtenaren, riskeert niet alleen een zware fiscale opdoffer, maar mag bovendien gaan brommen. Het gaat immers om strafrechtelijk bestrafte misdrijven. De nieuwe fiscale regeling treedt in werking op de dag dat de nieuwe wet in het Belgisch Staatsblad verschijnt. Jan Van Dyck