Bij mooi weer doen vervangmaaltijden, dieetboeken en vermageringsmiddelen het uitzonderlijk goed. Mensen geloven liever een complexe vermageringstheorie, die succes belooft zonder honger, dan zich te wagen aan een analyse van hun eetgewoonten. Voor u zich op het Atkins- of bloedgroependieet stort of een lading vloeibare vervangmaaltijden aanschaft, denkt u beter twee keer na. Wie goed gemotiveerd is, zal met elk dieet snel wat gewicht verliezen, maar die verloren kilo's komen er na het stopzetten van het dieet in een mum van tijd weer bij. Dat is de enige garantie van diëten: op termijn verandert er niets. Eenzijdige voeding, calorieën tellen, bepaalde combinaties vermijden: op de duur steekt het allemaal tegen.
...

Bij mooi weer doen vervangmaaltijden, dieetboeken en vermageringsmiddelen het uitzonderlijk goed. Mensen geloven liever een complexe vermageringstheorie, die succes belooft zonder honger, dan zich te wagen aan een analyse van hun eetgewoonten. Voor u zich op het Atkins- of bloedgroependieet stort of een lading vloeibare vervangmaaltijden aanschaft, denkt u beter twee keer na. Wie goed gemotiveerd is, zal met elk dieet snel wat gewicht verliezen, maar die verloren kilo's komen er na het stopzetten van het dieet in een mum van tijd weer bij. Dat is de enige garantie van diëten: op termijn verandert er niets. Eenzijdige voeding, calorieën tellen, bepaalde combinaties vermijden: op de duur steekt het allemaal tegen. Welk theorie u volgt, doet er overigens niet toe. Recent Amerikaans onderzoek liet geen spaander heel van de beloftes over duurzame effecten van grote dieettheorieën genre Atkins, Ornish en Montignac. De effecten van de uiteenlopende diëten zijn perfect vergelijkbaar en de honger is even groot. Of u nu bepaalde combinaties vermijdt, veel of weinig koolhydraten eet, veel of weinig proteïnen verorbert, het doet er niet toe. De werkelijkheid is heel simpel: wie meer eet dan hij nodig heeft, verdikt. Wie minder eet, vermagert. Dan maar sport? Vooral mannen hebben de neiging om zich vol overgave op sporten te storten als ze willen vermageren. Ook trappen ze makkelijker in de val van plaatselijk vermageren. Zo zijn sit-ups populair voor het ontwikkelen van een wasbordbuik. Sporten helpt natuurlijk, maar oefeningen die lokale lichaamscontouren veranderen, bestaan niet. Vetlagen zijn geen reservoirs die alleen de naburige spieren dienen: er bestaat geen rechtstreekse energielijn tussen beide. Brandstof voor de spieren wordt via het bloed aangevoerd en komt van overal in het lichaam. Buikspieroefeningen stimuleren wel de buikspieren, maar hebben geen invloed op de vetrolletjes die er net boven zitten. Natuurlijk verlies je met dergelijke oefeningen na verloop van tijd vet, maar evengoed vet op andere plaatsen, zoals de bovenarmen of de benen. Nog zo'n lachertje is de klassieke oefening voor stevige borsten: de handpalmen tegen elkaar drukken en dan herhaaldelijk borst- en armspieren spannen. Je wint er niets mee, tenzij pijnlijke armen. Veel sporten betekent evenmin dat u automatisch overtollig vet verliest. Alles hangt af van uw voedingsgewoonten. Wie na de sport op een terras of in de cafetaria blijft hangen en een paar biertjes drinkt, zal bedrogen uitkomen. Alcohol is erg calorierijk. In één gram alcohol zitten 7 kilocalorieën. Dat is bijna evenveel als in één gram vet (9 kilocalorieën) en zelfs meer dan in één gram suiker (4 kilocalorieën). Een glaasje wijn of bier is goed voor hart en bloedvaten, maar het blijft zelden bij één glas. Als alcohol een dagelijkse gewoonte wordt, en je bijvoorbeeld elke avond een flesje kraakt met z'n tweeën, dan moet je rekenen op 200 tot 300 extra calorieën per dag. Dat scheelt enkele kilo's op een jaar. Frisdrank staat bekend als dikmaker, maar wijn en bier worden vaak vergeten wanneer men calorieën telt. Nochtans bevatten alcoholische dranken ongeveer evenveel calorieën als cola of fruitsap. Is er dan helemaal niets aan te doen? Natuurlijk wel. Een goede start is het bijhouden van een dagboek waarin u opschrijft wat u allemaal eet, het liefst met vermelding van momenten en omstandigheden (stress, verveling, televisie...). Op die manier ontstaat er enig inzicht in de oorzaken van het probleem. Onderschatting van de werkelijke calorie-inname is de meest voorkomende oorzaak van overgewicht. Een andere belangrijke en vaak onderschatte aanleiding van overgewicht is stress. Uit verschillende onderzoeken blijkt dat stress de eetlust aan tafel verkleint, maar het impulsieve eetgedrag tussen de maaltijden door juist versterkt. Gestreste mensen eten minder groenten (ooit al eens een wortel gegeten als tussendoortje?), maar grijpen des te vaker naar zoete of hartige snacks. Dat gedrag doet zich zelfs voor bij laboratoriumdieren: vetten en snelle suikers schijnen een probaat middel tegen stress en angst te zijn. Dan is er nog een derde factor die veel gelijkenissen vertoont met stress: genotzucht. Ons eetgedrag wordt niet alleen bepaald door de energiebehoefte van ons lichaam, maar ook door onze hang naar geestelijk welzijn. Zo is tijdens een experiment gebleken dat er bij kunstmatige opzwelling van de maag gebieden in onze hersenen worden gestimuleerd die ook actief zijn bij de beleving van genot en de verslaving aan drugs. Het is theoretisch dan ook mogelijk dat de 'genotsprikkel' de 'energieprikkel' overstemt en compulsief snoepgedrag teweegbrengt. Sommige patiënten ervaren eten als een genot dat ze nergens anders kunnen vinden. Van alle vormen van kunstmatig geluk is eten maatschappelijk ook het meest aanvaard. De volgende keer dat u op het punt staat om iets te eten te pakken, moet u zichzelf eens dwingen om 10 seconden te wachten en u af te vragen: heb ik echt wel trek? Of heb ik gewoon goesting in iets lekkers? Ook boosheid, frustratie en verveling kunnen ons ertoe aanzetten om een zak chips leeg te eten. Onze gemoedsgesteldheid heeft een grotere impact op ons eetgedrag dan we denken. (T) (*) DE AUTEUR IS ARTS EN HOOFDREDACTEUR VAN BODYTALK. Marleen.finoulst@bodytalk.be Door Marleen Finoulst*