Op de vingers getikt door EU
...

Op de vingers getikt door EUThe Wall Street Journal Europe meldde vorige week dat de Europese Commissie Interbrew op de vingers heeft getikt. De Leuvense brouwer probeerde parallelle import van zijn producten tegen te houden. De Franse accijnzen op bier zijn lager dan de Belgische accijnzen, zodat sommige Interbrew-bieren goedkoper zijn in Frankrijk dan hier. Dat prijsverschil uitspelend, bieden vlugge jongens in ons land Interbrew-bieren aan onder de marktprijs. Volgens de EU-Commissie wou Interbrew de consumenten verhinderen om bier te kopen bij deze alternatieve leveranciers, wat neigt naar misbruik van een economische machtspositie. Navraag leert dat de discussie draait rond een bericht over deze zaak in de nieuwsbrief van het directoraat-generaal Concurrentiebeleid. "De inhoud van dat bericht strookt niet volledig met de werkelijkheid," zegt de woordvoerder van Interbrew vaag. "De onderhandelingen met de EU-Commissie om de afspraken te verfijnen, zijn volop bezig." De woordvoerder van EU-commissaris voor Concurrentiebeleid Karel Van Miert is iets uitvoeriger : "Maanden geleden al waren we overeengekomen dat Interbrew zijn maatregelen voor het tegenhouden van de parallelle import moest veranderen. In de nieuwsbrief stond echter het Franse supprimer, wat intrekken betekent. Daarover is Interbrew gestruikeld. Voor ons blijft het akkoord van enkele maanden geleden gewoon bestaan." Wat in dat akkoord staat, en welke de Interbrew-maatregelen waren, wil geen van de betrokkenen kwijt. De verschillen tussen accijnzen en BTW-voeten op bier in de verschillende EU-lidstaten zijn aanzienlijk. Op pils bijvoorbeeld bedraagt in Duitsland de accijns 348 frank per hectoliter en de BTW 17,5 %, in Frankrijk is dat 380 frank en 20,6 %, in Nederland 862 frank en 17,5 % en in België 708 frank en 21 %. "Een bierhandelaar kiest de markt met de laagste accijns, exporteert het bier op papier naar dat land en betaalt er ginder in het beste geval accijns op," legt Jan De Brabanter, woordvoerder van de Confederatie der Brouwerijen van België (CBB) uit. "In werkelijkheid kan hij het bier eender waar verkopen in het zwart, bijvoorbeeld op de Belgische markt. Dat werkt concurrentievervalsend, wat spanningen onder de bierhandelaars veroorzaakt. Daarmee is de brouwer als leverancier niet gediend." Hoeveel hectoliter bier in het alternatief circuit verzeilt, kan De Brabanter niet zeggen. "De brouwers kunnen er weinig tegen doen, tenzij vragen om een fiscale harmonisatie van de accijnzen," aldus De Brabanter. "Het vrij verkeer van goederen bemoeilijkt de controle, en bovendien zijn er zoveel accijnsplichtige bierhandelaars dat de administratie er geen zicht meer op heeft."