Ten noorden van Antwerpen, vlak over de Belgisch-Nederlandse grens, staat in een grote fabriekshal de productiefste boerderij ter wereld. Met een productiecapaciteit van bijna 10.000 ton eiwitten per hectare per jaar is ze meer dan 3000 keer rendabeler dan een doorsneesojaveld. Dat komt niet door het een of andere genetische gemanipuleerde gewas of met steroïde opgefokte kweekdieren. De grote opbrengst is te danken aan een heel klein diertje, de zwarte wapenvlieg, een tropische vlieg die normaal niet voorkomt in onze contreien. De larven van de zwarte wapenvlieg zijn een uitzonderlijk rijke bron aan eiwitten, vetten en bepaalde microvoedingsstoffen.
...

Ten noorden van Antwerpen, vlak over de Belgisch-Nederlandse grens, staat in een grote fabriekshal de productiefste boerderij ter wereld. Met een productiecapaciteit van bijna 10.000 ton eiwitten per hectare per jaar is ze meer dan 3000 keer rendabeler dan een doorsneesojaveld. Dat komt niet door het een of andere genetische gemanipuleerde gewas of met steroïde opgefokte kweekdieren. De grote opbrengst is te danken aan een heel klein diertje, de zwarte wapenvlieg, een tropische vlieg die normaal niet voorkomt in onze contreien. De larven van de zwarte wapenvlieg zijn een uitzonderlijk rijke bron aan eiwitten, vetten en bepaalde microvoedingsstoffen. In Bergen-op-Zoom worden ze op massale schaal gekweekt bij Protix in 's werelds grootste insectenkwekerij. Oprichter en CEO Kees Aarts noemt het beestje liever bij zijn Engelse naam: black soldier fly. "Kortweg BSF, wat bij ons staat voor bright sustainable future", legt hij uit. Duurzaamheid is de belangrijkste reden waarom Kees Aarts tien jaar geleden begon met de insectenkweek voor voeding. "Het idee is ontstaan tijdens een duikreis die me met de neus op de effecten van de overbevissing drukte", vertelt hij. Met uitzondering van enkele walvishaaien ervoer hij het onderwaterleven als kaal en levenloos. "Er moeten oplossingen komen voor die overbevissing en we moeten de oceanen en de natuur meer met rust laten." Het idee dat insecten daarin een rol konden spelen, is achteraf gezien logisch, zegt Aarts. "Waarom eten bijna alle dieren insecten wanneer ze jong zijn, snel moeten groeien en hun immuunsysteem moeten ontwikkelen? Omdat het hoogwaardige, eiwitrijke voedingsbronnen zijn. Het is een enorm rijke grondstof en we hebben er nooit iets mee gedaan." Hij gaf zijn baan op bij de consultant McKinsey, overtuigde een collega ervan hetzelfde te doen, en samen zetten ze plannen op om met de kweek van insecten de verduurzaming van ons voedselsysteem een duw in de rug te geven. "Dat systeem put grondstoffen uit, vervuilt de bodem en waterlopen, en beschadigt het milieu. Dat moet worden omgegooid naar een circulair, verrijkend en opwaarderend systeem." "De eerste vijf jaar kon je moeilijk spreken van een volwaardig bedrijf. Het was meer een project om te kijken of er op termijn een bedrijf van te maken viel", vertelt hij. Ondertussen toont hij foto's van de experimentele kweekopstellingen uit die beginperiode. De eerste opstelling stond in een kamertje van 3 bij 2 meter, dat gevuld was met grote plasticbakken. Daarna bouwden ze stalen kooien waar de larven zelf uit konden kruipen. De oprichters hebben ook een tijdje in een kleine stal op een boerenerf gewerkt, waar de varkensmest tot voedsel voor de larven werd opgewaardeerd. Uit al die probeersels is het concept voor de huidige fabriek ontstaan. "We hebben de levenscyclus van de vlieg doorgrond en daaromheen de beste technieken gevlochten. Zo hebben we de meest productieve verticale boerderij ter wereld kunnen bouwen", aldus Kees Aarts. Daarin worden de larven in metershoge gestapelde groene plasticbakken gekweekt op voedselresten. Omdat het een tropische vlieg is, is het broeierig heet en vochtig in de fabriekshal. 1 procent van de larven groeit uit tot vliegen, die op hun beurt opnieuw eitjes leggen en zo de cyclus in gang houden. De rest van de larven wordt in koud water gewassen, wat ze meteen verdoofd, en verwerkt in machines tot eiwitpoeder en vloeibare vetten. "Dat proces is van a tot z geautomatiseerd en datagedreven. We beheren alle in- en outputs, van het energieverbruik en de luchtvochtigheid tot de kwaliteit van de eitjes, de larven en de insecten", legt Kees Aarts uit. Een bijkomend obstakel in de beginperiode van Protix was dat er geen wettelijk kader bestond dat insectenkweek toeliet voor voedingsmiddelen en veevoer. "Dat zo'n kader ontbrak, was voor ons bijzaak, maar het moest er wel komen", zegt Kees Aarts. Daarvoor wendde hij zich tot de Europese regelgevers in Brussel. "Wij hebben het economische en ecologische potentieel aangetoond en uitgelegd dat er geen risico's zijn voor de voedselveiligheid en de volksgezondheid. We hebben ook een Europese vereniging voor insectenkweek opgezet. Daarop heeft de regelgever er een Europees wettelijk kader voor voorzien. Dat is een Europees succesverhaal." "Protix groeit hard, van 35 werknemers vijf jaar geleden naar 140 nu. De omzet steeg in 2020 met zo'n 400 procent naar 7 miljoen euro", zegt Kees Aarts. Behalve schaal is innovatie een belangrijke strategische pijler voor Protix. Het heeft meer dan dertig patenten geregistreerd bij het Europees Patentenbureau, onder meer voor kweekopstellingen, verwerkingsmachines en kwaliteitssystemen. "Daarmee hebben we onze technologische en operationele voorsprong beschermd. Als andere bedrijven onze technologie gebruiken, betalen ze ons daar royalty's voor. Dat zorgt voor een extra inkomensstroom. Dat biedt onze investeerders ook de nodige zekerheid", legt de oprichter uit. In 2010 haalde Protix in een eerste kapitaalronde 5 miljoen euro op. In 2017 volgde een grotere ronde met 45 miljoen euro. In februari kwam daar nog 15 miljoen euro bij. "Wij zijn geen technologiebedrijf dat producten via een appwinkel verkoopt en zo enorm snel kan groeien. Wij moesten eerst de wetgeving mee op poten zetten, de industrie neerzetten, de prijzen bepalen ¬ eigenlijk de hele markt ontwikkelen. Voor elke fase heb je een andere type investeerder nodig. Ondertussen hebben we een solide basis van rustige investeerders", vertelt Kees Aarts. Hij verwacht dat insecten vooral een rol als grondstof in veevoer en voeding zullen spelen. De geroosterde krekel zal niet het massaproduct worden dat consumenten inruilen voor een zak chips. Maar de eiwitten, de vetten en andere voedingsstoffen uit insecten kunnen elders een belangrijke rol spelen. "Ze kunnen in alle delen van het voedselsysteem nuttig zijn. Het zijn nieuwe grondstoffen die duurzame ketens in het voedingssysteem mogelijk maken", legt Kees Aarts uit. "Onze producten worden gebruikt voor onder andere eieren, garnalen en vissen. Daarmee ondersteunen wij de verduurzaming van de waardeketens in de vlees- en vissector." De insectenkweek kan ook helpen om de Europese voedselafvalberg te verkleinen. Jaarlijks wordt in de Europese Unie 90 miljoen ton voedsel weggegooid. Een derde daarvan kan worden gerecupereerd voor de insectenkweek, berekent het International Platform of Insects for Food and Feed (IPIFF), de Europese vereniging voor insectenkweek. Het IPIFF verwacht de komende tien jaar een sterke groei van de insectensector. In 2019 werd in Europa 500 ton op insecten gebaseerde grondstoffen geproduceerd. Tegen 2030 zal dat maal 500 gaan, tot meer dan 250.000 ton per jaar. Ook het aantal Europeanen dat insecten eet, zal naar verwachting de hoogte ingaan, van 9 miljoen tot meer dan 300 miljoen binnen tien jaar.