Bij ons is Sebastiaan Hooft (43) een nobele onbekende. In Nederland is hij een van de invloedrijkste techondernemers. In vijftien jaar stond hij mee aan de wieg van twintig bedrijven, waarvan de elektronicawebwinkel Centralpoint de bekendste is. Hooft veroverde een plaats op de lijst van succesvolste selfmade ondernemers onder de veertig van het zakenblad Quote. Maar op een dag in 2009 werd hij wakker op de afdeling intensieve zorgen. Hij was zowel fysiek als mentaal gecrasht. "Ik at niet meer, ik dronk niet meer, ik sliep niet meer."
...

Bij ons is Sebastiaan Hooft (43) een nobele onbekende. In Nederland is hij een van de invloedrijkste techondernemers. In vijftien jaar stond hij mee aan de wieg van twintig bedrijven, waarvan de elektronicawebwinkel Centralpoint de bekendste is. Hooft veroverde een plaats op de lijst van succesvolste selfmade ondernemers onder de veertig van het zakenblad Quote. Maar op een dag in 2009 werd hij wakker op de afdeling intensieve zorgen. Hij was zowel fysiek als mentaal gecrasht. "Ik at niet meer, ik dronk niet meer, ik sliep niet meer." Hooft, die onlangs in Antwerpen was als spreker op het technologiefestival SuperNova, besefte in het ziekenhuis dat hij zijn leven als rocksterondernemer niet kon voortzetten. "Ik was mijn eigen graf aan het delven. Het enige wat ik deed, was werken. Alles wat ik deed, stond in het teken van de groei van mijn bedrijven. Echt plezier beleefde ik daar niet aan, het was een verslaving. Ik wist dat ik het roer moest omgooien en besloot een gelukkig leven te leiden. Ik heb mijn bedrijven verkocht, de opbrengst schonk ik aan goede doelen en ik ben de wereld rond gaan reizen." Hooft zocht daarbij het antwoord op twee vragen. "Eén: hoe kon ik de eerste periode van mijn ondernemerschap zo succesvol zijn? Twee: hoe kon ik mezelf zo om zeep helpen? Daarna bekeek ik welke ondernemers ik kende en welke ondernemers ik wilde kennen. Het was niet zo moeilijk bij hen binnen te raken, ook niet in Silicon Valley. Ik had in alle magazines en kranten gestaan als succesvolle ondernemer. En aangezien ik keihard op mijn bek was gegaan, vonden ze het ook interessant met mij te praten. Dat liep goed. Meestal was er binnen de tien minuten een klik." "Ik vroeg de ondernemers: 'Succesvol ondernemen, hoe doe jij dat nou?' Ik kwam erachter dat iedere ondernemer met dezelfde problemen kampt. Als 'entrepreneur in residence' bij de Nyenrode Business Universiteit kreeg ik de kans die elementen te ontwikkelen in een academische structuur, zodat ik er de nodige body aan kon geven. Daarover heb ik dan een boek geschreven en dat was mijn cursus. Het werd een eenvoudig, licht boekje dat je in een paar uurtjes uitleest." De vijf pijlers voor duurzaam ondernemerschap die Hooft ontwikkelde, komen erop neer dat je moet vertrekken van een goed businessidee, dat je een team mentoren, adviseurs en medewerkers om je heen moet verzamelen, dat je planmatig moet werken, moet zorgen voor de juiste mensen en middelen, en tot slot dat je voldoende aandacht moet besteden aan je gezondheid. "Je mag best wel rijk worden, maar daarnaast moet je werken aan je levenskwaliteit. Die boodschap hoor je voortdurend op conferenties en je leest erover in magazines, maar als ik om tien uur 's avonds op de start-upaccelerator van Rockstart in Amsterdam kom, zit drie kwart van de deelnemers nog achter zijn computer. Daar stel ik me echt vragen bij. Je leert het ook niet op school, want levenskwaliteit is in geen enkel onderwijsprogramma opgenomen. En hoe meet je levenskwaliteit? Niemand geeft daarop een antwoord." "Hoe ik er zelf op zou antwoorden? Wakker worden met een gelukkig gevoel. Hoe ik dat meet? Elke morgen bespreek ik dat met mijn vriendin. Ze vraagt er ook naar. Als ik twee of drie ochtenden op rij wakker word en me niet zo top voel, gaan we kijken waar dat aan ligt. Vaak is dat omdat we te laat naar bed zijn gegaan of ongezond hebben gegeten. Drie, vier avonden na elkaar op pad gingen, champagne hebben gedronken, na twee uur in bed lagen. Voor mij is het belangrijk dat ik die rode vlaggen onmiddellijk herken en meteen ingrijp: op tijd naar bed, voldoende groentesapjes, niet te veel Netflix. Nog een weekje doorgaan tot dit of dat project is afgerond, of misschien nog een maandje, dat werkt niet voor mij." "Je rode vlaggen bepalen is niet eenvoudig. Had ik ze herkend in de periode voordat het misging, dan had ik het veel verder kunnen schoppen als ondernemer. Maar ik stond er letterlijk alleen voor. Ik dacht echt: ik ben de beste. De manier waarop ik de zaken aanpakte, was de beste. Dat wilde ik niet veranderen, want ik bevond me in een geweldige comfortzone en werd daarin alleen maar bevestigd. Iedereen kwam toch naar mij toe? Alleen door gigantisch tegen de muur te lopen, raakte ik er weer uit. Ik ben mijn eigen mislukking." "In de fase daarvoor, als je nog niet in je comfortzone zit ingebakken, moet je hopen dat je iemand tegenkomt zoals ik, die je zegt: 'Verzamel nu eens vier, vijf mensen om je heen die je op onafhankelijke basis verder helpen in het leven, als ondernemer en als mens.' Bouw checks in, meet hoe het met je gaat - niet alleen financieel, maar ook emotioneel. Je moet natuurlijk realistische doelen stellen. Denk in kleine stapjes. Als je niet extreem rijk bent, kun je niet weten of je daar gelukkig van wordt." Hooft raadt iedereen aan mentors te zoeken die bij hen passen. "Gesteld dat je geld hebt gespaard en je wilt een hamburgerzaak in je buurt opstarten. Je kunt dan naar Richard Branson bellen en zeggen: 'Hey, Richard, ik begin een hamburgerzaak om de hoek. Volgens Sebastiaan Hooft heb ik een mentor nodig. Wil jij dat worden?' Wellicht krijg je hier een enorme mismatch." "Je kunt beter zoeken naar de meest succesvolle horecaondernemer in jouw stad en hem bellen. 'Hoe pakte jij de zaken aan? Waar liep jij tegenaan? Wat zou jij mij adviseren?' Misschien komt hij met tips waaraan je zelf niet dacht. Als je hamburgerzaak goed loopt en je opent er twintig, en dan nog eens twintig, en je zit in zeven landen, misschien is het dan tijd om Richard Branson te bellen en te vragen: wat nu?" Volgens Hooft moet een ondernemer de helft van zijn tijd aan netwerken besteden. "Een van mijn grootste mislukkingen was dat ik alleen maar werkte, werkte, werkte. Alles wilde ik zelf doen. Ik vergat goede mensen om me heen te verzamelen. Ik wierf wel geschikte medewerkers aan, maar zij konden me niet de juiste feedback geven. Zij waren van mij afhankelijk, omdat ik hen elke maand een salarisstrookje gaf en geld aan hen overmaakte." "Ook familie en vrienden zijn geen goede mentoren. Met hen heb je een andere band. Dat zijn de mensen die onvoorwaardelijk van je houden en zij moeten die rol vervullen. Het is een foute strategie als je partner iemand wordt met wie je eens om de zoveel tijd een mentorgesprek gaat houden om je zakelijk op het juiste pad te houden. Natuurlijk mag je de zaak met elkaar bespreken. Je vraagt hoe het met elkaar gaat, maar je partner als coach of consultant beschouwen, is geen goed idee." Waarom zou je als ondernemer überhaupt tijd spenderen aan het mentoren van anderen? "Je haalt er ook zelf inspiratie uit. Zelf wil ik alleen de mentor zijn van mensen die me prikkelende vragen stellen. Daardoor ga ik dat mentorschap ook niet als werk beschouwen. Als ik een professionele mentor zou zijn, moet daar een professioneel businessmodel achter zitten en dan zou ik naar mijn gevoel geen onafhankelijk advies meer kunnen geven." "Kijk, toen ik begon als mentor voor start-ups, vond ik alle contacten leuk. Na vier jaar werd ik vermoeid van telkens weer dezelfde vragen te horen. Het werd steeds lastiger mij te prikkelen. Als je voor de honderdste keer hoort: 'Ik wil eigenlijk wel ondernemen, maar ik zit vast in een goed betaalde baan. Hoe moet ik dat doen?' Tja, dan denk je: daar heb je die vraag weer. Je moet de mentor zijn van mensen die bij jouw ontwikkelingsfase passen. 'We zitten met ons bedrijf in acht landen, hoe gaan we naar twintig?' is voor mij een prikkelende vraag. Als je een mentor kiest, moet je goed uitzoeken in welke fase jouw expert zit. En misschien kom je er ook achter dat je in het begin een mooie synergie had, maar dat je op een gegeven moment afscheid moet nemen." "Het leuke aan vragen over mentorschap is vaak dat je aan het einde van een sessie als interviewer zelf iets leert door de vragen die je stelt." Of Hooft tijdens dit interview ook iets heeft opgestoken? "Zeker, dat ik het meten van mijn gezondheid niet altijd doe en het niet goed genoeg doe. Daaraan besteed ik voortaan meer aandacht. Dank je wel, dus."