Je hebt toch altijd bepaalde verwachtingen, als je een auto goed kent en dan voor het eerst in zijn opvolger stapt. Je verwacht altijd iets beter dan wat je kende, zelfs als dat al heel goed was, maar toch ook een vertrouwde tint. En dan, als je instapt, begint het spelletje: je toetst je ervaring aan de nieuwe omgeving en bijbehorende sensatie.
...

Je hebt toch altijd bepaalde verwachtingen, als je een auto goed kent en dan voor het eerst in zijn opvolger stapt. Je verwacht altijd iets beter dan wat je kende, zelfs als dat al heel goed was, maar toch ook een vertrouwde tint. En dan, als je instapt, begint het spelletje: je toetst je ervaring aan de nieuwe omgeving en bijbehorende sensatie. Hoewel, in dit geval begon dat toetsen al voor we instapten: de nieuwe CR-V, derde generatie al, ziet er helemaal anders uit dan zijn voorganger. Minder barok, minder hoekig. Minder terreinwagen, ja. Niet zo stoer meer, maar met meer vloeiende contouren. Minder lyrisch uitgedrukt, door een economische en marktstrategische bril bekeken: ze hebben het helemaal begrepen, die kerels bij Honda. Dat het klassieke publiek voor dit soort auto's eigenlijk helemaal geen terreinwagen wil, maar eentje die er zo uitziet. En die zich ondertussen perfect gedraagt als een klassieke gezinswagen. Toegegeven, eentje waarmee je desgevallend wel eens een besneeuwde helling op kunt, daarvoor zorgt de vierwielaandrijving. De derde generatie van de Honda CR-V heeft inderdaad een gedaanteverwisseling ondergaan. Design, comfort en luxe komen nu op de eerste plaats. En pas daarna is er het aspect terreinwagen. Nog maar eens anders gesteld: de succesformule die dit marktsegment tot een zinderend succes kneedde. Trouwens, over succes gesproken: potten heeft de CR-V in deze snel gewassen niche nooit gebroken. En dat komt dan weer omdat hij geen dieselmotor heeft die voor onze contreien fiscaal interessant is. De Honda CR-V moet vooral scoren op de Amerikaanse markt, en in Japan liggen ze niet meteen wakker van de verkoopcijfers op die nietige vlek in Europa, genaamd België. Vandaar dat er geen CR-V is met een 1.9 diesel, zelfs geen tweeliter. Het neemt niet weg dat de 2.2, die we konden testen, een heerlijke krachtbron is. Stil en krachtig, best zuinig ook, we bleven met behoorlijk wat Ardense klimwegen netjes onder de acht liter. En schoon, want de deeltjesfilter is standaard. Honda doet zijn reputatie als motorenbouwer alweer alle eer aan. Ook over de wegligging geen kwaad woord. De CR-V komt standaard trouwens met elektronische systemen die de stabiliteit van het geheel en van een eventuele aanhangwagen moeten garanderen. En, terug naar de bron: hij ziet er nu niet alleen uit als een moderne gezinswagen, een soort hoog opgeschoten break, maar voelt ook zo aan. Heel romig in rijgedrag, en behoorlijk wat binnenruimte. We namen de proef op de som en reden er een heel eind mee weg, vier volwassenen aan boord met twee behoorlijk grote koffers en ook nog eens twee racefietsen in de koffer geduwd. Weliswaar met het voorwiel eruit geschroefd, ja, maar het paste er allemaal in. Daarvoor zorgt een kofferruimte van 524 liter. En, over de koffer gesproken: de klep klapt nu naar boven open in plaats van opzij. Ieder zijn smaak, maar een keuze die we alvast toejuichen. Een opzij scharnierende achterklep is niet altijd handig als je ze geparkeerd in de stad moet openen. MOTOR: 2204 cc; vermogen 140 pk (103 kW) bij 4000 opm en max. koppel 345 Nm bij 2000 opm. Er is ook een 2.0 l benzinemotor van 150 pk en 192 Nm. prestaties: acceleratie van 0 naar 100 km/u in 10,2 sec; topsnelheid 187 km/u. Milieu (gr CO2/km): 173 g/km Testverbruik (l/100 km): 7,9 l. Instapprijs: 28.440 euro + Heel aangename reiswagen - 2.2 l is enige en dus kleinste diesel Jo Bossuyt