Zo'n veertig jaar geleden was een 250 cc motorfiets een middenklasser; wie een 500 cc'er had, reed met een zware motor. Tegenwoordig is een 500 cc'er een instapmodel en tel je pas mee als je een motor met een cilinderinhoud van 1000 cc hebt.
...

Zo'n veertig jaar geleden was een 250 cc motorfiets een middenklasser; wie een 500 cc'er had, reed met een zware motor. Tegenwoordig is een 500 cc'er een instapmodel en tel je pas mee als je een motor met een cilinderinhoud van 1000 cc hebt. Maar moet je altijd met een zware of halfzware machine de weg op of kan een lichte motor ook plezier en praktische mobiliteit opleveren? Het aanbod aan wegmotoren in die categorie is in ieder geval beperkt. Honda bracht in het modeljaar 2004 de CBF250 uit; Suzuki heeft een 250 cc custom bike, de VL250; Kymco brengt de 250 Venox (ook een cruiser) op de markt; Hyosung biedt niet alleen de Comet GT 250 (een sportieve motor) aan, maar ook de Aquila GV250 (een cus-tom). Wij reden met Honda's CBF250, een ééncilinder kwartliter met 20 pk vermogen. De andere motoren in het wegaanbod zijn twins met enkele pk's meer. Vergeleken met een 125 cc'er heb je met deze CBF250 iets méér motorfiets en is een snelheid van 120 kilometer per uur op de autoweg aan te houden. Dan heb je nog 2000 toeren over voor de wijzer in het rode gebied raakt. Maar een beetje tegenwind en een hellend vlak zorgen er toch al vlug voor dat de snelheidsmeter bij volgas daalt naar 110 kilometer per uur. Het geringe vermogen houdt ook in dat je veel moet schakelen en hoog in de toeren moet blijven. Beneden 5000 toeren zijn er niet veel pk's beschikbaar. Het komt erop aan de motor goed door te trekken naar 9000 toeren per minuut. Rustig bij 5000 toeren rijden, kan ook. Maar als je dan wil versnellen, moet je wel twee versnellingen terug om de machine weer op gang te brengen. De CBF ziet er sportief uit, maar oogt klein. Het gebruik van veel kunststof (voorspatbord, tankbeschermer, kontje) geeft de motor een plastic uiterlijk. Op zich geen probleem, want zo'n spatbord roest niet, in tegenstelling tot de metalen exemplaren uit het verleden. Maar daardoor voelt de motor minder stevig aan. Op de buitenweg is het plezierig rijden met de CBF, al voel je wel motortrillingen in de voetsteunen. Het lage gewicht maakt ook dat de machine heel wendbaar is - ideaal voor in de stad en voor woon-werkverkeer dus. Wel mag de voorrem wat meer beet hebben (maar misschien was dat euvel te wijten aan het nieuw zijn). In 2004 werden er een tachtigtal van deze motoren ingeschreven. Maar wie rijdt er nu precies met zo'n 250 cc'er? Kennelijk weet Honda dat zelf ook niet. Paul Tomanek, general manager van Honda Belgium, zei tijdens een persbijeenkomst vorig jaar de reactie te willen afwachten. De prijs is in ieder geval zeer interessant: 3700 euro. Dat is veel goedkoper dan de andere kwartliters op de markt: die variëren in prijs van 4190 euro (de Hyosung Comet) tot 4499 euro (de Suzuki VL250). Al blijf je met deze motor sowieso wat op je honger zitten: een beetje meer pit (lees: wat meer pk's) zou geen kwaad kunnen. Ad van Poppel