Nochtans is een hogere economische groei voor structurele problemen als de staatsschuld, de vergrijzing, en de te lage participatiegraad op de arbeidsmarkt een noodzakelijk onderdeel van elke ernstige oplossing. Zoals in de Verenigde Staten blijkt, loopt er zelfs een duidelijke lijn van hogere economische groei naar minder criminaliteit.
...

Nochtans is een hogere economische groei voor structurele problemen als de staatsschuld, de vergrijzing, en de te lage participatiegraad op de arbeidsmarkt een noodzakelijk onderdeel van elke ernstige oplossing. Zoals in de Verenigde Staten blijkt, loopt er zelfs een duidelijke lijn van hogere economische groei naar minder criminaliteit.De omgeving die de overheid creëert, is een erg belangrijke determinant van de relatieve groeiprestaties van een economie. Tot die omgevingsfactoren behoren elementen zoals de fiscaliteit, de infrastructuur, de efficiëntie en doorzichtigheid van de regulering, de administratieve rompslomp en de rechtszekerheid. Op geen van die punten scoort de regering-Verhofstadt echt goed. Wat vandaag echter al te makkelijk wordt vergeten, is dat ook de regeringen- Dehaene, waarvan Herman Van Rompuy deel uitmaakte, op dat vlak geen hoge ogen gooiden. En dat geldt zeker voor de fiscaliteit. Het excuus dat de sanering van de openbare financiën tijdens de jaren negentig absolute voorrang moest krijgen, snijdt geen hout. Andere landen, waaronder Ierland, toonden aan dat fundamentele ombuigingen in de publieke financiën perfect te rijmen vallen met een groeivriendelijk beleid. Het valt niet te ontkennen dat Herman Van Rompuy het evenwicht in de begroting tot stand bracht. Dat gebeurde echter vooral via belastingverhogingen en meevallers in de rente-evolutie. Van de uitgaven kunnen we in het beste geval zeggen dat de toename een beetje werd afgeremd _ wat je van de regering-Verhofstadt niet kunt beweren.Het is onmogelijk om een "groei-ondersteunend beleid in de diepte" te voeren zonder substantieel lagere belastingen. Wat de regering-Dehaene met de socialelastenverlichting voor werkgevers op gang bracht, valt daarom ook zeer toe te juichen. Die lastenverlaging maakt arbeid goedkoper, waardoor niet alleen de vervanging van arbeid door kapitaal minder intensief wordt, maar ook de absorptie van arbeid in het economische proces wordt gestimuleerd. Ook de belastingverlaging die minister van Financiën Didier Reynders ( PRL) onlangs nog eens uitgebreid onder de aandacht bracht, is om vergelijkbare redenen een stap in de goede richting. Het gaat echter om heel verdienstelijke aanzetten. Om de bakens écht te verzetten, moet er veel meer gebeuren. Ook de vennootschapsbelasting moet naar beneden. De regering wil een budgettair neutrale operatie: een lagere basisaanslagvoet compenseren door allerhande aftrekken te schrappen. Zo'n ingreep maakt vanuit maatschappelijk standpunt de belasting op ondernemingen allicht efficiënter, en is dus positief. Maar een algemene vermindering van de vennootschapsbelasting, liefst via het basisaanslagtarief, dringt zich op. Want waartoe leidt zo'n ingreep? Tot meer armslag voor succesvolle, want winstgevende, ondernemingen. Wie in dit verband over "cadeaus uitdelen" spreekt, is ofwel van slechte wil, ofwel bezig met een heel specifieke ideologische agenda, ofwel gewoon dom.Johan Van Overtveldt