'A beautiful mind' van regisseur Ron Howard heeft de oscar-race gewonnen: beste film, beste regisseur, beste vrouwelijke bijrol. Alleen Russell Crowe heeft voor de beste mannelijke hoofdrol als een verslagen gladiator in het zand gebeten.
...

'A beautiful mind' van regisseur Ron Howard heeft de oscar-race gewonnen: beste film, beste regisseur, beste vrouwelijke bijrol. Alleen Russell Crowe heeft voor de beste mannelijke hoofdrol als een verslagen gladiator in het zand gebeten. Het filmscenario is intussen geen geheim meer. John Forbes Nash Jr., briljant wiskundige, ondermijnt 150 jaar van economisch denken door zijn doctoraat over speltheorie; nadien werkt hij voor Landsverdediging en wordt schizofreen. Door zijn collega's zowat in de steek gelaten, geneest hij dankzij een insulinebehandeling, sterke medicatie en vooral de liefde van zijn vrouw Alicia. In 1994 krijgt hij een niet nader genoemde Nobelprijs; bij de aanvaarding ervan houdt hij een ontroerende speech: liefde overwint alles. Tot daar de film. Toen de bijbel werd verfilmd, merkte een criticus op "dat het boek beter was". De in 1998 verschenen biografie van John Forbes Nash Jr. van de hand van Sylvia Nasar is uiteraard niet beter dan de film, maar wel totaal anders. Het boek volgt zo waarheidsgetrouw mogelijk elke belangrijke stap in het leven van Nash. In de beste Hollywood-tradie neemt de film overduidelijk een loopje met de waarheid. En dan hebben we het niet over "details" als een formele ontkenning van Fortune dat Nash ooit op de voorpagina heeft gestaan, dat het fameuze Nash-evenwicht verkeerd wordt uitgelegd, of dat de film de hallucinaties zowat tien jaar te vroeg laat beginnen. Jacht op eeuwige roem. John Nash was een ingenieurszoon. Zijn vader bracht hem liefde voor wetenschap en techniek bij. Zijn moeder was een uitstekende leerkracht, een talent dat ze echter niet aan haar zoon heeft kunnen doorgeven. Als jongen knutselt Johnny bommen in mekaar, waarbij een vriendje zelfs het leven verliest. John ontpopt zich snel tot een eenzaat, een lastigaard, een pestjong en... een kei in wiskunde. Hij is graag origineel en vindt lessen volgen en boeken bestuderen veel te saai. Zijn doctoraat over het evenwicht tussen partijen die niet samenwerken was geen grootse wiskundige prestatie, maar wel erg origineel en met verregaande theoretische én - zoals jaren later bleek - praktische gevolgen. De miljarden euro telecombiedingen op de UMTS-licenties zijn een gevolg van het feit dat de overheid speltheoretici heeft geraadpleegd, en die hebben allemaal Nash gelezen. Nash streeft alleen grote persoonlijke roem na, en wil dat bereiken door de allermoeilijkste wiskundige problemen op eigen kracht, en op een originele manier, op te lossen. Uiteraard vindt hij daarbij geregeld het warm water opnieuw uit, maar soms zijn Nash' doorbraken in wiskundige creativiteit zo indrukwekkend dat hij algemeen erkend wordt als een zeer groot wiskundige. Een erkenning die voor Nash niet goed genoeg is. Hij wil erkend worden als "de grootste". Hij is alleen geïnteresseerd in eeuwige roem. Hij bevraagt zijn collega's of hij nu beroemder zal worden door probleem A, B of C op te lossen. Blijkt de eeuwige roem weggelegd voor wie C kan oplossen, dan kiest hij voor C, werkt erop met een nooit geziene concentratie en volharding en... lost het op. Nash is ervan overtuigd dat hij recht heeft op de grootste wiskundige onderscheiding, de vierjarige Fields-medaille. Wanneer die hem niet wordt toegekend, blijft hij daarover wrokkig voor de rest van zijn leven. Nash krijgt een baan bij de RAND-corporation, de wiskundige denktank van het ministerie van Defensie. Hij raakt immers niet benoemd aan de universiteit, omdat hij met iedereen ruzie maakt, zowat weigert les te geven, en ook traag publiceert. Intussen is zijn privé-leven een puinhoop. De film zwijgt zedig over het feit dat hij vader was geworden van een zoon bij een verpleegster, en daarbij elke verantwoordelijkheid weigert op te nemen. Hij geraakt betrokken bij homofiele schandaaltjes, vliegt buiten bij RAND, en wordt uiteindelijk toch opgevangen door de academische wereld. Anders stond hij op straat. Hij trouwt met Alicia, wordt opnieuw vader, en verwaarloost op onvoorstelbare wijze moeder en zoon. Dan breekt de paranoïde schizofrenie door, in principe niet te genezen en nauwelijks te stabiliseren. In mensentaal: Nash wordt knettergek. Zo schrijft hij tientallen brieven met als adres "De keizer van Antarctica". Er volgt een lijdensweg van al dan niet verantwoorde en pijnlijke behandelingen. Hij wordt door iedereen in de steek gelaten, inclusief door zijn vrouw, van wie men zich alleen kan afvragen hoe ze het zo lang heeft kunnen volhouden bij een kampioen van het egocentrisme. Door iedereen... behalve door de wiskundige academische gemeenschap, meestal beschreven als een krabbenmand van naijver. De superrationele wiskundigen dragen met een eindeloos geduld telkens opnieuw zorg voor een collega die hen zo vaak heeft vernederd en geminacht. Op de meest onverwachte wijze geneest Nash. Ondertussen is zijn doctoraal werk een van de meest geciteerde artikels in de speltheorie. In 1994 krijgt hij, na een nooit gezien getouwtrek, de Nobelprijs Economie. Hij is dan al meer dan dertig jaar van zijn vrouw gescheiden. Hij houdt helemaal geen liefdesspeech, wel een wiskundige lezing; hij sluit vrede met zijn vrouw (en is overigens vorig jaar opnieuw met haar getrouwd), en is diepgetroffen door het lot van zijn tweede zoon, die ook topwiskundige is geworden en... schizofreen.Alles onder één dak. Is het boek de moeite waard om te lezen? Absoluut, als u enige interesse hebt voor excentrieke genieën, en zeker als u inzicht wil krijgen in het gedrag van een topwetenschappelijke gemeenschap. Zo werkt échte kennisontwikkeling. Niet op bevel van een vijfjarenbeleidsplan, niet door steunpunten met objectieven en driejarenprogramma's. Wel door slimme en zeer gedreven wetenschappers onder één dak te huisvesten en er goed zorg voor te dragen. Is de film de moeite waard? Dat vraagt u beter aan een filmkenner. Hollywood vindt het alleszins schitterend. Marc Buelens [{ssquf}]De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School.Kennisontwikkeling krijg je niet op bevel van een vijfjarenbeleidsplan, niet door steunpunten met objectieven en driejarenprogramma's.