De rente blijft nog geruime tijd extreem laag. Dat hebben de Europese, de Britse, de Amerikaanse en de Japanse centrale banken bevestigd. Daardoor brengen spaarboekjes nauwelijks nog rendement op -- zo weinig zelfs dat de intresten de inflatie niet compenseren, waardoor de koopkracht van de spaarder daalt in plaats van toeneemt. Ook obligaties bieden geen soelaas, met hun lage rendementen en hun koersen die zeepbelniveaus hebben bereikt.
...

De rente blijft nog geruime tijd extreem laag. Dat hebben de Europese, de Britse, de Amerikaanse en de Japanse centrale banken bevestigd. Daardoor brengen spaarboekjes nauwelijks nog rendement op -- zo weinig zelfs dat de intresten de inflatie niet compenseren, waardoor de koopkracht van de spaarder daalt in plaats van toeneemt. Ook obligaties bieden geen soelaas, met hun lage rendementen en hun koersen die zeepbelniveaus hebben bereikt. Gelukkig biedt één categorie beleggingen wel een aantrekkelijk rendement: dividendaandelen. Heel wat Belgische bedrijven betalen een brutodividend van meer dan 4 procent -- of netto 3 procent, na aftrek van de roerende voorheffing van 25 procent. De belegger moet wel rekening houden met enkele risico's (zie tabel De voor- en nadelen van dividendaandelen). Beleggers kunnen met dividendaandelen -- en vooral met aandelen van bedrijven die hun winstuitkeringen geregeld optrekken -- een snel groeiende inkomensportefeuille opbouwen. Stel dat een spaarder 25.000 euro investeert in een dividendportefeuille die netto 3,5 procent opbrengt. Zijn dividendinkomen bedraagt dan 875 euro per jaar (25.000 x 3,5 %). Door dat bedrag telkens opnieuw te beleggen, kan hij zijn portefeuille na twintig jaar verdubbelen. Slaagt hij erin elk jaar 5000 euro toe te voegen aan die portefeuille, dan heeft hij na twintig jaar meer dan 190.000 euro en een jaarlijks dividendinkomen van 6700 euro. Het is belangrijk niet enkel aandelen te kopen van bedrijven die een hoog dividend betalen, het dividend moet ook houdbaar zijn. Aandelen van Europese telecombedrijven bijvoorbeeld bieden een hoog dividendrendement, maar door de dalende inkomsten uit internationale oproepen en sms'en dreigen ze hun winstuitkeringen te moeten verlagen. Een goede maatstaf voor de houdbaarheid van een dividend is de pay-outratio, die aangeeft hoeveel van de winst per aandeel wordt uitgekeerd. Als een onderneming 4 euro per aandeel winst maakt en 1 euro uitkeert, bedraagt de pay-outratio 25 procent (1 gedeeld door 4). Dat betekent dat het bedrijf een kwart van zijn winst uitkeert aan zijn aandeelhouders. Een pay-outratio onder 100 procent is een goed teken, en is die verhouding lager dan 50 procent, dan kan er ruimte zijn om het dividend te verhogen. Een payout-ratio boven 100 procent is mogelijk niet vol te houden. Naast de pay-outratio doen beleggers er goed aan te kijken naar de kasstromen. Die zijn terug te vinden in het jaarverslag van een onderneming. De operationele kasstroom -- de cash die voortkomt uit de dagelijkse activiteiten -- moet voldoende zijn om de vereiste investeringen, de intresten op schulden en het dividend te betalen. Kan een onderneming met haar operationele kasstroom nauwelijks haar vervangingsinvesteringen en verschuldigde intresten dekken, dan is er weinig ruimte voor een dividend. Wie merkt dat de onderneming moet lenen om een dividend uit te keren, doet er verstandig aan dat aandeel te mijden. Die praktijk verzwakt haar financiële toestand en is onhoudbaar. Ook de financiële schulden zijn een belangrijke graadmeter voor de houdbaarheid van een dividend. Hoe hoger de nettoschulden -- de financiële schulden op korte en lange termijn min de beschikbare cash -- in verhouding tot de operationele kasstroom zijn, hoe minder flexibel de onderneming is. In tijden van recessie hebben bedrijven met een hoge schuldgraad het moeilijker zich te financieren. Soms moeten ze onder druk van de banken hun dividend zelfs verlagen of schrappen. Een belegger maakt dus het beste zijn huiswerk voordat hij een dividendaandeel koopt. Het heeft geen zin een aandeel met een dividendrendement van 10 procent te kopen als de onderneming het jaar erna haar dividend moet halveren. Dat bewees Mobistar onlangs nog, toen het na een winstalarm zijn dividend volledig schrapte. MATHIAS NUTTINHet is belangrijk niet enkel aandelen te kopen van bedrijven die een hoog dividend betalen, het dividend moet ook houdbaar zijn.