Na een grote klimaattop van de Verenigde Naties zit er traditioneel minder vaart achter het klimaatbeleid. Dat is het best zichtbaar in de jaren na klimaattoppen waarover vooraf veel ophef is gemaakt en zoveel verwachtingen zijn gewekt dat ze bijna onmogelijk in te lossen zijn. Dat was het geval in 2010, nadat de rampzalige COP15-top van Kopenhagen in december een nieuw wereldwijd klimaatverdrag had beloofd en uiteindelijk een vernietigend uitstel opleverde.
...

Na een grote klimaattop van de Verenigde Naties zit er traditioneel minder vaart achter het klimaatbeleid. Dat is het best zichtbaar in de jaren na klimaattoppen waarover vooraf veel ophef is gemaakt en zoveel verwachtingen zijn gewekt dat ze bijna onmogelijk in te lossen zijn. Dat was het geval in 2010, nadat de rampzalige COP15-top van Kopenhagen in december een nieuw wereldwijd klimaatverdrag had beloofd en uiteindelijk een vernietigend uitstel opleverde. Welke nasmaak de COP26 van november in Glasgow ook heeft nagelaten, 2022 kent die luxe van het uitstelgedrag niet. In de eerste drie maanden van 2022 brengt het Intergovernmental Panel on Climate Change de volgende twee grote klimaatrapporten uit. Die beschrijven nauwgezet de jongste inzichten over de gevolgen van de klimaatverandering en de maatregelen die nodig zijn om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen. Samen zullen de twee rapporten benadrukken hoe dringend de in Glasgow gepresenteerde nationale klimaatdoelen in beleid gegoten moeten worden. Het eerste rapport zal details geven over hoe sterk de klimaatverandering nu al levens beïnvloedt in zowel rijke als arme landen. Dat zal onderstrepen hoe belangrijk het is de wereldwijde opwarming te beperken tot 1,5 graad Celsius boven het pre-industriële gemiddelde. Dat is het meest ambitieuze doel van het akkoord van Parijs van 2015. Het tweede rapport zal waarschijnlijk aantonen hoe groot die uitdaging wordt. Om de uitstoot genoeg en voldoende snel te verminderen om de opwarming tot 1,5 graad te beperken, mag de totale toekomstige uitstoot door de mens niet hoger zijn dan 400 tot 450 miljard ton. Dat is bij de huidige jaarlijkse uitstoot nog ruwweg goed voor tien jaar uitstoot. De beloftes van Glasgow zullen niet volstaan om dat doel te halen. In 2022 zullen de regeringen en de privésector onder grote druk staan om hun uitstootreductie te versnellen. De vrees leeft dat de energiepiek van de tweede helft van 2021 en de angst dat ouderen deze winter kou zullen lijden, de vastberadenheid van de vermoeide politici zal aantasten. "De mijlpaal is de volgende: kunnen we tegen juni 2022 drie nieuwe beleidspunten of acties zien die de nieuwe doelen haalbaar maken?", zegt Li Suo, beleidsanalist bij Greenpeace Oost-Azië. Naarmate meer bedrijven netto-emissiedoelen stellen, zal de vraag naar betere data en meer transparantie toenemen, om te garanderen dat er werkelijk vooruitgang geboekt wordt op weg naar decarbonisatie. De Amerikaanse beurswaakhond SEC zal waarschijnlijk regels introduceren die bedrijven verplichten te onthullen welke gevolgen de klimaatverandering en de pogingen om die tegen te gaan op hun zaken hebben. Andere toezichthouders, waaronder die in de Europese Unie, overwegen strakkere transparantieregels in te voeren. Nu de vrijwillige markten voor emissierechten zich uitbreiden, moeten er richtlijnen komen zodat bijvoorbeeld "een dergelijk bezit ook echt een bezit is, dat te ontdekken is vanuit de lucht of via machineleren", zegt Rachel Kyte, faculteitsvoorzitter van de Fletcher School of Law and Diplomacy van de Tufts-universiteit en een veteraan op het gebied van klimaatonderhandelingen. Er ligt al een volgende, weliswaar zachte stok achter de deur klaar, die het akkoord van Parijs biedt om de uitstootreductie aan te moedigen. De partijen die het akkoord hebben ondertekend, moeten een algemene inventarisatieoefening doen, waarbij ze aantonen hoeveel vooruitgang ze geboekt hebben om hun nationale doelstellingen te halen. De datacollectie voor de eerste inventarisatie begint in 2022. Tijd om eraan te beginnen.