Zuiver technisch bekeken is 'La voix du silence', door René Magritte geschilderd toen hij dertig was, lang niet zijn sterkste schilderij. Ik bedoel: het beantwoordt niet echt aan de eis die hij zichzelf had opgelegd om de voorwerpen zo realistisch mogelijk op het doek over te brengen. Het tafereel heeft nog altijd de ietwat simplistische uitstraling van de illustraties uit detectiveverhalen waarop Magritte zich in die dagen meer dan eens inspireerde. Maar anderzijds heeft het ook nog dat dreigende, schaduwrijke, duistere, en onheilspellende, dat later uit zijn meer succesrijke werk zou verdwij...

Zuiver technisch bekeken is 'La voix du silence', door René Magritte geschilderd toen hij dertig was, lang niet zijn sterkste schilderij. Ik bedoel: het beantwoordt niet echt aan de eis die hij zichzelf had opgelegd om de voorwerpen zo realistisch mogelijk op het doek over te brengen. Het tafereel heeft nog altijd de ietwat simplistische uitstraling van de illustraties uit detectiveverhalen waarop Magritte zich in die dagen meer dan eens inspireerde. Maar anderzijds heeft het ook nog dat dreigende, schaduwrijke, duistere, en onheilspellende, dat later uit zijn meer succesrijke werk zou verdwijnen. Het schilderij biedt uitzicht op twee kamers, die midden in het doek door een muur van elkaar worden gescheiden. Of liever: rechts ziet men een lege kamer, met twee stoelen, een tafel, en een console met een plant, en links staart men alleen maar in het duister. Men heeft er het raden naar of het wel een kamer zou zijn. Misschien is het wel de void, de bodemloze Leegte met een hoofdletter, die volgens Magritte achter de zichtbare wereld verborgen lag, en die hij in zijn appartement in Parijs tot op een paar meter naderbij had voelen sluipen. Want zoveel is duidelijk: aan de lambrisering in de kamer kon men met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid opmaken dat Magritte 'La voix du silence' schilderde nadat hij in 1927 uit Brussel naar Parijs vertrok, om het daar nu eens helemaal te gaan maken. Die Parijse trip was op een flop van jewelste uitgedraaid. In 1930 zag Magritte zich genoodzaakt naar Brussel terug te keren. En vandaag wil men het al wel eens vergeten, maar het zou nog een paar decennia duren voor Magritte zich internationaal een naam kon gaan maken. 'La Voix du silence' zou pas in 1954 opnieuw in een inventaris van de bezittingen van zijn vriend E.L.T. Mesens opduiken, en leidde ook later een vrij obscuur bestaan. Volgens de catalogue raisonné van Magrittes werk was het haast dertig jaar geleden dat het nog was tentoongesteld, voor het nu naar de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten in Brussel kwam reizen. 'La voix du silence' had oorspronkelijk nog een andere titel: 'Les voix de la vie'. En alleen al als men die twee titels naast elkaar plaatst, zit men onmiddellijk bij de kern van datgene waar het Magritte om te doen was: de stem van het leven was er één die zich in een ondoorgrondelijk zwijgen had gehuld. De rommelige, uiterst ongeïnspireerde, weinig intimistische, en lawaaierige wijze waarop deze grootste Magritte-retrospectieve ooit uitgebouwd werd, is niet van die aard dat de bezoeker erg veel in het verkennen van die stilte gestimuleerd wordt. En ook de recordstroom aan bezoekers waarop gemikt wordt, zal behoorlijk wat verbeelding van de bezoekers vergen om zich in dat zwijgen in te werken. Desalniettemin: alleen al het opnieuw opduiken van een parel als 'La Voix du silence' mag voldoende reden zijn om zich naar het museum te reppen. De retrospectieve "Magritte" loopt nog tot 28 juni in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten, Regentschapstraat 3, 1000 Brussel. Dinsdag tot zondag, van 10 tot 17 uur, donderdag tot 21 uur. Toegangsprijs: 350 frank. Reserveren ten zeerste aangeraden: Tel. 070-34.46.44. Max Borka