De Bank of Japan (BoJ) staat min of meer voor een deadline. Ze moet haar belofte om de deflatie te stoppen nu eindelijk eens waarmaken. De extra dosis quantitative easing die ze in oktober 2014 aankondigde, verhoogt de hoop op een inflatie van 2 procent. Dat is een eerste uitdaging.
...

De Bank of Japan (BoJ) staat min of meer voor een deadline. Ze moet haar belofte om de deflatie te stoppen nu eindelijk eens waarmaken. De extra dosis quantitative easing die ze in oktober 2014 aankondigde, verhoogt de hoop op een inflatie van 2 procent. Dat is een eerste uitdaging. De tweede is de verdere verhoging van de verbruikstaks, de Japanse versie van de btw, die in oktober op het programma staat. Gezien de trieste toestand van de openbare financiën van Japan wordt algemeen aangenomen dat premier Shinzo Abe geen andere keuze heeft dan ermee door te gaan. Maar een nieuwe klap voor de consumptie kan de economie helemaal vloeren. De derde uitdaging voor Abe zijn de voorzitterverkiezingen van zijn Liberaal-Democratische Partij in september. Daar moet hij met glans slagen, anders kan zijn vermogen om zaken gedaan te krijgen, uitgehold raken. En die macht zal hij kunnen gebruiken. De mogelijkheid bestaat dat zijn Abenomics begint af te brokkelen. In 2013 en 2014 kon zijn radicale economische programma nog op internationale bijval rekenen. De markten reageerden opgetogen op de monetaire versoepeling van de Bank of Japan, net als op de verlenging ervan in de herfst van 2014. De tweede pijl van Abe's plan, een flinke scheut overheidsbestedingen, trof grotendeels doel. Maar de derde pijl, een reeks ambitieuze structurele hervormingen die de aanbodzijde moeten stimuleren, is nog in de maak. Abe moet spoedig beslissen of hij doorgaat met de tweede belastingverhoging. Als hij dat doet, dan zal Japan de btw in amper achttien maanden tijd verdubbeld hebben. Maar de bevolking roert zich. Veel uitwegen heeft Abe niet. Japan torst een overheidsschuld van meer dan 240 procent van het bruto binnenlands product. Dat probleem moet Abe aanpakken. Hij wil het primaire deficit (het verschil tussen overheidsuitgaven en -inkomsten, intrestbetalingen niet meegerekend) terugdringen tot 3,2 procent van het bbp. Misschien lukt dat in 2015. De tweede btw-verhoging is niet zonder gevaar. De stijging van april 2014 deed het bbp in het daaropvolgende kwartaal dalen met 7,1 procent op jaarbasis. Een nieuwe btw-verhoging zal een nog grotere budgettaire stimulus vergen naast de tweede ronde van monetaire versoepeling door de BoJ. Die laatste heeft tot dusver slechts een inflatie van 1,5 procent kunnen bewerkstelligen, zonder rekening te houden met de impact van de eerste btw-verhoging. Als de uitgebreide quantitative easing niet spoedig resultaten afwerpt, dreigt Abe de strijd tegen deflatie te verliezen. Als al die monetaire vrijgevigheid niet gepaard gaat met structurele hervormingen, dan kan dat uiteindelijk leiden tot een verlamming van de obligatiemarkten. Het zou goed zijn mocht Abe erin slagen het vrijhandelsakkoord van het Trans-Pacific Partnership af te ronden, maar zo'n pact lijkt nog ver weg. Een andere test is of de regering bereid is Japans onbuigzame arbeidsmarkt aan te pakken. Velen vrezen echter dat 2015 een terugkeer betekent naar de ouderwetse, stemmen lokkende overheidsprojecten op het platteland, als onderdeel van een nieuw plan om regionale economieën nieuw leven in te blazen. Het omgekeerde dus van toekomstgerichte hervorming. De stijgende inflatie en de toename van de btw in 2014 hebben de koopkracht van de gezinnen aangetast omdat de lonen niet volgden. In de lente van 2015 zijn er overal in het land lokale verkiezingen. Dan krijgen de kiezers ruim de mogelijkheid om de LDP af te straffen. Abe kan echter ook profiteren van de zwakte van de Japanse oppositie om vervroegde lagerhuisverkiezingen uit te schrijven in de zomer, in voorbereiding van de voorzittersverkiezing later in het jaar. Maar verkiezingen vormen niet de enige bedreiging voor Abe's politieke kapitaal. Zijn agenda in nationale veiligheid kan het eveneens zwaar aantasten. In 2015 wil de premier een aantal onpopulaire wetten door het parlement sluizen, die het Japan mogelijk moeten maken om bondgenoten te hulp te snellen als die aangevallen worden. Dat zal de sluimerende spanningen met China en Zuid-Korea weer aanwakkeren. In menig opzicht kan 2015 op een herneming van 2014 lijken. Naast de laatste ronde van monetaire versoepeling, komen er nog meer budgettaire stimuli om de verhoging van de btw en verdere stappen in de structurele hervorming te compenseren. Kortom, er wacht Japan meer Abenomics. Tenzij er snel resultaten geboekt worden, is het onwaarschijnlijk dat de kiezers dat blijven tolereren. De auteur is chef van The Economist in Tokio.TAMZIN BOOTH