Het Uitvoeringsplan Huishoudelijk en Vergelijkbaar Bedrijfsafval (UHA) is behoorlijk ambitieus. Vlaanderen, dat Europees al tot de top behoort in het minimaliseren van de afvalberg en de hoogte van het recyclagecijfer, wil dat tegen 2022 elke Vlaming per jaar nog slechts 141 kilogram restafval produceert. Dat is 16 kilogram minder dan in 2014.
...

Het Uitvoeringsplan Huishoudelijk en Vergelijkbaar Bedrijfsafval (UHA) is behoorlijk ambitieus. Vlaanderen, dat Europees al tot de top behoort in het minimaliseren van de afvalberg en de hoogte van het recyclagecijfer, wil dat tegen 2022 elke Vlaming per jaar nog slechts 141 kilogram restafval produceert. Dat is 16 kilogram minder dan in 2014. Niet elke gemeente moet dat cijfer halen: voor kustgemeentes ligt de doelstelling op 258 kilogram, voor gemeentes in de stadsrand op 116 kilogram. De Openbare Vlaamse Afvalstoffen Maatschappij (OVAM) hoopt dat doel te bereiken door meer hergebruik, minder voedselverspilling en meer initiatieven in de deeleconomie. Het plan wil ook meer duidelijkheid brengen in de aanslepende discussie over de taakverdeling tussen de publieke en private inzamelaars, weet woordvoerder Jan Verheyen van OVAM. "Voor huishoudelijk afval krijgen de lokale besturen de regisseursrol. Voor de inzameling van het bedrijfsrestafval versterken we de privaatrechtelijke inzameling" (zie kader Huishoudelijk en vergelijkbaar bedrijfsafval.) Toch is Werner Annaert, de algemeen directeur van Go4Cycle (het vroegere Febem), not amused. "Ik heb zelden een plan gelezen dat zo tegen het privé-initiatief is. Er worden geen fundamentele acties ondernomen om voor het bedrijfsafval de scheve concurrentie tussen privaatrechtelijke bedrijven en intercommunales aan te pakken. Voor huishoudelijk afval moeten we opletten of we komen in een situatie waarin de Vlaming zijn eigen afval dat een waarde heeft, zoals papier en schroot, niet meer mag verkopen aan private afvalbedrijven." Een steen des aanstoots is onder meer dat de meeste intercommunales die bedrijfsafval inzamelen, geen aparte privaatrechtelijke structuur hebben. "Al zijn er ook goede voorbeelden. Bionerga bijvoorbeeld is eigendom van de gemeenten, en kocht onder andere de biostoomcentrale van Electrawinds in Oostende. Daardoor is het een concurrent van pakweg Suez, en daarvoor opereert het onder een privéstatuut. Maar andere doen dat niet." Dat vindt Christof Delatter een non-argument. Hij is stafmedewerker van de VVSG (Vereniging van Vlaamse Steden en Gemeenten) en coördinator van Interafval, het samenwerkingsverband tussen de VVSG en andere lokale besturen die instaan voor het lokaal afvalbeleid. "Er is geen sprake van concurrentie. Trouwens, de helft van de gemeentes besteedt de inzameling nu al uit aan privébedrijven (zie tabel Gemeenten besteden helft inzameling uit). Als er echt oneerlijke concurrentie zou zijn, dan zouden ze dat toch niet doen?" Volgens Delatter zijn de gemeentes de hoeksteen van een beleid dat bewezen heeft succesvol te zijn. "Afvalbeheer kost 80 euro per inwoner per jaar. Vergelijk dat met de facturen voor gas, elektriciteit of telefonie. Het Vlaamse afvalbeheer is efficiënter dan het Nederlandse, de kosten per inwoner liggen lager dan in Duitsland en we hebben betere resultaten voor recyclage." Ook Jan Verheyen ziet het probleem niet. "Intercommunales die te veel gelijkaardig bedrijfsafval inzamelen, moeten dat doen op een manier waardoor er geen oneerlijke concurrentie is. Daarom is duidelijk gesteld dat dit enkel kan in een aparte ronde, dat er een contract moet zijn met de afvalstoffenproducent en dat de werkelijke kostprijs van de inzameling en de verwerking moet worden doorgerekend. Om dat laatste te kunnen controleren, moet er een aparte boekhouding zijn, of een aparte bedrijfsstructuur worden opgericht." Het UHA bevat ook een nieuwigheid: lokale besturen mogen het vergelijkbare bedrijfsafval dat ze inzamelen niet meer uit hun cijfers van het restafval halen. Daardoor wordt een rem gezet op gemeentes die te veel bedrijfsafval inzamelen. "Met andere woorden: we versterken de private inzameling van bedrijfsafval. Maar het is duidelijk dat de regie voor de inzameling van huishoudelijk afval bij de gemeenten moet liggen. Zij moeten hun restafval verminderen. Het is logisch dat wie de doelstelling krijgt opgelegd, tenminste kan bepalen hoe hij die wil halen." Bij Go4Cycle schudt Annaert het hoofd: "De discussie gaat niet over het uitbesteden van de ophaling van huishoudelijk afval, maar wel over de inzameling van bedrijfsafval door gemeenten en intercommunales. Dat is nu al een zeer competitieve markt voor de privaatrechtelijke ondernemingen. Waarom hen concurrentie aandoen vanuit de overheid? Intercommunales hebben echt wel andere uitdagingen dan bedrijfje spelen." Maar ook over de inzameling van huishoudelijk afval van de gezinnen wordt gediscussieerd. "Het ontwerpplan speelt niet in op het ontwikkelende materialenbeleid. Integendeel, het wil de Vlamingen verplichten al hun afval via de gemeentelijke kanalen af te geven", stelt Annaert. "Nochtans hebben we in Vlaanderen al vele jaren de goed werkende dienstverlening waarmee burgers schroot verkopen aan de schroothandel, verenigingen oud papier vermarkten aan private recuperanten en er bij grootwarenhuizen olieboxen staan voor vetten en dergelijke. Je ziet innovatieve projecten ontstaan, die ervoor zorgen dat burgers hun afval ook op andere plaatsen kwijt kunnen dan op het containerpark, en daar ook vaak nog een cent aan overhouden." Delatter is niet onder de indruk: "Innovatie? Een drogreden voor cherry picking. Als de privésector een schitterend idee heeft om de dienstverlening te verbeteren, waarom zou een lokaal bestuur daar dan niet in meestappen? Innovaties kosten geld en worden daarom meestal ontwikkeld door of samen met de intercommunales. De inzameling van oude matrassen gebeurt alleen maar omdat de intercommunale IOK daarvoor het initiatief nam. Dat kledingbedrijven en grootwarenhuizen ook textiel inzamelen is goed, maar uiteindelijk doen ze dat vooral omdat het geld opbrengt. Maar staan zij er ook nog als de prijzen dalen?" "Als morgen iedereen papier en karton kan ophalen, dan is dat de georganiseerde inefficiëntie. Een gemeente financiert de kosten voor afvalophaling voor 90 procent uit belastingen, en voor 10 procent uit de positieve afvalstromen. Die willen we niet kwijt. Als je gaat toelaten dat de privé met de mooiste brokken gaat lopen, zullen bijvoorbeeld buitengebieden niet anders kunnen dan de belastingen te verhogen, zonder dat er een milieuwinst is." Bovendien vindt de VVSG-stafmedewerker dat het alles bij elkaar gaat over "een luizengevecht". Volgens de website van de FOD Economie produceerden de Belgische huishoudens in 2012 ongeveer 5,9 miljoen ton afval, op een totaal van 68,6 miljoen ton. De industrie (33,1 miljoen ton) en de bouw (24,6 miljoen) zijn de grote afvalproducenten. Het saldo is voor rekening van de dienstensector (4,9 miljoen) en de landbouw (0,2 miljoen). Voor Vlaanderen berekende OVAM dat er in 2014 ongeveer 3,1 miljoen ton huishoudelijk afval werd geproduceerd, tegenover 13,9 miljoen ton primair bedrijfsafval (zeg maar: wat bedrijven weggooien, zoals een bedrijfswagen). Inclusief het secundaire bedrijfsafval (bijvoorbeeld de onderdelen en de restfracties van die bedrijfswagen) komt het totaal op 24,9 miljoen ton. Delatter: "Al het vergelijkbare bedrijfsafval samen komt uit op 5 tot 10 kilogram per inwoner per jaar, op een totaal van ongeveer 150 kilogram. De markt van het bedrijfsafval is acht of negen keer groter. Dus je spreekt over enkele procenten van de markt. Wil je voor een beetje extra winst van de privéspelers de inefficiëntie organiseren?" Annaert vindt dat te gek voor woorden: "De VVSG vindt het niet kunnen dat verenigingen oud papier verkopen aan een privébedrijf, maar maalt er niet om dat burgers die hun huis verbouwen dat afval door private bedrijven laten ophalen. Papier brengt geld op, bouw- en sloopafval is betalend. Wie doet hier aan cherry picking? Trouwens, waarom zou de Vlaming zijn afval met een waarde niet meer mogen verkopen aan correct werkende private bedrijven? Het gevolg van die rigide houding zal zijn dat cowboys vrij spel krijgen. Dan zijn niet alleen wij, maar ook de gemeenten de pineut. Eigenlijk gaat dit plan voorbij aan de dringende noodzaak om de intercommunale afvalsector te reorganiseren met minder, maar professionelere structuren. Dat is jammer, want het gebrek aan verandering is op termijn ook slecht voor de intercommunales." "Schaalgrootte speelt een rol, maar groot is niet automatisch beter", vindt Delatter. "Alleen naar kosten kijken, is appelen met citroenen vergelijken. In landelijke gemeentes is de inzameling zeker duurder dan in stedelijke gebieden, maar daarom niet minder efficiënt. Ik ken grote intercommunales die goed functioneren en kleine die dat ook doen. Ik geloof eerlijk gezegd meer in de vergelijking van de prestaties en interne optimalisaties dan in een pleidooi om alles groter te maken. Dit plan creëert trouwens ook kansen voor Vlaamse bedrijven: meer recyclage en betere milieuresultaten zijn troeven als je naar het buitenland trekt." Voor Annaert is de discussie eigenlijk breder. "We zijn van een afvalstoffen- naar materialenbeleid gegaan, en nu evolueren we naar een grondstoffensector. We zijn veel meer dan alleen maar selectieve inzamelaars, we denken na over welke grondstoffen in het productieproces kunnen worden gebruikt. Maar we moeten nog meer inzetten op het stimuleren van bedrijven om recyclaat te gebruiken. Kunnen we dat via de vennootschapsbelasting? Of een soort notionele-intrestaftrek uitwerken?" "Ook onze leden moeten nog meer samenwerken, om dan naar de Solvays en ExxonMobils van deze wereld te stappen en hun nieuwe grondstoffen aan te bieden. Dat is de toekomst. Bedrijven die daarin niet meespelen, krijgen het moeilijk. Maar dan moeten privébedrijven in de circulaire economie wel de kans krijgen dat beleid op een correcte manier uit te rollen, ook op lokaal niveau." Luc Huysmans"Als morgen iedereen papier en karton kan ophalen, dan isdat de georganiseerde inefficiëntie"- Christof Delatter (Interafval) "De scheve concurrentie tussen privébedrijven en intercommunales wordt niet aangepakt" Werner Annaert (Go4Cycle)