"Begin januari berekenden we de opzegpremie in ontslagsituaties na het nieuwe eenheidsstatuut voor arbeiders en bedienden", getuigt Herman Van Hoogenbemt van het in arbeidsrecht gespecialiseerde advocatenkantoor Tilleman Van Hoogenbemt. "Soms hadden we drie of vier antwoorden. En die waren juridisch dikwijls perfect verdedigbaar. Het eenheidsstatuut is een verschrikkelijk complex, verwarrend geheel. Eén ding is wel duidelijk: de formule-Claeys is weg. De rechter moet voortaan zelf de berekening maken."
...

"Begin januari berekenden we de opzegpremie in ontslagsituaties na het nieuwe eenheidsstatuut voor arbeiders en bedienden", getuigt Herman Van Hoogenbemt van het in arbeidsrecht gespecialiseerde advocatenkantoor Tilleman Van Hoogenbemt. "Soms hadden we drie of vier antwoorden. En die waren juridisch dikwijls perfect verdedigbaar. Het eenheidsstatuut is een verschrikkelijk complex, verwarrend geheel. Eén ding is wel duidelijk: de formule-Claeys is weg. De rechter moet voortaan zelf de berekening maken." Op 31 december werd de wet over het eenheidsstatuut gepubliceerd. Werknemers behouden hun recht op opzeg dat ze hadden op 31 december 2013. Daarbij wordt een extra opzeg berekend vanaf 1 januari 2014, met een anciënniteit met de teller op nul. Alle werknemers starten met minder dan drie maanden anciënniteit met twee weken extra opzeg. De maatregel was nodig omdat het Grondwettelijk Hof al in 1993 besliste dat het onderscheid tussen arbeiders en bedienden in strijd was met het gelijkheidsbeginsel. Op 7 juli 2011 zette het Hof de puntjes op de i en stelde dat de ongelijkheid over de carensdag en de opzegvergoedingen tegen 8 juli 2013 weggewerkt moest zijn. De regering haalde nipt oudejaarsdag. Volgens critici betekent dit dat alle arbeiders die werden ontslagen tussen 8 juli en 31 december 2013 een beroep kunnen doen op de ruime opzegvergoedingen van de bedienden. Er was toen geen wettelijke regeling. Toch heeft Van Hoogenbemt geen weet van gerechtelijke procedures. "Vreemd genoeg bleef het stil op het juridische front. Ik had verwacht dat de vakbonden processen zouden opstarten om de werkgevers onder druk te zetten. Waarschijnlijk verkozen ze de onderhandelingstafel boven de rechtbank. Maar de termijn om een proces te beginnen duurt een jaar. Als een arbeider met een advocaat naar de arbeidsrechtbank stapt om toch de hogere opzegpremie te vragen, barst de hel los. De regering had dit kunnen vermijden door de wet retroactief te laten werken. Dat is niet netjes volgens het juridische handboek, maar wel efficiënter." De advocaat verwacht nog betwistingen. Omdat voor arbeiders de goedkopere opzeggingstermijn van voor 1 januari 2014 nog geldt, blijft de discriminatie voor het verleden bestaan. De regering wil dit verschil compenseren met een vergoeding door de RVA. Er is een overgangsregeling, want de regeling geldt nu pas voor arbeiders met twintig jaar anciënniteit, met vijftien jaar vanaf 2015, met tien jaar vanaf 2016. "De discriminatie tussen bedienden en arbeiders blijft dus drie jaar. Dit geeft radicaal geïnspireerde advocaten een wapen om wild om zich heen te schoppen", zegt Van Hoogenbemt. De advocaat voorspelt ook problemen met het goedkopere opzegstelsel dat de bouw definitief verkreeg. Dat gebeurde omdat bouwvakkers een knelpuntberoep zijn en snel weer ingeschakeld moeten kunnen worden. "Dat argument kwakkelt, meent ook de Raad van State", zegt Van Hoogenbemt. "Heel wat sectoren met knelpuntberoepen zullen deze discriminatie aanvechten. Er zijn op werven ook bedrijven actief die niet onder de bouwsector vallen, bijvoorbeeld installateurs van badkamers, keukens en elektriciteit. Zij worden in hun niche beconcurreerd door algemene bouwbedrijven, die goedkoper kunnen werken omdat de sociale kosten lager zijn. Weer voer voor het Grondwettelijk Hof." Van Hoogenbemt beklemtoont dat hij respect heeft omdat de minister van Werk, Monica De Coninck (sp.a), de eenheidswet er uiteindelijk door heeft gekregen. "Het is een degelijk juridisch en politiek huzarenstukje. Maar het ijltempo waarmee de regering werkte aan de meest ingrijpende hervorming van het arbeidsrecht in meer dan een eeuw, liet weinig ruimte voor een doordachte aanpak." HANS BROCKMANSAls een arbeider met een advocaat naar de arbeidsrechtbank stapt om toch de hogere opzegpremie te vragen, barst de hel los.