Toen de Theems destijds haar rol moest opgeven als belangrijkste Londense transportader, viel het oosten van de stad al snel ten prooi aan leegstand en verloedering. De ongebruikte pakhuizen en woningen werden veelal ingenomen door mensen met een laag inkomen. Maar tegelijk zoog de regio heel wat kunstenaars aan die er voor een prikje een industriële loods of een winkelruimte vonden. Gilbert & George, Tracey Emin en Damien Hirst zijn slechts enkele van de honderden namen die East London als hippe kunstbiotoop op de wereldkaart hebben gezet.
...

Toen de Theems destijds haar rol moest opgeven als belangrijkste Londense transportader, viel het oosten van de stad al snel ten prooi aan leegstand en verloedering. De ongebruikte pakhuizen en woningen werden veelal ingenomen door mensen met een laag inkomen. Maar tegelijk zoog de regio heel wat kunstenaars aan die er voor een prikje een industriële loods of een winkelruimte vonden. Gilbert & George, Tracey Emin en Damien Hirst zijn slechts enkele van de honderden namen die East London als hippe kunstbiotoop op de wereldkaart hebben gezet. Die evolutie bracht ook een trendy nachtleven op gang, waardoor het gebied een divers publiek begon aan te trekken. De art scene, en in geringe mate ook de vroegere drukkerij-industrie, lokten digitale kunstenaars en vormgevers naar de regio. Zo ontsproten in 2004 in de buurt van Old Street de eerste ontwerpbureaus en internetbedrijfjes. Omdat de eerste vijftien ondernemingen zich in de nabijheid van een grote rotonde bevonden, grapte een van de eigenaars dat de omgeving begon te lijken op Silicon Roundabout, een knipoog naar Silicon Valley. Het was meteen de onofficiële en inmiddels ingeburgerde naam voor het gebied. En de successen bleven niet uit. In 2007 werd het internetradiobedrijfje Last.fm voor 140 miljoen pond verkocht aan de mediareus CBS. Dat wekte de aandacht van de politiek. Eind 2010 maakte premier David Cameron zijn plannen bekend om Oost-Londen onder de noemer Tech City te ondersteunen als cluster voor (hoog)technologische bedrijven. Op dat moment waren er 85 ondernemingen gevestigd. Amper negen maanden later was dat aantal al opgelopen tot meer dan 600, gaande van kleine onafhankelijke eenmansbedrijfjes tot middelgrote en grote ondernemingen zoals Google, Facebook en Intel. De technologische sector maakt in Groot-Brittannië intussen 7 procent uit van het bruto binnenlands product (amper 2 procentpunt minder dan de financiële industrie). Tech City kan volgens Cameron uitgroeien tot het Britse Silicon Valley. Het is niet de bedoeling subsidies of premies aan ondernemingen uit te keren. Promotie op internationale schaal, het creëren van jobs en economische groei op lange termijn is waar het om draait. De overheid trekt daarvoor grote investeerders aan. British Telecom voorziet het gebied van ultrasnel draadloos internet, het Amerikaanse Cisco bouwt er een innovatiecentrum en grote banken verstrekken in Tech City speciale leningen aan startbedrijven. De Britse overheid investeert wel zelf in de infrastructuur van Tech City. Om de Olympische Spelen volgend jaar te kunnen organiseren, wordt 9 miljard pond gepompt in de aanleg van het Queen Elizabeth Olympic Park en de omliggende terreinen. De bedoeling is die hypermoderne nieuwe infrastructuur na de Spelen ten dienste te stellen van de inwoners én de werknemers van Oost-Londen. Daarin is ook de uitbreiding en groei van Tech City voorzien, dat zich na volgend jaar zal uitstrekken van Old Street tot aan het olympische park. Die nieuwe infrastructuur voor Tech City is niet gering: flexibele kantoorruimten, multifunctionele voorzieningen, hotels, winkels, wegen, metroverbindingen, negen treinstations. En als het even meezit, verbindt een nieuwe Eurostar-halte (Stratford International) Tech City rechtstreeks met Brussel en Parijs, wat de regio nog een stuk aantrekkelijker maakt voor gespecialiseerd buitenlands personeel. Maar zal die exponentiële groei op langere termijn de huurprijzen niet extreem de hoogte in jagen en de kleine starters verstoten die in se de pioniers annex oprichters van de technologische wijk zijn? Sarah Turner van het Global Entrepeneurs Programme (UKTI) is formeel: "Het gebied is groot genoeg. Hoe dichter bedrijven bij het financiële centrum gevestigd zijn, hoe hoger de grond- en de huurprijzen, terwijl voor elke honderd meter verder oostwaarts alles recht-evenredig goedkoper wordt. Elk type onderneming zal dus voldoende ruimte blijven krijgen." De nabijheid van het financiële hart van Londen en de inspanningen van de Britse overheid zijn uiteraard extra troeven, maar de meeste bedrijfsleiders en werknemers zeggen dat de aantrekkingskracht van de regio in de eerste plaats schuilt in de met niets te vergelijken open sfeer die er hangt. "Als ik over straat loop of iets ga drinken, is de kans groot dat ik iemand tegen het lijf loop die ik ken, of met wie ik aan de praat geraak en geïnspireerd geraak voor nieuwe projecten of samenwerkingen. De hele buurt is letterlijk één groot netwerk", zegt Jules Ehrhardt van de digitaledesignstudio ustwo. In tegenstelling tot in veel andere industriezones gaan werken en wonen in Oost-Londen hand in hand. "Veel van onze werknemers wonen in de buurt, gaan hier winkelen, gaan hier uit. Het leven valt hier na kantooruren niet plotseling stil", voegt collega en medeoprichter Mills eraan toe. Die openheid trekt ustwo ook door in het organogram. In het negentig personen en twee vestigingen grote bedrijf staan ontwerpers en directie op gelijke hoogte. Enkel goede ideeën en dialoog zijn van belang. Bij Techhub gaan ze zelfs nog een stapje verder. Dat bedrijf stelt bureauruimtes ter beschikking aan starters en kleine beginnende bedrijven. Voor een vaste prijs per jaar kunnen 'huurders' er eender wanneer terecht om te werken. Op enkele afgesloten units met vast materieel na, zijn alle bureaus ondergebracht in één open ruimte om zo onderling de collegialiteit en bedrijvigheid van de (mini-)ondernemingen in de hand te werken. "Veel van onze leden hebben ambities of ideeën waarvoor ze hun studies of vroegere job hebben opgegeven, wat sommigen als krankzinnig bestempelen. Wij bieden ze de infrastructuur om tussen andere gekken te zitten zodat ze zich begrepen voelen in hun strijd", grapt Elizabeth Varley, een van de Techhub-bezielers. Enkele blokken verder bevindt zich midden in een wijk met sociale flatgebouwen The Trampery. In die cluster van veelal internationaal succesvolle technologiebedrijven werken vijftig mensen samen onder één dak. Eigenaar Charles Armstrong gelooft in de synergie van de ondernemingen met de omgeving. "De bewoners uit de buurt zijn hier steeds welkom om een kijkje te nemen en sommigen doen dat ook. Dat inspireert hopelijk de volgende generatie technologisch talent en biedt sommigen misschien een uitweg uit de armoede die hier nog steeds heerst." Eigenzinnige creatieve ideeën, een unieke manier van zakendoen, een open sfeer en een unieke locatie met veel sociale interactie, daar draait het momenteel om in Tech City. Benieuwd wat 2012 in petto heeft. DIMITRI DEWEVER"De hele buurt is letterlijk een groot netwerk"