Grote auditfirma’s groeien sneller dan kleine

Na het opdoeken van Andersen is er geen nieuwe auditreus opgestaan. Maar de grote revisorenkantoren zijn de voorbije jaren veel sneller gegroeid dan de kleinere. Dat blijkt uit een Trends-studie over het aantal mandaten van de revisoren bij Belgische topbedrijven.

Neen, in België is geen nieuwe auditreus opgestaan om Andersen te vervangen in het lijstje van de Big Five. Dat was nochtans de voorspelling twee jaar geleden, toen de Amerikaanse revisorengroep na het Enron-schandaal van de kaart verdween. Met 2,56 % van de mandaten tracht BDO wel aan te pikken (zie tabel: Welke bedrijfsrevisor heeft de meeste topbedrijven als klant?), maar holt voorlopig nog ver achter KPMG, met 10,62 % de zwakste van de Fat Four. Op het Eiland Amoras van de revisoren blijven de Mageren het onderspit delven en worden de Vetten steeds vetter.

Uit de jongste Trends-studie over de verdeling van de Trends Top 5000-bedrijven onder de bedrijfsrevisoren, blijkt dat Deloitte & Touche de overname van de Belgische portefeuille van Andersen vrij goed verteerd heeft. Met een aandeel van 15,1 % neemt het kantoor de eerste plaats van de eredivisie in, iets minder dan de combinatie van Deloitte en Andersen in 2002 (10,4 % + 6 %). Het klassement werd twee jaar geleden geleid door PricewaterhouseCoopers ( PwC), dat in absolute cijfers wel lichtjes vooruitging (van 11,1 % naar 12,1 %), maar 252 topklanten zou moeten winnen om Deloitte in te halen. Ernst & Young, derde in de rij, zag het aantal klanten uit de Trends Top 5000 stijgen met 134, tot 11,6 %. Hierbij sprong het kantoor over KPMG, dat ondanks het Lernout & Hauspie-debacle in absolute termen goed standhield: 78 nieuwe topklanten.

De uitdager van de Fat Four, BDO Bedrijfsrevisoren, is er de voorbije twee jaar blijkbaar niet in geslaagd hun positie aan te tasten. BDO steeg lichtjes van 2 naar 2,56 % (26 extra klanten uit de Top 5000). Dit kantoor, dat als enige geen andere diensten dan audit aanbiedt en zich dus met recht en reden als onafhankelijk positioneert, kan niet meedrijven op de vlaag van corporate governance die ook over onze contreien waaide. Mooi scoorde ook Grant Thornton, Lippens & Rabaey, dat in de Trends Top 5000 een derde meer klanten verwierf (van 73 naar 98) en opklom naar de zesde plaats, nipt gevolgd door Van Passel, Mazars & Guerard (van 1,1 naar 1,3 %). De hoogste nieuwkomer in de toptien is Westen, François & Co. (1,2 %). Hekkensluiters met exact evenveel topklanten (53, of 1,1 %) zijn Luyten-Meyendonckx & Partners (1,1 %) en Toelen, Cats, Morlie & Co. Zij wippen Theo Van Herck (1 %) uit de toptien.

Multidisciplinaire aanpak loont

In België is Deloitte met 2100 medewerkers de enige auditor die zijn managementadviesafdeling niet heeft verkocht. Deze multidisciplinaire aanpak legt de groep geen windeieren. Het afgelopen jaar groeide de omzet van de marktleider met 8 %, tot niet minder dan 312 miljoen euro. Hiervan realiseerden de consultants 85 miljoen euro, een stijging van 10 % ondanks de economische laagconjunctuur. Op dit ogenblik is Deloitte commissaris van niet minder dan 3200 bedrijven – waarvan 756 uit de Trends Top 5000 – op een totaal van 13.000 vennootschappen die zich wettelijk moeten laten controleren. De overname van Andersen België leidde enkel tot het verlies van internationale groepen die wereldwijd voor een andere bedrijfsrevisor kozen.

De big bang waar iedereen voor vreesde, bleef uit. Jos Beddegenoodts, gedelegeerd bestuurder van Deloitte Belgium: “In een geglobaliseerde economie vragen bedrijven internationale diensten, die alleen grote groepen met een goede kennis van de lokale markt kunnen bieden. De wereld is zo complex geworden, dat kleine kantoren de technische kennis ontberen om op alle problemen van de ondernemers een oplossing te geven. Daarom blijven wij wel bij onze multidisciplinaire aanpak zweren. Maar dat is geen makkelijke oefening. Telkens opnieuw moeten wij keuzes maken om onze onafhankelijkheid te bewaren. Zo moesten we noodgedwongen de afdelingen interim-management en milieuadvies aan de respectieve directies verkopen. De leefbaarheid van de afdelingen kwam in het gedrang omdat er te veel belangenconflicten met auditklanten ontstonden.”

Bekijken we het aandeel van de Big Five anno 2002 tegenover het gewicht van de Fat Four in 2004, dan zien we een merkwaardige paradox. Hoewel er één sterke speler wegviel, wisten die grote kantoren hun relatieve gezamenlijke positie nog te versterken van 45,5 % in 2002 tot 49,5 % in 2004. Beddegenoots: “Op termijn zullen de middelgrote spelers hun cliënteel moeten volgen en bij één van de Big Four aansluiten om compatibel te blijven. We hebben dat ook bij de accountants gezien. Onder druk van de markt is Moores Rowland – de runner-up van de boekhoudkantoren – vijf jaar geleden met Deloitte gefuseerd. In specifieke niches daarentegen zullen kleinere revisoren altijd toegevoegde waarde blijven leveren, ook voor KMO’s. Maar in dat laatste segment breken wij de laatste tijd steeds meer door.”

Nieuwe mogelijkheden

Ten slotte ziet de CEO van Deloitte Belgium nog betere tijden voor de revisoren. Beddegenoodts: “Als gevolg van de te hoge verwachtingen van het publiek – de beruchte expectation gap – gaat het beroep door een dal. Toch biedt de nieuwe wind ons nieuwe mogelijkheden. Zo stelt de aangepaste wetgeving op deugdelijk bestuur hogere eisen aan de controle op vennootschappen. Dit betekent dat de commissaris meer werk krijgt en dus hogere vergoedingen kan en mag vragen. Hetzelfde geldt voor de Europese richtlijn die voortaan alle verantwoordelijkheid bij de hoofdauditor ( lead auditor) legt. Dat vereist meer controle en dus meer prestaties voor de revisor.”

Hans Brockmans – Eric Pompen

PricewaterhouseCoopers zou 252 topklanten moeten winnen om Deloitte & Touche te onttronen.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content