De werkgevers pleiten voor soepelere quarantaineregels, nu de omikronvariant snel oprukt. Dat zou een goed idee zijn omdat die nieuwe dominante variant een kortere incubatietijd heeft en minder lang besmettelijk zou zijn. Bovendien kan het test- en tracingsysteem de hoge besmettingscijfers toch niet de baas.
...

De werkgevers pleiten voor soepelere quarantaineregels, nu de omikronvariant snel oprukt. Dat zou een goed idee zijn omdat die nieuwe dominante variant een kortere incubatietijd heeft en minder lang besmettelijk zou zijn. Bovendien kan het test- en tracingsysteem de hoge besmettingscijfers toch niet de baas. Hoewel de wetenschap nog niet zeker is van die kortere besmettingsperiode, hebben diverse landen hun quarantainebeleid al aangepast. In Frankrijk, het Verenigd Koninkrijk en Italië hoef je zelfs niet meer in quarantaine na een hoogrisicocontact. Het is goed dat het beleid inspeelt op de evolutie van het virus, maar het voorstel om het quarantainebeleid te versoepelen volgt in de eerste plaats een economische logica. Door de snelle verspreiding van het virus dreigen werknemers massaal thuis te moeten blijven. Dat zou de economie vertragen. Het voorstel om na een hoogrisicocontact gewoon te gaan werken, lijkt de economie boven de gezondheid te plaatsen. Dat kan het draagvlak aantasten bij de bevolking, die de afgelopen twee jaar zo veel mogelijk haar contacten moest beperken. Uiteraard kunnen zelftests helpen om virusverspreiders weg te houden van de werkvloer. Alleen zijn die tests niet waterdicht. Iedereen kent wel iemand die negatief was met een zelftest en toch besmet bleek te zijn. De algemene versoepeling van de quarantaineregels waarop de werkgeversorganisaties aandringen, zet bovendien de verplichting tot telewerken op losse schroeven. Als iemand na een hoogrisicocontact al geen reden meer heeft om weg te blijven van de werkvloer, is het maar een kleine stap om het nut van telewerk in de pandemiebestrijding opnieuw in twijfel te trekken.