Volgens Warren Buffett, de topinvesteerder die nu in opvolging van Bill Gates de lijst van rijkste mensen ter wereld van het Amerikaanse zakenblad Forbes aanvoert, kan er geen twijfel meer over bestaan: de Amerikaanse economie zit volop in een recessie. Na een heel stevige groei van 4,9 % op jaarbasis in het derde kwartaal van 2007 dook de Amerikaanse economie scherp naar beneden in het vierde kwartaal, namelijk naar amper 0,6 % groei. Het eerste kwartaal van 2008 kleurt waarschijnlijk rood. Steeds meer conjunctuuranalisten zitten wat dat betreft op dezelfde golflengte als Warren Buffett.
...

Volgens Warren Buffett, de topinvesteerder die nu in opvolging van Bill Gates de lijst van rijkste mensen ter wereld van het Amerikaanse zakenblad Forbes aanvoert, kan er geen twijfel meer over bestaan: de Amerikaanse economie zit volop in een recessie. Na een heel stevige groei van 4,9 % op jaarbasis in het derde kwartaal van 2007 dook de Amerikaanse economie scherp naar beneden in het vierde kwartaal, namelijk naar amper 0,6 % groei. Het eerste kwartaal van 2008 kleurt waarschijnlijk rood. Steeds meer conjunctuuranalisten zitten wat dat betreft op dezelfde golflengte als Warren Buffett. Hoezeer de rest van de wereld, en zeker Europa, zich een andere situatie toewenst, de Amerikaanse economie blijft veruit de belangrijkste economie ter wereld. We kunnen dan ook maar beter nauw opvolgen wat er nu over de Grote Plas gaat gebeuren. Gezien het zeer open karakter van de Belgische en Vlaamse economie schuilt er zelfs nauwelijks overdrijving in de stelling dat de Amerikaanse economie, met alle directe en indirecte effecten daarvan, misschien wel een belangrijkere determinant is voor ons sociaaleconomisch wel en wee dan het regeerakkoord dat politiek Brussel thans bloed en tranen kost. Rond de Amerikaanse 'recessie' vragen steeds meer analisten zich af of er een Japans traject in het verschiet ligt voor de Verenigde Staten. Het spreekt voor zich dat iemand als Ben Bernanke, voorzitter van de Amerikaanse centrale bank, de Federal Reserve Board (FED), ontkennend antwoord op deze vraag. Elke zweem van bevestiging zou immers onvermijdelijk leiden tot een selffulfilling prophecy. Het zo gevreesde Japanse traject verwijst naar de tien behoorlijk desastreuze sociaaleconomische jaren die Japan tussen 1991 en 2001 meemaakte, het zogenaamde 'verloren decennium' gekenmerkt door deflatie en nauwelijks economische groei. De parallel die dezer dagen met de VS getrokken wordt, vindt zijn oorsprong in het feit dat op het eerste gezicht de basiskenmerken van wat de VS nu over zich heen krijgen, beangstigend nauw aansluiten op wat Japan in de aanloop naar zijn verloren decennium meemaakte. Tegen het einde van de 20ste eeuw gingen de vastgoedprijzen in Japan er met ruim 50 % op achteruit. Tussen eind 1989 en midden 1992 doken aandelenkoersen 60 % naar beneden. Amerikaanse huizenprijzen gingen de voorbije twee jaar met gemiddeld 10 % naar beneden en zowat iedereen verwacht dat die neerwaartse beweging zich doorzet met minstens nog eens dezelfde impact. Tijdens de voorbije maanden vielen bovendien de Amerikaanse aandelenbeurzen met ruim 15 % terug. Hoewel de terugval van de prijzen van de activa in crisis in de VS tot vandaag een heel stuk kleiner uitvalt dan wat de Japanners overkwam, kan niet zomaar aan de parallel tussen beide episodes voorbij worden gegaan. Voor de Amerikanen komt het er nu vooral op aan de correcte lering te trekken uit het verloren decennium in Japan. Drie essentiële lessen dringen zich op. De eerste en belangrijkste betreft het monetaire beleid. De Bank of Japan deed inzake versoepeling van het rentebeleid en liquiditeitsverruiming steevast too little, too late. De FED van Ben Bernanke heeft die les duidelijk begrepen. Tussen medio augustus 2007 en eind januari 2008 bracht de FED haar basisrentevoet van 5,25 % naar 3 %. Afhankelijk van de inflatiemaatstaf die men hanteert, zit de reële rente daarmee op nul of zelfs in negatief gebied. De tweede les zit in de sfeer van het begrotingsbeleid. De Japanse overheid maakte daarvan een onwaarschijnlijk potje: enorme stimuleringsbudgetten werden afgewisseld met zeer ongelukkige belastingverhogingen. De regering- Bush zette al een extra stimuleringspakket van 150 miljard dollar in de steigers. De noodzaak daaraan kan betwist worden, maar politiek Washington schijnt zeer goed begrepen te hebben wat hét marsbevel dient te zijn in de huidige omstandigheden: geen belastingverhogingen. Die jagen gegarandeerd de nu sterk aarzelende consument helemaal uit de winkels. De derde les uit het Japanse 'verloren decennium' betreft het belang van transparantie rond de averij opgelopen door de financiële sector. De zaken moeten zo snel mogelijk en zo duidelijk mogelijk op tafel komen zodat vervolgens de nodige ingrepen volgen om die financiële sector zijn cruciale rol in het economisch systeem op een adequate wijze te laten spelen. Ook op dit vlak stapelde men in Japan jarenlang de blunders op. In de VS ligt vandaag al heel wat van de financiële problematiek open en bloot op tafel. Uit verklaringen van Bernanke en andere relevante bewindslui blijkt bovendien dat men zich zeer bewust is van het feit dat nog een flinke weg dient te worden afgelegd. Uit het bovengaande mag worden afgeleid dat wij de kans op een herhaling van de Japanse lijdensweg in de VS als vrij klein beschouwen. Niet alleen blijkt vandaag uit zowat alles dat de Amerikaanse bewindslui de lessen getrokken uit de Japanse ervaring echt wel ter harte nemen. Bovendien hebben de VS ten aanzien van Japan nog een ander erg belangrijk voordeel: ze blijven begiftigd met een erg bruisende entrepreneurial klasse die in het Japan van de grote mastodonten veel meer ontbrak. Als het beleid redelijk bij de les blijft, zal dat uiteindelijk weer het grote verschil maken. (T) Johan Van Overtveld