Het Hof van Cassatie zet de puntjes op de 'i': voordelen van alle aard kunnen bij een beroepsbeoefenaar slechts worden belast op voorwaarde dat hij er een persoonlijk voordeel uit haalt.
...

Het Hof van Cassatie zet de puntjes op de 'i': voordelen van alle aard kunnen bij een beroepsbeoefenaar slechts worden belast op voorwaarde dat hij er een persoonlijk voordeel uit haalt. Aanleiding is een betwisting die in de praktijk dikwijls voorkomt. Een vennootschap neemt een bedrijfswagen in leasing. Zo'n overeenkomst gaat normaal gepaard met de 'optie' om het in leasing genomen voertuig aan het einde van het contract over te nemen tegen een vooraf vastgestelde prijs. De hoogte van die prijs kan verschillen. Als de periodieke leasingvergoedingen relatief laag zijn, zal de prijs voor het lichten van de optie eerder hoog zijn. Maar als de periodieke leasingvergoedingen aan de hoge kant zijn, kan de prijs voor de optie relatief laag gehouden worden. De vennootschap kan de wagen dan bij afloop van het contract overnemen tegen een lage prijs, soms niet meer dan een spotprijs. In de praktijk is het vaak voorgekomen dat de vennootschap de optie om de wagen over te nemen niet zelf licht, maar dat zij de optie laat lichten door haar zaakvoerder of bestuurder (die meestal ook al met de wagen reed). De belastingadministratie gaat er (niet ten onrechte) van uit dat de zaakvoerder of bestuurder op deze manier een voordeel verwerft. En dat de toekenning van dit voordeel alleen maar uitgelegd kan worden door de beroepsmatige positie van de zaakvoerder of bestuurder. Het is slechts omdat hij in de vennootschap beroepsmatig actief is dat hij erin slaagt het voordeel te verwerven. Een 'derde' zou nooit de kans krijgen een wagen (die meestal nog redelijk wat waard is) over te nemen tegen een lage, soms zelfs te verwaarlozen prijs. De fiscus beschouwt het genoten voordeel consequent als een belastbaar voordeel van alle aard, en dus als een belastbaar beroepsinkomen. De strijd rond deze leasingwagens woedt al jaren en wordt op verschillende fronten gestreden. Zo is er bijvoorbeeld de vraag of de fiscus zich tot de leasingmaatschappijen mag wenden om informatie te verzamelen over de identiteit van de personen die de aankoopoptie hebben gelicht. In het verleden hebben de leasingmaatschappijen zich op het fiscale bankgeheim beroepen om te stellen dat zij daarover geen informatie aan de fiscus zouden moeten meedelen. De jongste stand van zaken in de rechtspraak is, dat leasingmaatschappijen zich wel degelijk op het fiscale bankgeheim kunnen beroepen, maar slechts in hun relatie met de (voormalige) leasingnemers. Niet in hun relatie met derden die deze leasingwagens na afloop van het contract overnemen. Een andere vraag is of het voordeel dat uit het lichten van de aankoopoptie voortvloeit wel altijd kan belast worden. Wat als de optie niet gelicht wordt door de zaakvoerder of bestuurder, maar wel bijvoorbeeld door zijn zoon of dochter, of door zijn echtgenoot of levenspartner? In de praktijk gaat de fiscus er meestal van uit dat de zaakvoerder of bestuurder ook dan belast kan worden op een voordeel van alle aard. Hij gaat er immers van uit dat voordelen van alle aard belast kunnen worden zodra zij hun oorzaak vinden in de beroepsuitoefening van (hier) de zaakvoerder of bestuurder, en dat het daarbij niet uitmaakt aan wie het voordeel effectief toekomt. Het is op dit punt dat het Hof van Cassatie de fiscus nu terugfluit. Als de optie gelicht wordt door de levenspartner van de zaakvoerder of bestuurder, is het niet uitgesloten dat deze laatste erop belast wordt. Maar, zegt het opperste gerechtshof, vooraleer de zaakvoerder of bestuurder in deze omstandigheden belast kan worden, is hoe dan ook vereist dat de fiscus aantoont dat de betrokken zaakvoerder of bestuurder 'persoonlijk' voordeel heeft gehaald uit het lichten van de optie. Kan de fiscus dat niet bewijzen, dan gaat de zaakvoerder of bestuurder vrijuit. En zal de fiscus andere wegen moeten zoeken om het voordeel te belasten. Bijvoorbeeld door het als abnormaal voordeel toe te voegen aan de winst van de vennootschap die het voordeel mogelijk heeft gemaakt. Maar dat is dan weer een heel ander verhaal. De auteur is advocaat en hoofdredacteur van Fiscoloog. JAN VAN DYCKDe strijd rond leasingwagens wordt op verschillende fronten gestreden.