Misdadig opzet bij brand verontrust de verzekeraars meer en meer. Al eind jaren '60 lanceerden de verzekeringsmaatschappijen het idee om een commissie op te richten met vertegenwoordigers van de politie- en brandweerdiensten en de verzekeraars, de Arson Prevention Club (APC). "De verzekeringsmaatschappijen werken samen met de politiediensten en de parketten in een poging om het probleem aan te pakken. Als een wi...

Misdadig opzet bij brand verontrust de verzekeraars meer en meer. Al eind jaren '60 lanceerden de verzekeringsmaatschappijen het idee om een commissie op te richten met vertegenwoordigers van de politie- en brandweerdiensten en de verzekeraars, de Arson Prevention Club (APC). "De verzekeringsmaatschappijen werken samen met de politiediensten en de parketten in een poging om het probleem aan te pakken. Als een winkel of een handelszaak uitbrandt en er van een ongeval duidelijk geen sprake kan zijn, trachten ze te weten te komen of er spanningen waren in het gezin van de bedrijfsleider en of de financiële situatie van zijn onderneming precair was," verklaart Wauthier Robyns van de Beroepsvereniging der Verzekeringsondernemingen (BVVO). Bovendien hebben vele verzekeraars intern anti-fraudecellen opgericht, samengesteld uit doorgewinterde experts en privé-detectives. Een recent arrest van Cassatie steunt de fraudebestrijding en laat een nieuwe aanpak toe. Peter Wiels, woordvoerder van de BVVO, legt uit: "Vroeger moesten de maatschappijen de criminele oorsprong van de brand aantonen. Het nieuwe arrest laat voortaan toe de situatie om te draaien: wanneer de maatschappij beschikt over een goed onderbouwd dossier, wanneer ze ernstige aanwijzingen heeft dat de brand niet per ongeluk ontstaan is en wanneer kan aangenomen worden dat de eigenaar of de bedrijfsleider erachter zit, dan zullen deze laatsten moeten aantonen dat er geen poging tot fraude geweest is." Wiels meent dat er bepaalde activiteitsgebieden zijn waarin de verleiding groter is om naar extreme _ en onwettelijke _ middelen te grijpen om uit de ellende te geraken. "Alles wat te maken heeft met mode en amusement (sectoren waar de rotatiesnelheid hoog kan liggen) lijkt meer bloot te staan aan spectaculaire omzetdalingen en faillissementen," merkt Wiels op.De jongste jaren rijst een bijkomend probleem. Handelszaken en zelfs ondernemingen worden in de as gelegd omdat hun verantwoordelijken niet willen buigen voor afpersers. "We ondergaan allemaal de gevolgen van de fraude," beklemtoont Wiels. "Elke Belg betaalt jaarlijks gemiddeld 5000 frank te veel omwille van de fraudeurs."S.C.