Wie geregeld fietst, weet hoe vervelend zadelpijn kan zijn. Sommigen krijgen er al na tien minuten last van, anderen kunnen tegen een stootje. Zelfs fietsers die op de gevoelige plekken 'zitvlees' hebben ontwikkeld, moeten soms op de tanden bijten.
...

Wie geregeld fietst, weet hoe vervelend zadelpijn kan zijn. Sommigen krijgen er al na tien minuten last van, anderen kunnen tegen een stootje. Zelfs fietsers die op de gevoelige plekken 'zitvlees' hebben ontwikkeld, moeten soms op de tanden bijten. De pijn situeert zich rond het perineum (tussen anus en geslachtsorganen) en de geslachtsdelen. De klachten variëren van huidirritaties (blaren) en ontstekingen (steenpuisten) tot tijdelijke gevoelloosheid van de geslachtsstreek en impotentie. Tijdelijke impotentie wordt veroorzaakt door geknelde zenuwen in de urinebuis en het achterste deel van de penis, en door druk op de slagader in de penis. Het probleem van de ader lost zichzelf meestal op zodra de fietser van zijn zadel stapt. Beweren dat veel en lang fietsen leidt tot blijvende impotentie, gaat te ver. Maar het is wel mogelijk dat de zenuw na lange tijd wordt beschadigd. Bij vrouwen lopen de oorzaken en gevolgen van zadelpijn parallel. De aders en zenuwen liggen ongeveer op dezelfde plaats en zorgen voor gelijkaardige urologische en seksuele problemen. Typisch voor vrouwen is de pijn bij het plassen en bij seksueel contact, en de tijdelijke gevoelloosheid van de clitoris. Bij vrouwen die vaak fietsen, kunnen de grote schaamlippen permanent opzwellen. Dat is het resultaat van voortdurende knelling en opeenvolgende infecties. Fietsers moeten ten eerste zorgen voor voldoende hygiëne. Niet alleen houden ze de huid best droog en proper, ook de kledij moet schoon zijn. In bezwete kleren rondlopen, is uit den boze. Het is overigens geen goed idee om de streek rond geslachtsdelen en anus te scheren. De kans op irritaties en infecties verhoogt erdoor. Ten tweede kiest een fietser voor degelijk materiaal. Een absolute must is een goede, absorberende broek met een zeemvel zonder naden. Wat is een goed zadel? Daar bestaat geen consensus over. Het voornaamste principe is: blijf proberen tot je het goede hebt. We kunnen wel een paar richtlijnen geven. Zo moet een fietszadel op het breedste deel ondersteuning bieden aan de twee zitbeenderen. De afstand tussen de twee zitbeenknobbels verschilt van mens tot mens. Als het zadel niet breed genoeg is, hangen ze over de rand en moet het zachte weefsel de druk opvangen. Omdat vrouwen meestal een breder bekken hebben, staan hun zitbeenderen wat verder uit elkaar. Ook de houding speelt een rol. Bij een aerodynamische positie (voorovergebogen) lopen de zitbeenderen meer naar elkaar toe. Wie rechtop fietst, heeft een breder zadel nodig. Studies tonen aan dat rechtop zitten wel gunstiger is dan voorovergebogen. Dankzij ergonomisch onderzoek worden vandaag zadels in heel diverse vormen aangeboden: met een gleuf, holte, neus, V-uitsnijding... De bedoeling is om de druk goed te verdelen en de bloedvaten en zenuwen in de geslachtsdelen zo min mogelijk af te knellen. Ook de ventilatie van het zadel speelt een rol. Maar kan een gleuf of holte het comfort verhogen? Hierover bestaat nog geen eensgezindheid. Sommige onderzoeken bewijzen dat een uitsparing helpt, andere tonen aan dat een holte de druk minder goed verspreidt en dat de randen van de holten problemen veroorzaken. De vraag of een zadel uit leer of kunststof moet zijn gemaakt, is achterhaald. Een leren zadel heeft het voordeel dat het zich aanpast aan het lichaam van de fietser. Bovendien laat leer vocht door. Maar deze zadels moesten wel worden ingereden en onderhouden (invetten, soepel houden...). De huidige kunststofzadels zijn ook ademend, hebben een minimum aan onderhoud nodig, zijn lichter en goedkoper. Bijna allemaal hebben ze een gellaag. Liefhebbers van lange ritten kiezen meestal voor een hard zadel met een dunne laag, omdat de gel in zachte zadels op den duur verplaatst. De keuze tussen een hard of comfortabel zadel hangt af van het niveau van de fietser, zijn ambitie en het aantal uren dat hij op de fiets doorbrengt. Een beroepsrenner kiest voor een hard zadel, een recreant voor een zachter model. (T) hoofdredacteur bodytalk - Marleen.finoulst@bodytalk.beMarleen Finoulst