De pop-upshop in Genk is open van vrijdag 25 januari tot en met zondag 3 februari. Mail: kim@dramapr.be
...

De pop-upshop in Genk is open van vrijdag 25 januari tot en met zondag 3 februari. Mail: kim@dramapr.be Het zijn woelige tijden in modeland en verscheidene ontwerpers hingen hun label aan de wilgen. Maar er is ook goed nieuws. Neem de ontwerpster Veronique Branquinho die in 2008 haar bvba moest opdoeken. Zij is terug dankzij een samenwerking met de Italiaanse kledingproducent Gibò. "Hiervoor was ik een zelfstandige en onafhankelijke ondernemer die verantwoordelijk was voor alles. Ik voel me heel comfortabel in deze nieuwe situatie omdat ik me nu volledig kan concentreren op het creatieve gedeelte van mijn job", vertelde de Antwerpse in een interview. Eenzelfde geluid horen we bij Egidio Fauzia die met hulp van de Roemeense producent Texdata zijn label F. Egidio nieuw leven inblaast. Bovendien omzeilt hij met zijn anticrisisverkoopstrategie de vaak prijzige showrooms. Hij verkoopt zijn collectie gewoon rechtstreeks aan de klant. Vanaf morgen kunnen geïnteresseerden tien dagen terecht in zijn pop-upshop in Genk. Na afspraak word je er persoonlijk ontvangen door de ontwerper. Hij trakteert op een hapje en een drankje, toont zijn collectie en geeft een woordje uitleg. In zijn pop-upshop hangt nu al de herfst- en wintercollectie voor 2014. Klanten kunnen na een pasronde hun bestelling plaatsen. Het stuk wordt speciaal voor hen gemaakt en over drie maanden geleverd. "In deze lastige tijden zijn winkels erg voorzichtig. Uit angst voor overstock kopen ze slechts de veilige stukken -- lees: tijdloze basics -- uit de collectie. Jammer voor mij én voor de klant. Want veel vrouwen kopen graag iets bijzonders." "In plaats van daarover te klagen, bedacht ik deze nieuwe verkoopformule. Door op bestelling te werken, blijf ik nooit met overschot zitten. Mijn risico's zijn dus minimaal. Maar let op, de kleding wordt op bestelling gemaakt, maar ik lever geen maatwerk. Het is een prêt-à-portercollectie met confectiematen", legt Fauzia uit. "Door het persoonlijke contact in de pop-upshop kan ik mijn klanten uitleggen waarom Egyptisch katoen zoveel beter is dan gewoon katoen. En dat er tussen twee jassen in 100 procent leer enorme kwaliteitsverschillen zitten. Hetzelfde geldt voor kasjmier. Door mijn klanten dat te leren, kunnen ze een bewuste keuze maken. Omdat ze begrijpen waarom een wollen mantel bij H&M of Zara 100 euro kost en bij mij 500 euro. En dan heb ik het alleen over de materialen. Ook de productiekosten van kleine labels liggen veel hoger, tot wel 30 procent. Omdat ik in mijn pop-upshop rechtstreeks verkoop aan de klant kan ik de prijs iets laten zakken. Maar klanten die op zoek zijn naar een koopje, moet ik teleurstellen. Wie een broek van 200 euro te duur vindt, koopt hem waarschijnlijk ook niet voor 175 euro." Fauzia's concept lijkt pure win-win voor ontwerper en klant. Maar de wereld veroveren vanuit Genk is niet vanzelfsprekend. "Dit is een lokaal initiatief. Ik verwacht klanten uit een straal van 20 kilometer. Om mijn merk echt op de kaart te zetten, heb ik Belgische en internationale winkeliers nodig. Daarom presenteerde ik vorig weekend mijn collectie op de Parijse modebeurs Who's Next." Hoe zien zijn kleren er eigenlijk uit? "Mijn merk definiëren, vind ik moeilijk. Maar het is altijd gekleed, tamelijk clean en een tikkeltje sexy. Bovendien is het kwalitatief erg hoogstaand en hedendaags. Ik volg de trends, al giet ik ze wel in een luxueus jasje. Ik maak kleding voor vrouwen met een moderne geest, los van hun leeftijd. De collectie die ik nu verkoop, is geïnspireerd op de elementen aarde en vuur. Op basis van enkele natuurfoto's stelde ik kleuren en prints samen. De natuur is heel belangrijk voor mij. Ik koop al biologische producten sinds de jaren zeventig. Vanuit die overtuiging produceer ik al mijn kleding in Europa. Aan vervuilende leerlooierijen of giftige kleurbaden wil ik niet meewerken." Egidio Fauzia -- de zoon van een Siciliaanse mijnwerker -- draait al jaren mee in de branche. Een modeopleiding volgde hij niet, maar in 1977 opende hij als prille twintiger samen met zijn toenmalige vrouw Marmellata een kledingwinkel in Hasselt die onder meer de Franse avant-gardemode van Girbaud verkocht. Langzaam maar zeker begon het koppel zelf kleren te maken. Dat viel in de smaak en zo lanceerde het koppel in 1991 zijn eigen label Kyuso. Het werd een groot succes. Ze hadden shows in Parijs en 600 verkooppunten over de hele wereld. Een scheiding -- zowel privé als zakelijk -- maakte in 2000 een einde aan het verhaal. Maar Fauzia begon opnieuw onder zijn eigen naam. Zijn label F. Egidio maakte snel furore. Hij verkocht tot in Moskou en Sjanghai. Toch stopte hij in 2006. "Ik kon de productiekosten niet meer dragen. En ik wilde het ook niet meer. Ik was vastbesloten: Geen eigen label meer. Nooit meer." Fauzia maakte een kleine carrièreswitch. "Met mij worstelden veel Belgische designers met de stap tussen creatie en productie. Door de kleine aantallen lopen de kosten op. Bovendien geven producenten voorrang aan grotere orders. Toevallig ontmoette ik in die periode het Roemeense productiebedrijf Texdata. Aanvankelijk maakte het alleen samples, unieke proefstukken die worden getoond aan inkopers voor de collectie in productie gaat. Texdata had dus veel lagere aantalleneisen dan andere Europese producenten. Bovendien waren ze flexibel en was hun vakkennis subliem. Dé ideale partner voor kleine Belgische ontwerpers. Zo werd ik productieopvolger voor grote namen als Ann Demeulemeester en A.F. Vandevorst. Een heel fijne job. Mijn oude stiel miste ik absoluut niet." Hoe kwam F. Egidio dan toch terug tot leven? "Eigenlijk een stom toeval. Ik had de mensen van Texdata nooit iets over mijn verleden als ontwerper verteld. Maar op een dag waren ze het via via te weten gekomen. Toen bleek dat Texdata al jaren droomde van een eigen label. Ze vroegen me of ik mijn label opnieuw wilde lanceren. Daar moest ik niet lang over nadenken. Nu werk ik op commissiecontract als ontwerper voor Texdata. Zij dragen alle kosten. Naast mijn job als designer, doe ik ook nog steeds productieopvolging." Fauzia mag dan een late vijftiger zijn, aan uitbollen denkt hij nog lang niet. Hij heeft zelfs grote plannen. "Omdat vrouwencollecties sneller succes oogsten, begonnen we daarmee. Maar natuurlijk droom ik van een eigen mannenlijn. Dan moet ik nooit meer zelf gaan shoppen. Dat zou echt fantastisch zijn." IRIS DE FEIJTER, FOTOGRAFIE KRISTOF VRANCKEN"Klagen dat het vroeger beter was, helpt niet. Inventief zijn wel"