Op 13 mei 2014 oordeelde het Europese Hof van Justitie dat burgers het recht hebben zich onder bepaalde voorwaarden uit de zoekresultaten van Google te laten wissen. Werkgroep 29, een adviesorgaan met vertegenwoordigers van de nationale privacyautoriteiten, heeft richtlijnen uitgewerkt om de toepassing van dat recht in de Europese Unie te uniformiseren. Er zijn maar liefst dertien toetsstenen. "Gewoonlijk zal meer dan één criterium in acht worden genomen", zegt Patrick Van Eecke, partner van DLA Piper Brussel. "Elk criterium moet worden toegepast in het licht van de principes van het E...

Op 13 mei 2014 oordeelde het Europese Hof van Justitie dat burgers het recht hebben zich onder bepaalde voorwaarden uit de zoekresultaten van Google te laten wissen. Werkgroep 29, een adviesorgaan met vertegenwoordigers van de nationale privacyautoriteiten, heeft richtlijnen uitgewerkt om de toepassing van dat recht in de Europese Unie te uniformiseren. Er zijn maar liefst dertien toetsstenen. "Gewoonlijk zal meer dan één criterium in acht worden genomen", zegt Patrick Van Eecke, partner van DLA Piper Brussel. "Elk criterium moet worden toegepast in het licht van de principes van het Europees Hof, en in het bijzonder van 'het belang van het grote publiek bij de toegang tot de informatie'." Kort samengevat moet de aanvrager een individu zijn en de betwiste verwijzing moet verschijnen bij een opzoeking op naam, bijnaam of pseudoniem. De verwijdering mag het publiek niet blootstellen aan "onbehoorlijk publiek of professioneel gedrag". Met andere woorden, publieke personen in zeer brede zin -- zoals politici, hoge ambtenaren, zakenlui en gereguleerde professionals -- zullen het moeilijker hebben een schrapping te verkrijgen, als het niet gaat om privégegevens. Dat geldt ook voor verwijzingen naar strafrechtelijke veroordelingen, die geval per geval worden bekeken. Verwijzingen naar foute, misleidende, irrelevant geworden of disproportioneel schadelijke gegevens hebben meer kans op verwijdering. Zo ook gegevens over minderjarigen, ras, seksuele voorkeur, vakbondslidmaatschap, gezondheid, geloof of gegevens die een persoon in gevaar kunnen brengen. Voor journalistiek gelden bepaalde uitzonderingen in de privacywetgeving. Google en andere zoekmachines kunnen zich daar echter niet op beroepen. De Spaanse zaak die leidde tot de uitspraak van het Europees Hof draaide rond twee zestien jaar oude krantenaankondigingen van een vastgoedveiling wegens socialezekerheidsschulden. Nochtans kan daar het publieke recht op informatie spelen, houdt Werkgroep 29 een slag om de arm. Bovendien kan Google ertoe worden verplicht links naar officiële informatie te verwijderen, zelfs als de publicatie ervan op de oorspronkelijke website verplicht is. Mogelijk is het laatste woord daarover nog niet gezegd. Van Eecke: "Volgens de werkgroep gaat het enkel om zoekresultaten op basis van een zoekopdracht op naam. Maar er wordt meer en meer gezocht op basis van foto's. Moeten die resultaten dan niet worden gewist? Ook vindt de werkgroep dat de regelgeving het beste focust op aanvragen van personen die een duidelijke band met de EU hebben. Nochtans is de privacywetgeving van toepassing op elke organisatie die vanuit de EU opereert, los van de nationaliteit van de burgers. Anderzijds stelt de werkgroep dat niet enkel zoekresultaten op websites met Europese domeinnaamextensies (zoals '.be') verwijderd moeten worden, ook verwijzingen naar websites met generieke domeinnamen zoals '.com'. Google beperkte zich tot nog toe tot het eerste." @BRUNOLEI46