De Europese economie strompelt 2021 binnen. Ze is zwaar getroffen door de pandemie, vooral in het zuiden. De productie in Italië en Spanje is in 2020 met een tiende of meer gekrompen. Als de regelingen voor tijdelijke werkloosheid worden afgeschaft, kan de werkloosheid in Spanje naar 20 procent stijgen. In vergelijking daarmee is Duitsland er vrij ongeschonden afgekomen met zijn terugval van 5 procent in 2020.
...

De Europese economie strompelt 2021 binnen. Ze is zwaar getroffen door de pandemie, vooral in het zuiden. De productie in Italië en Spanje is in 2020 met een tiende of meer gekrompen. Als de regelingen voor tijdelijke werkloosheid worden afgeschaft, kan de werkloosheid in Spanje naar 20 procent stijgen. In vergelijking daarmee is Duitsland er vrij ongeschonden afgekomen met zijn terugval van 5 procent in 2020. Vroeger zou dat verschil tussen noord en zuid wrevel hebben veroorzaakt in de Europese Unie en de munteenheid onder druk hebben gezet. Maar 2021 brengt een breuk met dat verleden. Voor het eerst zal de Europese Unie zelf optreden om het evenwicht te herstellen. Daarvoor heeft ze een herstelfonds van 750 miljard euro, dat gefinancierd wordt met door de Europese Commissie uitgeschreven en door de lidstaten gewaarborgde obligaties. Het zal de poen verdelen in de vorm van leningen en giften. Het herstelfonds zal leiden tot een gespierdere Europese Commissie. Decennialang moest ze de uitgavenplannen van de lidstaten bewaken en toezien op de naleving van de budgettaire regels van de Europese Unie terwijl ze weinig middelen had om wangedrag te bestraffen. Nu ze over honderden miljarden euro's beschikt, kan ze misschien meer haar tanden laten zien. Haar ambtenaren zullen de nationale begrotingen evalueren voor ze het geld uitbetalen, ook al hebben alleen nationale regeringen een veto voor giften. De Commissie zal ook veel invloed hebben op de financiële markten. Voor de pandemie schreef ze jaarlijks maar een klein aantal obligaties uit. Tegen 2024 zal ze een van de grootste uitgevende instellingen zijn. Beleggers die hunkeren naar superveilige beleggingen, zullen zich massaal op die obligaties met een hoge rating storten. Een brok van het herstelfonds wordt gefinancierd met groene obligaties. Dat betekent dat de Commissie de komende drie jaar voor een kwart van de milieuvriendelijke uitgiften zal instaan. Dat zal bijdragen tot de groeiende populariteit van die vrij nieuwe beleggingsklasse. De regeringen zullen ook beginnen te praten over de afbetaling van al die schulden. De gesprekken zullen jaren duren. Maar omdat sommige landen de Europese Unie liever eigen belastingen ziet heffen dan dat hun bijdrage stijgt, kan er een nog machtigere rol voor de Commissie in zitten. En als het herstelfonds de deur opent naar meer schulduitgiften in de toekomst, zoals de voorstanders hopen, kan de Commissie een blijvende rol krijgen als een soort van budgettaire instelling van de Europese Unie. Er zal natuurlijk worden gezeurd. Sommige lidstaten -- vooral Nederland -- zullen sommige projecten in sommige landen geldverspilling noemen. Voor een echt snel herstel had het geld veel sneller uitgedeeld moeten zijn. Misschien lukt het in 2021 om een vijfde van het fonds vanuit Brussel te verdelen. Het oponthoud in de nationale hoofdsteden zal betekenen dat er in de loop van het jaar zelfs nog minder echt zal worden besteed. Nu de economieën fragiel blijven, zullen landen ongetwijfeld zelf meer moeten uitgeven. Maar desondanks waren de Europese economie en het Europese project er zonder het herstelfonds veel, veel slechter aan toe geweest.