Wij Europeanen (EU-15) zijn zeer productief, maar toch zo arm. Want per hoofd van de bevolking komen we maar aan 69 % van het inkomen per Amerikaan, terwijl we toch bijna even productief en dus even welvarend zouden moeten zijn. Het welvaartsverschil tussen beide kanten van de Atlantische Oceaan nam de voorbije jaren zelfs weer toe.
...

Wij Europeanen (EU-15) zijn zeer productief, maar toch zo arm. Want per hoofd van de bevolking komen we maar aan 69 % van het inkomen per Amerikaan, terwijl we toch bijna even productief en dus even welvarend zouden moeten zijn. Het welvaartsverschil tussen beide kanten van de Atlantische Oceaan nam de voorbije jaren zelfs weer toe. Vooral het aantal gewerkte uren zorgt voor de kloof. Amerikanen kloppen ons daar met lengten afstand. Niet alleen omdat ze langere dagen kloppen en minder vakantie nemen, maar vooral omdat een veel groter deel van de Amerikaanse beroepsbevolking aan de slag is. Twee derde van het groter aantal uren is te danken aan een hogere arbeidsparticipatie en een lagere werkloosheid. Volgens econoom Olivier Blanchard is er niets aan de hand. Europeanen houden gewoon meer van het goede leven en verkiezen liever wat meer vrije tijd boven een hoger inkomen. Europeanen hebben met de geboekte productiviteitswinsten meer vrije tijd gekocht, de Amerikanen een hoger inkomen. De welvaartskloof is dus het gevolg van een vrije keuze. En dus zijn Amerikanen en Europeanen vanuit welvaartsstandpunt even goed af. De welvaartskloof is volgens Blanchard een statistische illusie. Neen, zegt Edward Prescott. Dat de Europeanen minder werken, heeft alles te maken met de torenhoge belastingdruk op arbeid. Want wie wil lange dagen kloppen als het merendeel van de bijverdiensten toch aan Vadertje Staat moet worden afgedragen? Voor andere economen ligt de knoop dan weer gebonden bij de Europese welvaartsstaat. Want wie wil werken tot aan zijn 65ste als er op 58 al een behoorlijk riant brugpensioen klaarligt? Het is dit vroegtijdige verlaten van de arbeidsmarkt dat de belangrijkste oorzaak is van de lagere Europese levensstandaard. Alberto Alesina wijst ook op de macht van de Europese vakbonden die ijveren voor kortere werkweken, hoge ontslagvergoedingen en langere vakanties. Wie heeft gelijk, en welke factoren geven de doorslag? De befaamde Amerikaanse Robert Gordon (Northwesthern University) dook in de cijfers en presenteerde onlangs zijn bevindingen tijdens een werkbezoek aan de Brusselse denktank Bruegel. Robert Gordon: "Van het inkomensverschil van 30 % kan een kleine helft worden verklaard door verschillen in voorkeuren. Blijft dus een echte inkomenskloof over van 17 %."Gordon vertrekt bij de droge cijfers: het Europese bruto binnenlands product (bbp) per capita bedraagt 69 % van het Amerikaanse bbp per capita. Gordon telt dan 8 procentpunten bij het Europese inkomen voor de waarde van de extra vrije tijd die werkende Europeanen hebben - het gaat om de kortere werkweek en de langere vakanties, die zeker hun welvaartswaarde hebben. De lagere Europese werkgelegenheidsgraad - die aan de basis ligt van een groot deel van de inkomenskloof - weigert Gordon te bestempelen als een vrijwillige keuze. "Die vrije tijd is dus hooguit een procentpunt bbp per hoofd waard. De meeste mensen zitten niet vrijwillig zonder job, maar zouden liever werken. Mannen verkiezen werk boven heel wat vrijetijdsbestedingen, en boven de meeste huishoudelijke taken." Neemt u zelf de proef op de som. Wat kiest u: op maandagochtend een werkvergadering bijwonen, of op joelende kinderen passen terwijl u de strijk doet? Robert Gordon heeft de inkomenskloof op die manier al verkleind tot 22 %. Vervolgens pitst de econoom een stuk van het Amerikaanse bbp af, omdat een deel van dat bbp geen uiting van welvaart is, maar staat voor pure verspilling. Gordon: "Drie procentpunten van het Amerikaanse bbp per hoofd gaan op aan overmatige administratieve kosten in de Amerikaanse gezondheidszorg. De verzekeringsmaatschappijen hebben legioenen klerken in dienst om de claims van dokters en ziekenhuizen te betwisten, waarop ook zij een administratief leger moeten aanwerven om de nooit eindigende strijd aan te gaan."Gorden trekt van het Amerikaanse bbp ook 2 procentpunten overmatig energieverbruik af. Dat energieverbruik is het gevolg van een leef- en woonpatroon dat gestoeld is op uitgestrekte en uitwaaierende metropolen. Gordon rekent ten slotte nog een procent van het bbp aan voor de kosten om 2 miljoen Amerikanen in de gevangenis te bewaken. Blijft over: een échte welvaartskloof tussen Europa en de VS van 17 %. Europa zal die maar kunnen dichten als het erin slaagt de werkgelegenheid verder op te krikken zonder verdere productiviteitswinsten in het gedrang te brengen. 'Issues in the Comparison of Welfare Between Europe and the United States', Robert J. Gordon, Northwestern University, juli 2006.Daan Killemaes