Roken is goed voor de economie. Tenminste, dat was in maart 2000 de stelling van de toenmalige Tsjechische premier Milos Zeman, een verwoed roker.
...

Roken is goed voor de economie. Tenminste, dat was in maart 2000 de stelling van de toenmalige Tsjechische premier Milos Zeman, een verwoed roker. "Door te roken lever ik een bijdrage aan de staatskas. Met elk pakje dat ik koop, draag ik geld af aan de staat. Bovendien zal ik aan longkanker sterven en dat scheelt de staat een duur pensioen." Enkele maanden later presenteerde de Tsjechische regering een rapport dat suggereerde dat het voortijdig overlijden van rokers het land jaarlijks 250 miljoen bespaarde. Deze kostenbatenanalyse was een werkstukje van Philip Morris. Het Amerikaanse Center for Disease Control and Prevention maakte onlangs een soortgelijke oefening en kreeg - verrassing! - heel andere resultaten. Elk pakje sigaretten dat in Amerika verkocht wordt, kost de VS per saldo dik 7 dollar, of een totaal van ruim 150 miljard dollar. De helft van die kostprijs is te wijten aan medische zorgen ten gevolge van roken en de andere helft is het gevolg van verloren productiviteit. Die is vooral te wijten aan het voortijdig overlijden van de roker. "Er is een groot verschil in kosten voor de gemeenschap en wat de gemeenschap terugkrijgt aan belastinggeld. De maatschappij wordt belast door de persoonlijke keuze van de rokers," luidde de conclusie van het rapport. In België is zo'n kostenbatenanalyse nog niet gemaakt. Maar dat de overheid meer verdient dan uitgeeft aan rokende burgers is hoogst twijfelachtig. In 2002 zag minister van Financiën Didier Reynders ( MR) ruim 1,5 miljard euro aan accijnzen op tabak de schatkist in vloeien. Dat is echter te weinig om de uitgaven van de ziekteverzekering ten gevolge van roken te dekken. In 2003 ging 12 tot 15 % van het Riziv-budget - 1,8 à 2,6 miljard euro - bijna letterlijk in rook op (de berekening is gebaseerd op onderzoek in het buitenland naar het aantal longkankergevallen). Tel daarbij de niet-medische kosten van roken (absenteïsme, lagere productiviteit, hogere verzekeringspremies, hogere onderhoudskosten...) die volgens de Wereldbank nog hoger liggen dan de directe medische kosten. Intussen verschuift de kostprijs van het roken van Noord naar Zuid, of beter gezegd: van rijk naar arm. In landen met een lager inkomen wordt steeds meer gerookt. "De tabaksgiganten reageren op de rokersjacht in het Westen door naar de ontwikkelingslanden te trekken," zegt professor arbeidsrecht Roger Blanpain. De Wereldbank spreekt al van een epidemie die in de ontwikkelingslanden onrustbarende proporties heeft aangenomen. Nu zijn er 1,1 miljard rokers in de wereld, volgend jaar zullen dat er 1,6 miljard zijn. Het aantal doden door roken in de leeftijdsgroep van 35 tot 69 jaar wordt op 5 miljoen per jaar geraamd.