Wie een huis of een appartement verhuurt, moet de woning in goede staat ter beschikking stellen aan de huurder. Op het moment dat de huurovereenkomst wordt afgesloten, moet hij ervoor zorgen dat het pand voldoet aan de elementaire eisen van veiligheid, gezondheid en bewoonbaarheid. Tijdens de huurovereenkomst moet de verhuurder de nodige herstellingen uitvoeren om de woning in goede staat te houden. De huurder moet het gehuurde pand onderhouden als een goede huisvader. Hij is verantwoordelijk voor het zogenoemde kleine onderhoud -- kleine herstellingen zoals het vervangen van een schakelaar en de reparatie van een lekkende kraan. Hij moet ook vermijden dat de woning schade lijdt door de weersomstandigheden.
...

Wie een huis of een appartement verhuurt, moet de woning in goede staat ter beschikking stellen aan de huurder. Op het moment dat de huurovereenkomst wordt afgesloten, moet hij ervoor zorgen dat het pand voldoet aan de elementaire eisen van veiligheid, gezondheid en bewoonbaarheid. Tijdens de huurovereenkomst moet de verhuurder de nodige herstellingen uitvoeren om de woning in goede staat te houden. De huurder moet het gehuurde pand onderhouden als een goede huisvader. Hij is verantwoordelijk voor het zogenoemde kleine onderhoud -- kleine herstellingen zoals het vervangen van een schakelaar en de reparatie van een lekkende kraan. Hij moet ook vermijden dat de woning schade lijdt door de weersomstandigheden. Voor huurcontracten die dateren van na 18 mei 2007, zijn die regels van dwingend recht. Dat betekent dat de huurder en de verhuurder er niet van mogen afwijken. Voor wie een ouder contract heeft, liggen de zaken mogelijk anders. In die overeenkomsten werden vaak zwaardere verplichtingen opgelegd aan de huurder. De verhuurder moet ervoor zorgen dat de leidingen en de verwarmingsinstallatie in de woning goed functioneren, en dat er geen constructiefouten aan het gebouw zijn. Hij moet er ook op toezien dat in de verwarmingsruimte voldoende verluchting is, om een CO-vergiftiging te vermijden. Is dat niet het geval, dan is de verhuurder verantwoordelijk voor de eventuele gevolgen. De huurder moet de waterleidingen en de kranen in de woning beschermen tegen de vrieskou, ook als dat niet expliciet in de huurovereenkomst staat. Bij sneeuwval behoort hij de stoep schoon te vegen en de rioolputten vrij te houden. Hij moet de verwarmingsketel elk jaar laten onderhouden en de ketel doen draaien, zelfs wanneer hij de woning lange tijd niet gebruikt. Als het onweert of hard waait, mag hij geen ramen of dakramen laten openstaan, zodat het niet naar binnen kan regenen en de wind geen vrij spel krijgt. Hij moet de afvoerputjes voor regenwater op de platte daken vrijhouden. En hij dient erop toe te zien dat afvoerleidingen en de riolering niet verstopt raken. Is een schadegeval het gevolg van een constructiefout, dan moet de verhuurder de herstelling betalen. Is de schade te wijten aan een gebrek aan onderhoud, of heeft de huurder te weinig voorzorgsmaatregelen genomen, dan draait hij op voor de kosten. Als de huurder een gebrek aan de woning vaststelt, dient hij dat tijdig te melden aan de verhuurder, zodat die maatregelen kan treffen om verdere schade te vermijden. Doet hij dat niet, dan dreigt de huurder alsnog op te moeten draaien voor de gevolgen. Als er dringende herstellingen aan de woning nodig zijn, kan de huurder de verhuurder niet verbieden die in de loop van het huurcontract uit te voeren. Hij kan daar zelfs geen korting op de huurprijs voor eisen, tenzij de herstellingen meer dan veertig dagen in beslag nemen. In dat geval wordt de huurprijs verminderd, afhankelijk van de duur en de omvang van de werken. Is de ingreep zo drastisch dat de verhuurde woning onbewoonbaar wordt, dan kan de huurder de huurovereenkomst doen ontbinden. De waterschade door een gebarsten waterleiding of door een lek aan het dak is meestal gedekt door de brandverzekering. De verzekeraar vergoedt de geleden schade, bijvoorbeeld aan het plafond, de vloerbekleding, de muren of het schilderwerk. De draagwijdte van de dekking kan verschillen van maatschappij tot maatschappij. Ook de kosten om een schadegeval te voorkomen of de gevolgen ervan te beperken, kunnen worden vergoed. Is de huurder niet verzekerd, maar de verhuurder wel, dan kan die laatste zijn brandverzekering aanspreken. Ging de huurder in de fout door een gebrek aan onderhoud of omdat hij te weinig voorzorgsmaatregelen had getroffen, dan zal de verzekeraar de vergoeding wellicht proberen terug te vorderen van de huurder. Doe bij een schadegeval zo snel mogelijk aangifte bij uw verzekeraar. In heel wat polissen is een bijzondere bijstand inbegrepen, waardoor u aanspraak kunt maken op hulp voor dringende maatregelen. Het is ook raadzaam een lijst met de beschadigde goederen op te stellen. Neem daarbij foto's van de schade die u kunt vaststellen. JAN ROODHOOFT EN JOHAN STEENACKERSIs de schade te wijten aan een gebrek aan onderhoud, of heeft de huurder te weinig voorzorgsmaatregelen genomen, dan draait hij op voor de kosten.