Rond Pasen eten we meer eieren. Niet alleen van chocolade, ook van de kip. De eierconsumptie piekt ieder jaar in de paastijd. Betekent dat ook een piek in ons cholesterolniveau?
...

Rond Pasen eten we meer eieren. Niet alleen van chocolade, ook van de kip. De eierconsumptie piekt ieder jaar in de paastijd. Betekent dat ook een piek in ons cholesterolniveau? Anders dan vaak wordt gedacht, kunnen eieren in hun eentje geen te hoge cholesterolspiegel veroorzaken, simpelweg omdat cholesterol voor 80 procent door ons lichaam wordt aangemaakt. We zouden trouwens niet eens zonder kunnen, aangezien al onze celmembranen deels uit die stof bestaan. Een overschot aan cholesterol kan niet alleen worden toegeschreven aan de resterende 20 procent die uit onze voeding komt. En zeker niet aan een tijdelijke piek in de eierconsumptie. Des te vaker ligt de schuld bij ons lichaam zelf, dat het cholesterolmetabolisme niet altijd even goed in de hand heeft, in combinatie met een overdaad aan dierlijke verzadigde vetten. Het zijn vooral die laatste die de aanmaak van cholesterol in de lever stimuleren en dat zijn dus de werkelijke boosdoeners. Twee derde van de vetstoffen in eieren is juist 'onverzadigd' en heeft geen negatieve invloed op de cholesterol in het bloed. Met het effect van eieren op het cholesterolgehalte wil het dus nog meevallen. Mensen met een hoge cholesterolwaarde kunnen gerust twee of drie eieren per week eten. Ze moeten vooral oppassen met de verzadigde vetzuren uit dierlijke vetten in vlees en volle zuivelproducten. Waarin zit er meer cholesterol: in een ei uit een legbatterij of in een scharrelei? In dat laatste, omdat scharrelkippen niet alleen speciaal voer eten. Sinds een paar jaar is er een nieuwe generatie zogenaamde cholesterolarme eieren op de markt. De meeste bevatten dankzij het gebruik van plantaardig kippenvoer wat minder cholesterol (175 mg per ei, tegenover 250 mg voor een klassiek ei) en zijn net als vette zeevis van nature rijk aan omega 3-vetzuren. Deze bijzondere vetten verlagen de concentratie triglycerides (vetverbindingen) in het bloed. Uit verscheidene klinische onderzoeken is gebleken dat zulke eieren het risico op hart- en vaataandoeningen verminderen. Technisch is het nu ook mogelijk om eieren te verrijken met vitamine E, selenium en jodium. Andere eieren worden voorzien van extra carotenoïde pigmenten (oranjerode tot gele plantaardige en dierlijke kleurstoffen), goed voor de ogen, of van een hoger gehalte geconjugeerd linolzuur voor een betere vetverbranding. Met natuurlijke aanpassingen in het kippenvoer kunnen dus betere eieren worden verkregen die niet alleen anders van samenstelling zijn, maar ook rijker aan gezonde voedingsstoffen. Voedingsdeskundigen beschouwen eieren ook als de belangrijkste bron van eiwitten. Die bevatten een ideale concentratie aan essentiële aminozuren. Eiwitten bevinden zich vooral in het wit van het ei. Het eiwit ovalbumine komt in gekookte eieren overigens beter tot zijn recht dan in rauwe. De eiwitten uit rauwe eieren worden minder goed verteerd: slechts voor 51 procent. Bij gekookte eieren is dat 91 procent. Goed om te weten voor wie rauwe eieren eet omdat die zogezegd 'voedzaam' en 'natuurlijk' zouden zijn. Een ei van 60 gram bevat ongeveer 7 gram eiwitten en 7 gram vetten. De cholesterol en de andere vetten zitten in de dooier geconcentreerd. De voedingswaarde van eieren bedraagt 88 tot 95 kilocalorieën, wat heel redelijk is. We halen er ook veel vitamines uit. Eieren vormen een belangrijke bron van vitamine A, na lever het rijkst aan vitamine D, en geeft ons een flinke dosis vitamine E. Ook in groep B komen ze goed voor de dag, met een sterke vertegenwoordiging van vitamines B2, B3, B5, B12 en B9. (T) hoofdredacteur bodytalk Marleen.finoulst@bodytalk.be Marleen Finoulst