Decennialang was het verzamelen van Spilliaert veeleer een koppige dan een lucratieve activiteit, maar daar is de jongste jaren verandering in gekomen. Stilaan groeit de internationale belangstelling voor het oeuvre van de Belgische symbolist Léon Spilliaert (1881-1946). De voorlopige bekroning van die aandacht vond recentelijk plaats, toen het befaamde Musée d'Orsay in Parijs het werk Zelfportret met maskers kocht. Het gaat om een typische tekening met potlood en gewassen Oost-Indische inkt uit 1903, uit een serie expressieve zelfportretten. Het beste moet da...

Decennialang was het verzamelen van Spilliaert veeleer een koppige dan een lucratieve activiteit, maar daar is de jongste jaren verandering in gekomen. Stilaan groeit de internationale belangstelling voor het oeuvre van de Belgische symbolist Léon Spilliaert (1881-1946). De voorlopige bekroning van die aandacht vond recentelijk plaats, toen het befaamde Musée d'Orsay in Parijs het werk Zelfportret met maskers kocht. Het gaat om een typische tekening met potlood en gewassen Oost-Indische inkt uit 1903, uit een serie expressieve zelfportretten. Het beste moet dan nog komen. Pas enkele jaren later, vooral in 1907 en 1908, tekende Spilliaert een indrukwekkend aantal zelfportretten die somberder, theatraler en boeiender ogen. Hij slaat een weg in die nog wel de realistische contouren volgt, maar die tegelijkertijd ook speelt met de realiteit. Dramatiek en symboliek zijn belangrijker dan de realiteit. De kunstenaar verandert van observator in interpretator. Die evolutie kunnen we momenteel op twee manieren volgen. Nog tot 4 februari 2007 loopt in de Brusselse Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België de grootste overzichtstentoonstelling ooit van Spilliaert. En u kunt ze thuis volgen in de monumentale monografie Spilliaert - De bezielde blik. Zowel voor de tentoonstelling als voor het vormelijk én inhoudelijk magistrale boek tekende Anne Adriaens-Pannier, conservator aan de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten in België en dé autoriteit als het om Spilliaert gaat. Spilliaert kwam niet uit een artistiek milieu, al toonde zijn vader beslist zin voor inventiviteit en design. In de Oostendse Kapellestraat baatte Leonardus Spilliaert een grande parfumerie uit. Hij creëerde er nieuwe, succesvolle parfums, waarvoor hij vaak ook zelf de flesjes, dozen en verpakkingen ontwierp. Het rusteloze zoeken en experimenteren moet ook op zijn zoon Léon afgestraald zijn. Die zoon voegde er nog een flinke schep eigenzinnigheid aan toe, een karaktertrek die hem al tijdens zijn schooljaren heel wat problemen berokkende. Op het Onze-Lieve-Vrouwcollege, van 1894 tot 1898, ontwikkelde Spilliaert junior wel een passie voor literatuur. In 1889 schreef hij zich in aan de Academie voor Schone Kunsten, maar al na enkele maanden werd hij uit het register geschrapt. Zijn wankele gezondheid maakte de weg naar Brugge te moeilijk. Sindsdien was Spilliaert op zichzelf aangewezen, maar dat zou een veelzijdig oeuvre met een rist absolute meesterwerken niet in de weg staan. Ook al kreeg hij dan nooit volledig aansluiting met de nieuwe stijlen, zijn verwantschap met de surrealisten en met de abstraherende avant-garde is opvallend groot is. De sfeer van beklemming, eenzaamheid, desolaatheid, leegte en vooral vervreemding maakt hem zelfs... bijzonder eigentijds. Anne Adriaens-Pannier, Spilliaert - De bezielde blik. Ludion, 335 blz., 59,90 euro. Info over de tentoonstelling: www.expo-spilliaert.be.Luc De Decker