China kan je niet beschuldigen van een gebrek aan vindingrijkheid. Tenslotte werden het kanon, het kompas en drukken met losse letters daar uitgevonden. Maar dat was duizend jaar geleden tijdens het intellectuele gouden tijdperk van de Song-dynastie. Het Westen nam die uitvindingen over, verfijnde ze en gebruikte ze als basis voor zijn eeuwenlange technologische overheersing. China keert de zaken nu om en leent technologie die in het Westen ontwikkeld werd voor zijn eigen economische ontwikkeling. Kan het verder gaan dan louter leentjebuur spelen en kan het weer een sterke eigen innovatieve traditie ontwikkelen?
...

China kan je niet beschuldigen van een gebrek aan vindingrijkheid. Tenslotte werden het kanon, het kompas en drukken met losse letters daar uitgevonden. Maar dat was duizend jaar geleden tijdens het intellectuele gouden tijdperk van de Song-dynastie. Het Westen nam die uitvindingen over, verfijnde ze en gebruikte ze als basis voor zijn eeuwenlange technologische overheersing. China keert de zaken nu om en leent technologie die in het Westen ontwikkeld werd voor zijn eigen economische ontwikkeling. Kan het verder gaan dan louter leentjebuur spelen en kan het weer een sterke eigen innovatieve traditie ontwikkelen? Het meest in het oog springende evenement van het jaar wordt de lancering van de eerste module van het uitsluitend door Chinezen bemande ruimtestation dat rivaliseert met het internationale exemplaar waarin de VS, Canada, Rusland, Europa en Japan samenwerken. Het is een onderdeel van het plan om tegen het einde van het decennium Chinese astronauten naar de maan te sturen. Een andere Chinese instelling is het BGI. Die instelling werd opgericht als het Beijing Genomics Institute, maar is intussen gevestigd in Shenzhen en Hongkong. Het staat op het punt om het grootste laboratorium voor de sequencering van DNA ter wereld te worden. In 2011 beschikt het over meer sequenceringscapaciteit dan de Verenigde Staten in hun geheel. In tegenstelling tot het ruimteproject is het BGI een privé-initiatief, al komt een groot deel van de werkingsmiddelen via zachte leningen van de Chinese belastingbetalers. Het is een erg doeltreffende instelling. Het BGI heeft nu al het genoom van zo'n 50 dieren- en plantensoorten gesequenceerd. In 2011 is het een van de grootste deelnemers aan het International Cancer Genome Consortium. Dat is een samenwerkingsverband om het DNA van kankerweefsel te vergelijken met dat van gezond weefsel van dezelfde individuen. Het is de bedoeling om voor eens en voor altijd uit te maken welke genen kanker kunnen veroorzaken. Ook in nanotechnologie worden inspanningen geleverd. Er bestaat een consensus dat koolstofnanobuisjes een belangrijke rol zullen spelen. Een van 's werelds spraakmakende onderzoekers is Fan Shoushan van de Tsinghua-universiteit in Peking. Met zijn team is hij erachter gekomen hoe we van die nanobuisjes dunne folie kunnen maken. Die kan dan gebruikt worden om een nieuw type van luidspreker te bouwen die werkt op de verwarming en de afkoeling van lucht, in plaats hem rechtstreeks in beweging te brengen door op en neer te wippen. Nanobuisluidsprekers zijn nog niet marktrijp, maar China zit nu al in een goede positie om die markt te domineren. De Chinezen verwaarlozen ook de zuivere wetenschap niet. Bijvoorbeeld de paleontologie. Met zijn reusachtige oppervlakte en geologische verscheidenheid is China een uitstekend jachtterrein voor fossielspeurders. De be-langrijkste ontdekking tot nog toe is dat sommige dinosaurussoorten veren hadden. We kunnen aannemen dat er in 2011 nieuwe soorten gevederde dinosauriërs opduiken en dat op die manier meer licht geworpen wordt op de evolutie van de vogels. Intussen wordt in Dawodang in de provincie Guizhou het werk voortgezet aan wat ooit de grootste enkelvoudige schoteltelescoop ter wereld moet worden, weer een project zonder on-middellijk praktisch nut. In 2011 consolideert China zijn positie als tweede grootste nationale bron van wetenschappelijke publicaties; het stak in 2008 Groot-Brittannië voorbij. Met wat geluk zijn die papers ook van betere kwaliteit. Zowel binnen als buiten het land heerst het gevoel dat China een papiermolen dreigt te worden die studies van twijfelachtig allooi spuit, die maar al te vaak verzonnen zijn. Maar de fraudeurs moeten het hoofd bieden aan diegenen die erkennen dat wetenschap op een eerlijke wijze moet beoefend worden. In 2010 werden twee wetenschapsjournalisten wegens hun speuractiviteiten in elkaar geslagen. Dat gebeurt ook in 2011, maar zie het als een teken dat de geest van Song nog niet dood is en niet geïntimideerd wil worden door de krachten van de onwetendheid. De auteur is redacteur wetenschap en technologie van The EconomistGEOFFREY CARRDe Chinezen verwaarlozen ook de zuivere wetenschap niet.