Directeur prudentieel toezicht Marcel Maes (58 j.) verlaat de Commissie voor Bank- en Financiewezen ( CBF), de vroegere Bankcommissie. Zijn vertrek is een bom, de kritiek van de jongste dagen is geen bom, maar een granaat. Tot in Nederland is er negatieve commentaar op de beslissing sur mesure waardoor Herman Verwilst van Fortis met de zegen van de CBF voorzitter is van de raad van bestuur van de Grote Belgische Bank én een managementfunctie vervult. Marcel Maes staat voor strengheid en rechtlijnigheid, hij zal dat betreuren.
...

Directeur prudentieel toezicht Marcel Maes (58 j.) verlaat de Commissie voor Bank- en Financiewezen ( CBF), de vroegere Bankcommissie. Zijn vertrek is een bom, de kritiek van de jongste dagen is geen bom, maar een granaat. Tot in Nederland is er negatieve commentaar op de beslissing sur mesure waardoor Herman Verwilst van Fortis met de zegen van de CBF voorzitter is van de raad van bestuur van de Grote Belgische Bank én een managementfunctie vervult. Marcel Maes staat voor strengheid en rechtlijnigheid, hij zal dat betreuren. Marcel Maes en de Bankcommissie gaan ver terug. Als jonge econoom kwam hij er 33 jaar geleden binnen op de dienst bankcontroles, na een korte voorgeschiedenis bij het Nationaal Instituut voor Statistiek. Op de dienst economische studies van de CBF zeurde hij zijn oversten 25 jaar geleden zo de oren van de kop, dat ze hun dienst informatiseerden en de computer hun economische studies lieten ondersteunen. Vervolgens verkaste hij naar de dienst controle der uitgiften (titels en effecten), daarna stippelde hij jarenlang het personeelsbeleid uit en bekommerde zich om de administratie. Sinds vier jaar speurde hij als opvolger van Jean Dubois van boven zijn brilletje naar Belgische banken die hun boekje te buiten gingen. "Ook in die dienst zorgde hij voor een revolutie," klinkt het binnen de Bankcommissie. Maes gooide drastisch de onderzoeksmethodes om, pleitte voor een systematische aanpak en koppelde het onderzoek van de documenten aan de controle ter plaatse. Hij wilde de marktrisico's als uitgangspunt van de controles, niet de gevaren van insolvente debiteuren of fluctuerende wisselkoersen. De verwerking van controles moest volgens onwrikbare principes, die stoelden op de fundamentele visie van de directeur over hoe controle moet gebeuren: op basis van cijfers en computergegevens, wars van intuïtieve ingevingen. Marcel Maes is een introverte man met noeste blik, een karakteristieke beeltenis uit een doek van Constant Permeke. Met zijn voorgangers heeft hij de betonnen afstandelijkheid van het Belgische bankwezen gemeen. Maar terwijl jarenlange persoonlijke contacten soms door het pantser van anderen braken, houdt Marcel Maes beroeps- en persoonlijk leven strikt gescheiden voor de buitenwereld. Op recepties komt hij zelden, rond zijn familieleven bouwt hij een hoge muur. "Een gesloten man, geen prater," typeren hem mensen die hem kennen, "maar een integer mens met een sterke deontologie." Iemand die houdt van vormelijkheden, ook. Afstandelijker dan CBF-voorzitter Jean-Louis Duplat, die zijn gasten steevast tutoyeert. Marcel Maes houdt het bij een kurkdroog "mijnheer", wikt zijn woorden, valt nooit uit zijn rol. Maes' kritische blik op het bankwezen deed bankiers soms duizelen. Hij laakte herhaaldelijk de matige rendabiliteit en gevaarlijke prijzenpolitiek van banken. Sneren die zijn ingegeven door zijn eigen professionele verleden: uit boekhouding en administratie bracht hij zijn zuinige aanpak mee naar een bankwereld waarin niemand graag de les wordt gespeld. Toch stond de directeur er bekend als een bekwaam economist, die ook erkenning genoot in het Bazel Comité, het internationale controle- en overlegorgaan van banken met vertegenwoordigers van de centrale banken uit de tien rijkste landen (G-10), en er verschillende subcommissies voorzat. Waarom hij weggaat bij de Commissie voor Bank- en Financiewezen wil Marcel Maes niet in het publiek gooien. Maes: "Ik blijf tot het einde van dit jaar in functie, minstens tot dan ben ik verbonden aan de plicht tot gereserveerdheid." Het typeert de controleur van de CBF: een gewaardeerde professional, gedreven door sterke principes, heel gedisciplineerd. Stemmen in de wandelgangen voelden wel al dat er iets broedde. De introverte Marcel Maes is de tegenpool van Duplat, een exuberante intellectueel die vaak op de voorgrond treedt. Duplat speelt graag cavalier seul, al houdt hij vol niet solitair, maar solidair te regeren. "Hij is als een briljant advocaat-rechter van de oude stempel," zegt een bevoorrechte getuige. "Hij luistert naar alle bronnen, maar hakt uiteindelijk zelf de knoop door. Zonder iemand over zijn beslissing te consulteren." Eind vorig jaar wilde zelfs de overheid daarin verandering zien. De audits van Price Waterhouse en McKinsey in de CBF dringen aan op hervormingen die de macht van de voorzitter inperken; het ministerie van Financiën heeft daarop gereageerd met een koninklijk besluit. Vóór het KB lieten de directeurs zich in met het dagelijkse bestuur, maar lag de beslissingsmacht bij de zes leden van de Commissie voor Bank- en Financiewezen. Directeurs mochten dossiers indienen, maar er niet over beslissen. Duplat was de enige voltijdse kracht in de CBF en kon zijn woord laten doorwegen bij beslissingen. Sinds het van kracht worden van het KB is de beslissingsmacht naar het directiecomité - Jean-Louis Duplat, Marcel Maes, Claude Lempereur, Jean Lebrun en Michel Cardon de Lichtbuer - verschoven. "Het directiecomité moet meer zijn dan de verzameling van de vier directeuren en de voorzitter," meldt het McKinsey-rapport. "Het is een onafhankelijk orgaan dat de dagelijkse leiding over dossiers heeft en dat de beslissingen neemt. De commissie zelf wordt een raad van bestuur met een toezichtsfunctie." De nieuwe structuur beknot de macht van Jean-Louis Duplat. Maar nog altijd werkt de commissie met twee snelheden: reglementair kregen de CBF-directeurs grote verantwoordelijkheid, maar er wordt niet altijd evenveel concrete inhoud gegeven aan die verandering. "Duplat speelt het spel niet zoals Maes het wil," zegt een bron binnen de Bankcommissie. McKinsey drong aan op meer aandacht voor prudentiële controle van de banken, het domein van Marcel Maes. Nu werken er veertig mensen - onder wie amper zeventien inspecteurs - op het departement. Dat aantal zou tot vijftig opgetrokken moeten worden, om meer en modernere controles op het terrein te kunnen uitvoeren met financieel in plaats van louter juridisch geschoolde mensen. In totaal wil McKinsey honderd mensen van stoel zien verhuizen richting bankencontrole. Sommigen fluisteren dat de CBF te traag reageert, dat daar de wortels liggen van het vervroegd opstappen van Marcel Maes. "Dat zijn de interpretaties van anderen," zegt de directeur met de diplomatie van een volleerd politicus. "Ik geef daar geen commentaar op."FRANK DEMETS