In Spanje mochten mensen zes weken niet buitenkomen. In Wuhan zaten ze 76 dagen opgesloten. Op de Filipijnen mochten kinderen meer dan een jaar hun huis niet uit. Dat waren enkele van de strengste lockdowns die jongeren door de pandemie hebben moeten doorstaan. Maar zelfs kortere periodes hebben kinderen voorgoed getekend. De gevolgen zullen in 2022 steeds duidelijker worden.
...

In Spanje mochten mensen zes weken niet buitenkomen. In Wuhan zaten ze 76 dagen opgesloten. Op de Filipijnen mochten kinderen meer dan een jaar hun huis niet uit. Dat waren enkele van de strengste lockdowns die jongeren door de pandemie hebben moeten doorstaan. Maar zelfs kortere periodes hebben kinderen voorgoed getekend. De gevolgen zullen in 2022 steeds duidelijker worden. Een van de meest trieste tendensen is de versnelde stijging van het aantal kinderen met obesitas. In een wereldwijde studie die in 2017 in The Lancet verscheen, werd voorspeld dat de cijfers van zwaarlijvigheid bij kinderen en adolescenten tussen vijf en negentien jaar in 2022 voor het eerst hoger zouden zijn dan het aantal kinderen met ondergewicht. Die voorspelling lijkt nu uit te komen. Veel mensen denken dat je enkel in rijke landen zwaarlijvige kinderen vindt en in arme landen enkel een overvloed aan uitgemergelde kinderen. Maar in feite woont 27 procent van de kinderen jonger dan vijf jaar met overgewicht in Afrika, en 48 procent in Azië. In sommige delen van Afrika en Azië is het aantal zwaarlijvige kinderen twee tot vier keer hoger dan het aantal kinderen dat te mager is voor zijn lengte. De voorbije tien jaar is het aantal zwaarlijvige kinderen stilaan geklommen, terwijl het aantal ondervoede kinderen zakt. In 2020 had 5,7 procent van de kinderen onder vijf jaar overgewicht en 6,7 procent was te mager. Door de pandemie is alles in een stroomversnelling beland. Veel gezinnen in arme landen ondervonden meer problemen om brood op de plank te krijgen. Hun kinderen zijn wellicht vemagerd. Maar het verlies van spieren en vet kan bij een kind snel ongedaan gemaakt worden zodra de voeding verbetert. Het gevolg daarvan is dat de neerwaartse trend in het aantal kinderen met ondergewicht van korte duur zal zijn. Bij overgewicht ligt dat anders. Voor wie als kind slechte voedingsgewoonten aanleerde en weinig lichaamsbeweging had, is de kans groot dat dat later niet verandert. Bij miljoenen kinderen zijn die gewoonten tijdens de pandemie nog slechter geworden. In de rijke landen zijn meer zwaarlijvige kinderen in arme gezinnen. In de arme landen is het dan weer een probleem van de middenklasse. De situatie wordt nog verergerd doordat uithongering op jonge leeftijd bij een kind het risico verhoogt op een versnelde gewichtstoename op latere leeftijd. Veel arme landen hebben nu te kampen met een dubbele epidemie van ondervoeding en obesitas. In 2022 en de jaren daarna wordt verwacht dat meer landen zich inzetten om iets te veranderen aan de 'obesogene' omgeving waarin kinderen leven. Beleidsmakers zullen hogere heffingen invoeren op gesuikerde dranken en tussendoortjes, ze zullen lichamelijke opvoeding en voedingsprogramma's op school in een nieuw jasje steken en obesitas als een ziekte beginnen te behandelen. Voor de jongste getroffenen geldt dat hoe sneller de situatie ongedaan gemaakt kan worden, hoe groter de kans is dat ze later een langer en gezonder leven leiden.