Het vertrek van obligatiegoeroe Bill Gross naar Janus Capital bracht in 2014 een schokgolf teweeg bij PIMCO. In enkele maanden vloeide meer dan 250 miljard dollar weg uit de producten van de beheerder, en vooral uit het vlaggenschipproduct PIMCO GIS - Income Fund. Na het vertrek van Gross namen Dan Ivascyn en Alfred Murata het beheer over. Sinds eind 2014 gaan de activa opnieuw in stijgende lijn, tot 60 miljard euro voor de Europese tak. De beheerders slaagden erin aan hun cliënten een aantrekkelijk maandelijks inkomen uit te keren. Net zoals in het verleden bleef tegelijk ook het kapitaal toenemen en was de volatiliteit extreem laag. De Morningstar-rating van het defensieve product bleef stabiel op vier of vijf sterren. Meer dan 300 beheerders en analisten zijn betrokken bij dat gigantische fonds, dat meer dan 200 miljard dollar beheert.
...

Het vertrek van obligatiegoeroe Bill Gross naar Janus Capital bracht in 2014 een schokgolf teweeg bij PIMCO. In enkele maanden vloeide meer dan 250 miljard dollar weg uit de producten van de beheerder, en vooral uit het vlaggenschipproduct PIMCO GIS - Income Fund. Na het vertrek van Gross namen Dan Ivascyn en Alfred Murata het beheer over. Sinds eind 2014 gaan de activa opnieuw in stijgende lijn, tot 60 miljard euro voor de Europese tak. De beheerders slaagden erin aan hun cliënten een aantrekkelijk maandelijks inkomen uit te keren. Net zoals in het verleden bleef tegelijk ook het kapitaal toenemen en was de volatiliteit extreem laag. De Morningstar-rating van het defensieve product bleef stabiel op vier of vijf sterren. Meer dan 300 beheerders en analisten zijn betrokken bij dat gigantische fonds, dat meer dan 200 miljard dollar beheert. De afgelopen twaalf maanden haalde PIMCO GIS - Income Fund een rendement van meer dan 4,2 procent. Het kapitaal is de afgelopen vijf jaar gegroeid met gemiddeld 3 procent per jaar. Murata schrijft die prestatie toe aan "de multisectorale strategie die, los van referentie-indexen, alle beschikbare middelen inzet om wereldwijd de beste obligaties te vinden die een regelmatig rendement genereren." Om die doelstelling te bereiken, hebben de beheerders de activa onderverdeeld in twee categorieën: een met activa die de hoogste rendementen opleveren en moeten kunnen profiteren van een sterke conjunctuur, en een met kwaliteitsactiva die goed moeten presteren als de economische groei zwakker is. "Door die twee benaderingen te combineren slagen we erin onze doelen te halen, ongeacht de wereldwijde economische context", stelt Murata. "En soms is het belangrijk genoeg geduld te hebben." Het vooruitzicht van een stijging van de obligatierente is een grote uitdaging voor het fonds. "Maar een actieve beheerder heeft heel wat instrumenten ter beschikking om zich daartegen te wapenen", zegt Murata. "Een mogelijkheid is dat hij de gevoeligheid van de portefeuille aanpast aan een rentestijging in functie van de macro-economische vooruitzichten." Zo kunnen de beheerders de looptijden van de portefeuille verkorten als de rente laag en het risico op een correctie groot is, of omgekeerd de looptijden verlengen als de rente stijgt en de rendementen aantrekkelijk worden. "Een andere manier om het risico van een rentestijging te verminderen, is te profiteren van de conjunctuur buiten de grote westerse markten. De voorbije jaren hebben we bijvoorbeeld veel belegd in Australië. Op die ontwikkelde markt van hoge kwaliteit gaat de rente door de moeilijke economische omstandigheden in dalende lijn." Murata wijst erop dat er ook obligatieproducten bestaan die veel beter presteren in tijden van sterke economische groei, zoals Amerikaanse geëffectiseerde hypotheekleningen of mortgage backed securities. Ook daarmee kan hij het renterisico voor de portefeuille te beperken. Om te profiteren van de economische context geven de beheerders de voorkeur aan papier uit landen van een hoge kwaliteit. Daarbij focussen ze vooral op de Verenigde Staten. "Aangezien de obligatierente de afgelopen twaalf maanden omhoog is gegaan, hebben we daarvan geprofiteerd om kwaliteitsinkomsten toe te voegen aan de portefeuille. Amerikaanse obligaties spelen ook een rol als vluchtwaarde, wat de portefeuille een betere bescherming biedt als er een periode van hoge volatiliteit zou aanbreken." Het fonds houdt zich ver van obligaties met langere looptijden, die kwetsbaar zijn als de inflatiedruk plotseling sterk toeneemt. Het fonds heeft daarentegen shortposities op de Japanse markt ingenomen, om te profiteren van een rentestijging. "Die positie is asymmetrisch, met weinig baisserisico. Als de obligatierente wereldwijd blijft stijgen, verwachten wij dat de Japanse centrale bank geleidelijk meer onder druk komt om haar rentebeleid aan te passen. Dat zal de deur openen voor een stijging van de Japanse rente." De omvang die de portefeuille heeft bereikt, verontrust Murata niet echt. "Die omvang is groot, maar als je die afzet tegen de omvang van de wereldwijde financiële markten (ongeveer 170.000 miljard dollar), is dat nog heel bescheiden. Wij hebben ook veel ervaring met het beheer van zo'n grote portefeuille. We kunnen rekenen op een groot team van beheerders en analisten wereldwijd." In zijn jongste analyse van het fonds gaf Mara Dobrescu, een analist van Morningstar, een Silver-rating aan het product op basis van het sterke selectieproces en de verdeling tussen de verschillende activaklassen, de lage volatiliteit en het aantrekkelijke inkomen. "Met die strategie heeft de portefeuille in 2011 en 2013 goed weerstand geboden. Toen in 2008 de financiële crisis uitbrak, was er slechts een lichte terugval", schrijft Dobrescu. "De beheerders zijn van mening dat de omvang van de portefeuille geen nadeel is", stelt ze vast. "Wij zouden graag zien dat het fondshuis maatregelen neemt om de activaverdeling te beschermen tegen een te grote verwatering."