Vorige week donderdag stelde de rechtbank van eerste aanleg in Brussel het proces van Bic tegen de Belgische staat uit. De Franse producent van wegwerpscheerapparaten eist een schadevergoeding van 20 miljoen frank wegens discriminatie. Dat zit 'm zo. In tegenstelling tot de concurrenten Gillette en Schick-Wilkinson vervaardigt Bic mesjes uit één stuk en is het dus onderworpen aan een ecotaks van 10 frank per exemplaar. Deze maatregel heeft de prijs verdubbeld, zodat Bic de facto uit de markt wordt gestoten. Discriminatie, aldus de onderneming.
...

Vorige week donderdag stelde de rechtbank van eerste aanleg in Brussel het proces van Bic tegen de Belgische staat uit. De Franse producent van wegwerpscheerapparaten eist een schadevergoeding van 20 miljoen frank wegens discriminatie. Dat zit 'm zo. In tegenstelling tot de concurrenten Gillette en Schick-Wilkinson vervaardigt Bic mesjes uit één stuk en is het dus onderworpen aan een ecotaks van 10 frank per exemplaar. Deze maatregel heeft de prijs verdubbeld, zodat Bic de facto uit de markt wordt gestoten. Discriminatie, aldus de onderneming. Ondertussen blijft het bedrijfsleven bijna drie jaar na de officiële goedkeuring van de wet op 16 juli '93 in het ongewisse over de concrete toepassingen van de ecotaks. Is het Bic-proces een voorbode van een waslijst rechtszaken ? Kurt Deketelaere, docent milieurecht aan de KU-Leuven, advocaat aan de balie in Brussel en lid van de opvolgingscommissie ecotaksen, denkt van niet. KURT DEKETELAERE. Dank zij de deskundigheid van fiscalist Ivan Pittevils, adviseur van Financiën, en economist Marc Declerq, voorzitter van de opvolgingscommissie, heeft de nieuwe ecotakswet van 7 maart '96 de scherpste kantjes van de discussie afgerond. De meeste bedrijven zullen de milieuheffing kunnen vermijden door het opzetten van statiegeldsystemen, het bereiken van recyclagepercentages, het organiseren van ophaalsystemen, enzovoorts. TRENDS. Bestaat er nu eindelijk rechtszekerheid ? Neen. Zowel voor het verleden als voor de toekomst zijn er nog een aantal knelpunten. Zo verscheen de ecotakswet pas op 30 maart '96 in het Belgisch Staatsblad. Toch zijn bepaalde belastingen op o.a. batterijen en melkverpakkingen vanaf 1 januari '96 verschuldigd, zoals de administratie al op 29 december '95 officieel berichtte. Hopelijk ziet minister van Financiën Philippe Maystadt het eerste kwartaal van '96 door de vingers, zoniet zouden wel eens opnieuw problemen kunnen rijzen inzake de verschuldigdheid van de ecotaksten in de tijd. Bovendien vrees ik nog discussies zoals in de Bic-zaak over het respect voor het gelijkheidsbeginsel bij de verschillende ecotaksen, alsook over de juridische coördinatie met regionale en federale wetgeving inzake afval en producten. Tegen 30 juni '96 moet de Europese richtlijn op verpakkingsafval geïmplementeerd worden. Met de ecotaks is België eindelijk ook eens de goede leerling van de klas op milieuvlak ?De Europese verpakkingsrichtlijn zou wel eens een schaduw kunnen werpen over de nieuwe ecotakswet. Inzake recyclagepercentages is de ecotakswet immers strenger dan de verpakkingsrichtlijn. De vraag luidt nu of dit wel kan. Het betreft immers geen milieurichtlijn (cfr. artikel 130 S EG-Verdrag), maar een harmonisatierichtlijn (cfr. artikel 100 A EG-Verdrag), waarvan een lidstaat maar kan afwijken na voorafgaandelijk onderzoek en goedkeuring door de Europese Commissie. Dit laatste is in het geval van de nieuwe ecotaks zeker niet gebeurd. Daarenboven moet in de verpakkingsdiscussie rekening gehouden worden met het feit dat de Europese Commissie momenteel overweegt om juridische actie te ondernemen tegen het Duitse DSD-systeem ( Der Grüne Punkt), wegens potentiële handelsbelemmeringen en verstoring van de concurrentie. Gelooft u niet in de ecotaks als economisch instrument om de verpakkingsdoelstellingen te bereiken ?Jawel, maar krachtens artikel 15 van de verpakkingsrichtlijn zijn dergelijke maatregelen in eerste instantie een taak van de Europese Unie. Pas bij gebrek aan Europees initiatief kunnen de lidstaten zelf maatregelen van die aard nemen. Gelet op het bestaan van een Europese werkgroep voor de uitwerking van een Europees kader voor nationale ecotaksten is enige terughoudendheid van de lidstaten wel aangewezen. Bovendien beroept Bic zich nog op de Europese richtlijn 83/189 inzake aanmelding van normen en technische voorschriften. Op grond van deze richtlijn heeft de Raad van State vroeger reeds gewezen op de kennisgevingsplicht van de ecotaksen.Heeft de wet op de ecotaks dan nog wel zin ?Zeker. Onder druk van de ecotaksen heeft de Belgische industrie de voorbije jaren bijzonder veel inspanningen geleverd om haar oude verpakkingen te verzamelen, te recycleren en/of te hergebruiken. Door de pragmatische aanpak van de opvolgingscommissie is de ecotaks in feite uitgegroeid tot een efficiënte stok achter de deur. Wel moet de overheid de komende maanden bijzondere aandacht besteden aan de afstemming van het juridisch kader van de verschillende regionale en (supra)nationale wetten. Ecotaks, Europese verpakkingsrichtlijn, interregionaal akkoord inzake verpakkingsafval, afvalstoffendecreten en productnormeringen mogen niet onverstoord vermengd worden.Is een dode mus dan niet beter dan helemaal géén mus, zoals premier Jean-Luc Dehaene tijdens het kamerdebat over de herziening van de ecotaks flegmatiek antwoordde ? De OESO stelt al jaren dat de administratieve kosten van milieubeleidsinstrumenten zo laag mogelijk moeten zijn. De ecotaks die principieel geen geld hoeft op te brengen (respectievelijk 3 en 8 miljoen frank in '94 en '95) heeft de overheid al een paar honderden miljoenen franken gekost. De vraag rijst of dezelfde doelstellingen niet gehaald kunnen worden met goedkopere middelen, zoals een boetesysteem bij strikte normen. Maar dan moet je natuurlijk over een goed controle-apparaat beschikken.Het belangrijkste probleem, zowel op Vlaams als op Belgisch niveau, is echter dat de milieuwetgever tegelijkertijd te snel en te ver wil gaan. De bevolking en de industrie moeten de tijd krijgen hun gedrag aan de nieuwe milieuwetten aan te passen. De recente maatregelen inzake ecotaks, bodemsanering, milieuvergunningen en bedrijfsinterne milieuzorg voorzien zeer korte overgangsperiodes en nopen dus tot de nodige aanpassingen en afzwakkingen. Decennialang ecologisch nietsdoen ('50-'80) kan niet op vijf jaar tijd worden rechtgezet. Politici, die zich daaraan bezondigen, dreigen bij de bevolking en de industrie een anti-milieureflex te creëren. In een tijd van hoge werkloosheid is dit een niet onrealistisch denkschema. En dan zijn we nog verder van huis dan tevoren. ERIC POMPENMILIEUJURIST KURT DEKETELAERE (KU-LEUVEN) Er dient dringend gewerkt aan meer coherentie van het juridisch kader op regionaal, nationaal en supranationaal vlak.