Het Europese Hof van Justitie heeft beslist dat de sectorale normen voor windturbines niet kunnen worden uitgevaardigd zonder een voorafgaand milieu-effectenrapport (MER). Het arrest behandelde de Waalse regelgeving, maar heeft gevolgen voor de rest van Europa, Vlaanderen incluis. "Het Hof van Justitie dreigt een bom te leggen onder tal van windturbineprojecten", stelt de Antwerpse advocaat Gregory Verhelst.
...

Het Europese Hof van Justitie heeft beslist dat de sectorale normen voor windturbines niet kunnen worden uitgevaardigd zonder een voorafgaand milieu-effectenrapport (MER). Het arrest behandelde de Waalse regelgeving, maar heeft gevolgen voor de rest van Europa, Vlaanderen incluis. "Het Hof van Justitie dreigt een bom te leggen onder tal van windturbineprojecten", stelt de Antwerpse advocaat Gregory Verhelst. De vzw Eoliennes à tout prix trok in 2014 naar de Raad van State tegen de Waalse normering voor windmolenparken. Die normen hielden een versoepeling in, bijvoorbeeld voor de geluidsnormen en de slagschaduw. De Raad van State legde de zaak voor aan het Europese Hof van Justitie met de vraag of normering voor die parken valt onder de richtlijn 2001/42 over "de beoordeling van de gevolgen voor het milieu van bepaalde plannen en programma's". Het Hof besliste dat die parken wel degelijk behoren tot die categorie en die sectorale normen dus slechts vastgesteld kunnen worden na de opmaak van een MER. De Raad van State zal het Hof van Justitie meer dan waarschijnlijk volgen en de Waalse normen vernietigen. Daardoor dreigt een juridisch probleem voor tal van windturbineparken in het Waalse Gewest. De windturbinesector reageerde vorige week al in de Franstalige media. "Het zet de Waalse doelstellingen voor de hernieuwbare energie op de helling", meent Fawaz Al Bitar van de Fédération de l'énergie d'origine renouvelable et alternative ASBL (Edora) in La Libre. De uitspraak is meer dan een technische kwestie op Waals niveau, zoals blijkt uit het feit dat de Franse regering mee tussenbeide kwam om het Hof van Justitie ervan te overtuigen dat een MER niet nodig zou zijn voor de normen voor windturbines. Verhelst: "In de eerste plaats zullen in het Waalse Gewest wellicht de normen voor windturbines sneuvelen. Dat zet soortgelijke normen in heel Europa op de helling. Er zijn tal van milieunormen voor de meest diverse sectoren, die nooit aan een MER onderworpen zijn geweest. Nochtans is de Europese richtlijn daarover al van toepassing sinds 2004. Die milieunormen kunnen misschien niet meer rechtstreeks aangevochten worden, omdat de beroepstermijnen verstreken zijn. De rechtbanken kunnen in specifieke geschillen wel de wettigheid van die normen onderzoeken en de normen buiten toepassing laten." De Vlaamse WindEnergieAssociatie (VWEA) onderzoekt de gevolgen van het arrest voor de Vlaamse regelgeving. Directeur Bart Bode: "Elke periode van rechtsonzekerheid is nefast voor het investeringsklimaat voor windenergie in Vlaanderen." De bal ligt in het kamp van het kabinet van de Vlaamse minister van Milieu Joke Schauvliege (CD&V). Zij moet een oplossing zoeken om een juridisch imbroglio te vermijden. De opmaak van een MER neemt makkelijk enkele maanden tot zelfs jaren in beslag. "In afwachting kunnen de normen telkens ter discussie worden gesteld", voorspelt Verhelst. "Een exploitant die vindt dat de normen te streng zijn, kan proberen ze door de rechter buiten toepassing te laten verklaren. Een buurtcomité dat vindt dat de normen te soepel zijn, heeft een extra juridisch wapen om een project onderuit te halen. Een lange periode van rechtsonzekerheid dreigt voor ondernemingen en particulieren." Hans Brockmans