Vorige week stond bol van groot start-upnieuws. Door een verse kapitaalronde van 100 miljoen dollar bereikte de dataspecialist Collibra als eerste Belgische bedrijf de status van eenhoorn, een niet-beursgenoteerd bedrijf dat 1 miljard dollar waard is. De app-beveiliger Guardsquare haalde in ruil voor 29 miljoen dollar het Amerikaanse investeringsfonds Battery Ventures binnen als meerderheidsaandeelhouder. Misschien treedt Guardsquare over een paar jaar wel in de voetsporen van Collibra. Tot nu is het veeleer uitzonderlijk dat Belgische start-ups doorgroeien tot een echt groot bedrijf. Veel frequenter is dat ondernemers hun groeiparel verkopen. In 2018 werden 36 bedrijven overgenomen, volgens Sirris, het onderzoekscentrum van de technologische industrie. Drie voorbeelden zijn het Hasseltse databedrijf Trendminer, het Brusselse bedrijfsvideobedrijf 87seconds en het Herentse Porphyrio, dat bigdatasoftware aanbiedt voor pluimveebedrijven. Vaak wordt zo'n verkoop negatief bekeken: weer een groeiparel die in buitenlandse handen valt. Maar eigenlijk klopt dat niet. Voldoende exits - zoals overnames in het start-upjargon heten - zijn juist een indicator van een gezond start-upecosysteem. "Je moet heel snel groeien als start-up", zegt Frederik Tibau, de directeur internationale relaties van de netwerkorganisaties Startups.be en Scale-Ups.eu. "En soms moet je je afvragen: hoe groei je het snelst vanuit een klein land als België? Je kunt het op je eentje doen, met het risico dat het niet lukt. Of je kunt je bedrijf verkopen aan een grote speler, die vaak al uitgebreide distributiekanalen heeft. Waardoor je sneller kunt schakelen."
...