A ch, wissen Se, ick kann jar nich soville fressen, wie ick kotzen möchte. " Dat zei Max Liebermann (1847-1935) in het plat Berlijns bij de machtsovername van Hitler (Ach, weet u, ik kan helemaal niet zoveel vreten als ik zou willen kotsen). De joodse schilder had in zijn leven wel wat af te rekenen met antisemitisme, maar was toch vooral een prominent lid van het Berlijnse Großbürgertum. Grootvader Liebermann had fortuin gemaakt in de textielindustrie. Max Liebermann hoefde helemaal niet te werken, maar werd een succesvolle kunstenaar tijdens het Duitse keizerrijk en de Weimarrepubliek.
...

A ch, wissen Se, ick kann jar nich soville fressen, wie ick kotzen möchte. " Dat zei Max Liebermann (1847-1935) in het plat Berlijns bij de machtsovername van Hitler (Ach, weet u, ik kan helemaal niet zoveel vreten als ik zou willen kotsen). De joodse schilder had in zijn leven wel wat af te rekenen met antisemitisme, maar was toch vooral een prominent lid van het Berlijnse Großbürgertum. Grootvader Liebermann had fortuin gemaakt in de textielindustrie. Max Liebermann hoefde helemaal niet te werken, maar werd een succesvolle kunstenaar tijdens het Duitse keizerrijk en de Weimarrepubliek. Het oeuvre van Liebermann is niet wereldschokkend, maar samen met zijn cultuurpolitieke bezigheden verwierf hij een vooraanstaande plaats in de Duitse kunst- en cultuurgeschiedenis. In de tentoonstelling 'Max Liebermann, Wegbereiter der Moderne' zijn meer dan honderd werken te zien. Traditioneel wordt hij geclassificeerd als de eerste Duitse impressionist, maar tegelijk is hij ook een realist of zelfs naturalist. Aan het begin van zijn carrière had Liebermann nog interesse in de werkende bevolking. De miljonairszoon schilderde haar in haar alledaagse bezigheden. Bijvoorbeeld vrouwen die groente klaarmaken om ze in blik te steken, of ganzenpluksters. De Duitse publieke opinie en critici reageerden verontwaardigd en noemden hem Apostel der Häßlichkeit. Meer naar de eeuwwisseling toe schilderde hij steeds meer de burgerij en haar vrijetijdsbesteding, zijn eigen biotoop. Liebermann maakte ook zeventig zelfportretten. Daarop schilderde hij zichzelf zoals hij zich voelde en hoe hij leefde. Hij lijkt in niets op een peintre bohémien, misschien valt hij nog het best te vergelijken met Hercule Poirot, een man met een fijn snorretje, in elegant maatpak en dandyesk met een sigaret in de hand. In de zomermaanden ging de familie Liebermann op vakantie naar de Nederlandse kust. De artiest trok met ezel en verftubes naar het strand - nieuw in die tijd - en met heftige, snelle toetsen maakte hij talrijke plein-airschilderijen van badende kinderen, ruiters en strandtaferelen. De schilder werd beïnvloed door de renaissance- en barokschilderkunst uit de Nederlanden, maar voelde zich ook aangetrokken tot de school van Barbizon en had een enorme voorliefde voor het Franse impressionisme. Zijn fascinatie voor de impressionisten was niet wederzijds. Hoewel hij verwoede pogingen deed om bij het clubje van onder meer Monet en Renoir te horen, moesten zij niks van de Duitser weten. Pruisen had Frankrijk in 1870 pijnlijk vernederd met een klinkende overwinning in de Frans-Duitse oorlog. Liebermann was lange tijd de voorman van de Berliner Sezession, de eerste Duitse avant-gardebeweging. Later werd hij voorzitter van de Pruisische kunstacademie, het instituut dat hij jaren had bestreden. Zijn privécollectie bevatte werk van onder andere Frans Hals, Rembrandt, Paul Cézanne, Pierre-Auguste Renoir en Mihály Minkácsy. Na Liebermanns dood werd de collectie verspreid over privécollecties in de hele wereld. In Bonn komen ze weer bijeen. In 1909 had Liebermann met zijn schilderijen genoeg verdiend om een landhuis aan de Wannsee te kopen. Hij woonde daarmee tussen de directeurs van onder meer Siemens en AEG. De tuin legde hij zelf aan en die werd een geliefkoosd thema. Liebermann maakte meer dan 200 werken over zijn tuin, altijd vanuit nieuwe invalshoeken. Het tuinontwerp volgde niet de geplogenheden van de tijd, het is geen Engelse, maar ook geen klassieke tuin. De kunstenaar wilde dat de architectuur van zijn landhuis in openlucht doorliep. Hij veranderde ook vaak de bloemen, telkens om andere kleuren te schilderen, al had hij een voorkeur voor blauw. De hagen, het berkenpad en de bloementuin werden op het dak van de Bundeskunsthalle gereconstrueerd. "Geen eenvoudige klus, want we moesten uitkijken voor de draagkracht van het gebouw", zegt directeur Bernhard Spies. "De uitgebloeide bloemen moeten we om de paar weken vervangen door nieuwe, zeker bij mooi weer." "Eigenlijk wilde ik historieschilder worden", zei Liebermann aan het begin van zijn carrière. De voorstelling van de twaalfjarige Christus in de Tempel is een favoriet thema uit de historieschilderkunst, onder meer van Rembrandt, een van Liebermanns grote voorbeelden. Maar het doek lokte grote verontwaardiging uit en voedde de antisemitische sentimenten. Liebermann beeldde Christus uit in een setting van zijn tijd, hij vond inspiratie tijdens een bezoek aan de joodse wijk van Amsterdam. De jonge Jezus beeldde hij uit met blote voeten en donker haar die druk gesticulerend discussieert met de schriftgeleerden. 'Een betweterig jodenkind', 'vuil' en 'de scène is verlegd naar een echte Poolse kleinsteedse synagoge' waren de reacties. Zelfs het Beierse parlement moeide zich in de discussie. Uiteindelijk kreeg Jezus blond haar en sandalen. Liebermann hield zich voorts ver van maatschappelijke discussies, alleen toen de nazi's aan de macht kwamen, roerde hij zich in het openbaar. Bij zijn begrafenis durfde bijna niemand uit de Berlijnse burgerij en kunstwereld zich te vertonen. Liebermanns vrouw beroofde zich in 1943 van het leven toen ze naar een concentratiekamp gedeporteerd dreigde te worden. Hun enige dochter kon op tijd naar de Verenigde Staten vluchten, het oeuvre van Liebermann was op tijd veilig naar het buitenland gebracht. De expo 'Max Liebermann, Wegbereiter der Moderne' loopt nog tot en met 11 september in de Kunst- und Ausstellungshalle der Bundesrepublik Deutschland in Bonn. www.bundeskunsthalle.deFREDERIC EELBODE IN BONN