Korting is belangrijk voor steeds meer consumenten, en prijzen vergelijken was nooit makkelijker. Maar kortingjagers raken ook gefrustreerd door de klassieke kortingsystemen, weet Steven Spillebeen, oprichter van Earnieland. "Kortingbonnen vervallen voor je het weet. Wil je ze nog op de valreep verzilveren, dan blijken ze net niet te worden aanvaard in die ene winkel, of is dat ene product net weer van de actie uitgesloten. Online is het niet veel beter. Google je een promocode, dan moet je al veel geluk hebben dat ze werkt. Wie heeft tijd en zin om zich met die rompslomp bezig te houden?"
...

Korting is belangrijk voor steeds meer consumenten, en prijzen vergelijken was nooit makkelijker. Maar kortingjagers raken ook gefrustreerd door de klassieke kortingsystemen, weet Steven Spillebeen, oprichter van Earnieland. "Kortingbonnen vervallen voor je het weet. Wil je ze nog op de valreep verzilveren, dan blijken ze net niet te worden aanvaard in die ene winkel, of is dat ene product net weer van de actie uitgesloten. Online is het niet veel beter. Google je een promocode, dan moet je al veel geluk hebben dat ze werkt. Wie heeft tijd en zin om zich met die rompslomp bezig te houden?" Daarom richtte Spillebeen in 2014 Earnieland op, samen Bert Clybouw en Jennis Vanhaeke. "Earnieland is een all-in-one kortingplatform voor e-commerce. We beloven onze klanten dat ze geld terugkrijgen als ze online shoppen bij hun favoriete webwinkels. 'Te mooi om waar te zijn', luidt de spontane reactie", zegt Spillebeen. "Maar feit is dat alle sites die klanten aanleveren voor een webshop, daarvoor in ruil een commissie krijgen. Of dat nu een blogger is die een linkje plaatst, een vergelijkingssite of een zoekmachine zoals Google, die trouwens 80 procent van zijn inkomsten haalt uit verkoopcommissies. Je kan die sites beschouwen als vertegenwoordigers die je enkel betaalt wanneer ze iets verkopen. De goedkoopste vorm van marketing, eigenlijk. Geen wonder dat het zogenaamde cost per sale-model aan belang wint." Dat model houdt in dat de adverteerder pas betaalt aan het bedrijf dat de advertentie heeft gepubliceerd op zijn site wanneer iemand iets heeft gekocht nadat hij op de advertentie heeft geklikt. Een bedrijf als Bol.com brengt zijn producten aan de man via meer dan 18.000 digitale resellers. Earnieland is er één van. "Wat ons onderscheidt, is dat wij de helft tot drie vierde van de commissie overschrijven naar de bankrekening van de klant. Noem ons de Robin Hood van de e-commerce." Kan een kleine Belgische start-up een reus zoals Google van de troon stoten, of minstens een serieus alternatief bieden voor zijn verdienmodel? "We zouden al heel succesvol moeten worden voor Google het ook maar een beetje zou voelen", beseft Spillebeen. "Google haalt dagelijks 230 miljoen euro aan commissies binnen. Het is David tegen Goliath, maar als ondernemer moet je durven te dromen." Spillebeen gaat er prat op dat Earnieland, in tegenstelling tot andere kortingsystemen, vooral erg eenvoudig is. "Wie een aankoop doet via Earnieland, verdient daarmee punten, en die punten zijn geld waard. Bovendien kan je op een leuke manier extra punten verdienen. Door vrienden als klant aan te brengen bijvoorbeeld, of door recensies te schrijven. Gebruikers die vaker via Earnieland kopen, krijgen kortingen." "Ons concept is niet uniek", geeft Spillebeen toe. "Er komen voortdurend concurrenten bij, maar die werken in een niche. Zoals Trivago, dat zich op hotels toespitst. Wij zijn de eerste bij wie je voor alle soorten producten terechtkan. Een auto huren bij Europcar of Hertz, een laptop of smartphone kopen bij Coolblue, kleren shoppen bij Asos, tickets bestellen voor Plopsaland of Justin Bieber. Op termijn hoop ik zelfs auto's te verkopen via ons platform. Ik zou het systeem ook graag uitbreiden naar offline, want daar is vraag naar." Op Earnieland zijn een duizendtal partners actief, zowel merken als shops, en er komen er ongeveer twintig per maand bij. Het aantal gebruikers groeit gestaag, ondanks een beperkt marketingbudget. "We hebben 30.000 gebruikers en iedere dag registreren er zich meer dan 100 nieuwe. Iedere maand wordt via Earnieland zo'n 500.000 euro aan aankopen gerealiseerd", rekent Spillebeen uit. "Maar om winst te maken hebben we een zeer grote schaal nodig. Het mag een simpel idee lijken en de site mag zeer eenvoudig in gebruik zijn, er zit wel een ingewikkeld en dus duur IT-platform achter. Mensen verwachten de kwaliteit en de snelheid van Google, terwijl wij maar een kleine speler zijn. Bol.com heeft tweehonderd IT-mensen, wij hebben er twee." Precies omwille van die noodzakelijke schaal reiken de ambities van Earnieland verder dan België. "We zijn ook actief in Nederland, Frankrijk en Spanje." Om die buitenlandse sites van de grond te krijgen en in eigen land echt door te breken, heeft Earnieland een stevig marketingbudget nodig. "We zoeken 1,5 miljoen euro vers kapitaal. Er lopen gesprekken met potentiële investeerders, die in de loop van de komende maanden rond zouden moeten zijn." Volgens Gino Van Ossel, professor marketing bij Vlerick Business School, is het een goed idee om te streven naar gebruiksgemak en eenvoud. Daar zit volgens Van Ossel evenwel net ook de zwakte van de site, op lange termijn. "Tenslotte is het voor de consument het allermakkelijkste rechtstreeks te bestellen bij bijvoorbeeld Bol.com, en niet via een tussenstap langs de Earnieland-site. Als je rechtstreeks bij Bol.com kijkt, dan krijgt Earnieland zijn commissie niet en loop jij als klant je korting mis. Dat is het verhaal van de cookies (software die info over je bezoek aan een site opslaat, nvdr). Het is ook maar de vraag of toonaangevende webshops op langere termijn nog gebruik zullen maken van dat cost per sale-commissiesysteem. Uiteindelijk zullen ze altijd proberen klanten rechtstreeks te lokken." Spillebeen deelt die vrees niet. "Maar 30 procent van de online-aankopen komt van navigatie naar de e-commercesite zelf. Het succes van sites als Booking.com en Trivago neemt nog altijd toe. Ook onze gebruikersaantallen groeien maand na maand. Uiteraard wil iedere site dat zo veel mogelijk klanten rechtstreeks komen, maar dat vraagt zware marketinginspanningen. Bovendien moeten die sites dan ook grotere kortingen geven, want zolang de klant goedkoper af is via een tussenstap, doet hij die met plezier." Professor Van Ossel heeft ook twijfels bij de internationale groeistrategie van Earnieland. "Het is begrijpelijk dat ze door de hoge operationele kosten en de nood aan meer schaalgrootte over de landsgrenzen kijken. Het vergt grote investeringen sites in andere landen te lanceren, geld dat ze niet kunnen gebruiken voor de marketing die ze hard nodig hebben. Het komt er ook op aan snel de markt te veroveren, voor anderen je kopiëren. Ik vraag me af of ze niet beter voluit inzetten op de thuismarkt en dan vanuit de positie van dominante speler naar het buitenland trekken. Het is vaak beter groot te zijn in één markt, dan overal een beetje aanwezig te zijn." "Ik ga de professor daarover niet tegenspreken", lacht Spillebeen. "Zowel op onze thuismarkt als op de nieuwe markten is marketing hard nodig. Zodra we nieuw kapitaal hebben opgehaald, zullen we daar dan ook middelen voor vrijmaken."