De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School.
...

De auteur is hoofddocent aan de Universiteit Gent en partner van de Vlerick Leuven Gent Management School. Reacties: marc.buelens@trends.beNeen, we werken niet voor het geld (alleen). Ja, we zijn supergevoelig voor die kleine extraatjes, die halflegale voordelen die onze job meebrengt, die faveurtjes allerhande. Zelfs als we chief executive officer zijn. Michael Ovitz werkte welgeteld veertien maanden als nummer twee voor Disney. Lang genoeg om voor enkele tienduizenden dollar basketbaltickets te laten kopen door de firma. De LA Lakers zien, dat hoort toch bij zo'n job. Operakaartjes, gratis stomerij als je op pensioen bent, ticketjes voor voetbal, flatje met uitzicht op Central Park, villa in Zuid-Frankrijk, privé-jet enzovoort. Ik lees er toch zo graag over in een hotel waar ik aan het werken ben, terwijl ik mijn gratis krant daar lees, mijn gratis zachtgekookt eitje verorber, nadat ik de vorige nacht van de minibar een half litertje mineraalwater heb achterovergedrukt. De Amerikanen spreken van perks, en de bekende hoogleraar Leiderschap Man-fred Kets de Vries heeft het over de vier gevaren voor elke leider: power, podium, perks en pay. In het Nederlands hebben we voor perks woorden als: extraatjes, douceurtjes, voordelen van allerlei aard, emolumenten, faveurtjes, speciale voordelen. Sommigen hebben in de buitensporige extraatjes zuivere hebzucht gelezen. Maar het zit veel dieper. Hoe je ze ook noemt: managers zijn er gevoelig voor. Er worden in bedrijven veldslagen geleverd voor - en dure tijd besteed aan - de belangrijke dingen des levens, zoals daar zijn: wie heeft recht op een gereserveerde parking? Wie mag business-class vliegen? En wie krijgt welke speciale uitrusting voor welke bedrijfsauto? Maar vergis u niet, er zijn ook nog andere doelgroepen die recht hebben op zo'n extraatje. Ook het voetvolk mag soms mee profiteren. Zo wordt het stilaan duidelijk dat soldaatje spelen in Irak wel enkele nadelen kan hebben. Zou het denkbaar zijn dat de Amerikaanse soldaten ook enkele perks krijgen? Zou dat een goed middel zijn om jonge mensen naar die onherbergzame streken te lokken? Blijkbaar wel, want steeds meer staten in de Verenigde Staten bieden extra voordelen aan soldaten op oorlogspad. Alle personeelsdirecteuren moeten nu aandachtig meelezen, want het is een prachtig voorbeeld van strategisch human-resourcesmanagement. De missie is duidelijk: via bommen vrede brengen en via bezetting democratie aanreiken. Patriottisme is de bedrijfswaarde, democratie is de missie. En dus heb je soldaten nodig. En dus moet je die motiveren. En de afzonderlijke staten worden steeds creatiever. We geven de extraatjes weer, in dalende volgorde van efficiëntie. De lijst zelf is echt, geen grapje (geef gewoon in Google ' troops en perks' in), maar de volgorde is uiteraard de onze. Het eerste en beste snoepje komt uit South Dakota. Daar krijgen kinderen van militairen in actieve dienst licenties om op herten en antilopen te jagen. Jong geleerd is oud gedaan! Dat vinden we onovertrefbaar. Het tweede snoepje komt uit de staat New York: een extra tegemoetkoming in de begrafeniskosten. Dat lijkt ons bijzonder zinvol, bijzonder relevant en zeer strategisch. Stel u voor dat niemand nog wil sterven voor het vaderland, wegens de hoge begrafeniskosten. Stel u voor dat te veel voetvolk niet meer zou gaan citeren wat er op onze herdenkingsmonumenten staat: dulce et decorum est pro patria mori. Het is zoet en eervol om voor het vaderland te sterven. Stel u gewoon even voor dat velen gaan denken: het is te duur om voor het vaderland te sterven. Of erger nog: het is nog zoeter en toch ook eervol om voor het vaderland te leven. Het derde snoepje is een kosteloos officieel certificaat van overlijden (Kentucky). Ook weer zo'n zinvol ding. Het vierde voordeeltje komt uit Lousiana. Daar krijgen actieve militairen een lagere autoverzekering. Weer zo'n mooi voorbeeld van mensgericht personeelsbeleid. Je bent gewoon om met een tank allerlei huizen binnen te rijden, brokken te maken, op Italiaanse journalisten te schieten en thuis hebben ze daar begrip voor. Empathisch personeelsbeleid. Je bent achter het stuur wat verstrooid, je neemt je bocht te breed, je schiet af en toe wel eens een verdwaald raketje af en je neemt die goede gewoonten mee naar huis. Daar geraak je niet meer verzekerd bij die liberale, onvoldoende patriottistische verzekeringsmaatschappijen. Dus sturen we even bij. Dit voordeel staat pas op vier omdat het weinig origineel is. Vele staten stelden vroeger al actieve soldaten vrij van het rijexamen. Logisch toch, als je al zoveel hebt kunnen oefenen in de straten van Bagdad en de duinen rond Mosul en Najaf. Het vijfde voordeel is heel algemeen: een lucratievere levensverzekering. Een dode soldaat kan nu bijvoorbeeld rekenen op 100.000 dollar taksvrij in plaats van 12.000 dollar. Persoonlijk vinden we dat ouderwets personeelsbeleid. Het stimuleert weer níét het entrepreneurship en de risicobereidheid. Bovendien is het zo typisch syndicaal: de eisen worden zonder meer in cash omgezet. Toch blijkt het zeer goed te werken. Eerste sergeant James Martinez verklaarde, vlak voor zijn afreis naar Irak: "Ik voel me echt heel wat beter nu ik weet dat, als er iets met mij gebeurt, mijn vrouw en twee kinderen al dat geld zullen krijgen." Lezen we hier toch weer hebzucht tussen de regels? Marc Buelens