Dexia Bank België (DBB) krijgt volgend jaar een andere naam. De verwarring met de beursgenoteerde Dexia-holding is te groot. "Zelfs op de financiële markten merkten we dat mensen niet altijd het onderscheid maakten", vertelt financieel directeur Johan Vankelecom.
...

Dexia Bank België (DBB) krijgt volgend jaar een andere naam. De verwarring met de beursgenoteerde Dexia-holding is te groot. "Zelfs op de financiële markten merkten we dat mensen niet altijd het onderscheid maakten", vertelt financieel directeur Johan Vankelecom. Nogal wat waarnemers vinden dat de Belgische overheid geen goede zaak gedaan heeft aan de aankoop van DBB. Ze vinden de 4 miljard euro een te hoge prijs. Maar de manoeuvreerruimte was beperkt, de Fransen waren een uitkoop van DBB niet genegen. Toch blijft de vraag: kampt DBB niet met dezelfde problemen als Dexia, op een kleinere schaal? Zo verhuizen 19 miljard euro obligaties uit de befaamde Legacy-portefeuille van Dexia naar DBB, waaronder 6 miljard euro obligaties uit de PIIGS-landen. Inclusief de verzekeringspoot bedraagt de PIIGS-blootstelling 8,4 miljard euro. Critici zagen hun ergste vrees al bewaarheid door de afwaardering van 1 miljard euro die DBB moest doorvoeren op haar Griekse portefeuille. Daardoor zit de bank na negen maanden op 1,1 miljard euro verlies. Bovendien is er de heikele kwestie van de financieringslijn die vanuit België naar Frankrijk loopt. Bij de ontmanteling van de Dexia-groep had DBB 56 miljard euro aan intragroepkredieten uitstaan. Daarvan is 22,6 miljard euro niet gedekt door borgen. "19,5 miljard euro, is uitgeleend aan Dexia Crédit Local, vooral om de internationale activiteiten van DCL te financieren", vertelt Vankelecom. Er mag dus niets mislopen met de beursgenoteerde holding of met DCL, of de Belgische staatsbank dreigt flink haar broek te scheuren. Daarom is het doorknippen van deze liquiditeitslijn prioriteit nummer één van directievoorzitter Jos Clijsters: "Dexia Group moet de 22,6 miljard financiering zo snel mogelijk zelf zien in te vullen". Eind vorige week kenden de Belgische, Franse en Luxemburgse overheden een tijdelijke waarborgregeling van maximaal 45 miljard euro goed die het Dexia moet mogelijk maken zichzelf te financieren. De waarborgregeling, waarvan België 60,5 procent draagt, loopt toe eind mei (na de Franse presidentsverkiezingen) en komt er in afwachting van een definitieve regeling. Clijsters maakt zich sterk dat de afbouw van de ongedekte financiering nu vrij snel kan verlopen. De realiteit is dat veel afhangt van de bereidheid van investeerders om Dexia geld toe te stoppen. Clijsters vindt in elk geval dat de vergelijking van DBB met Dexia Group niet opgaat: "Ons risicoprofiel is totaal verschillend. Wij houden een obligatieportefeuille van 25,6 miljard aan op een balanstotaal van 240 miljard euro. Dat is geen abnormale verhouding. De omvang van onze portefeuille is vergelijkbaar met die van andere Belgische banken." De directievoorzitter van DBB wijst ook op de kwaliteit van de portefeuille. Slechts 3,3 procent (800 miljoen euro) is rommel of heeft geen rating. Daar tegenover staat een belangrijke blootstelling aan Italië: 4,5 miljard in de bank en 1,2 miljard in de verzekeringstak. Ook de lange looptijd van de obligaties is een nadeel. "Maar het verschil met Dexia is dat wij de portefeuille in een rustiger ritme kunnen afbouwen, in functie van kwaliteit en risico's, en niet in functie van onmiddellijke liquiditeitsnoden", beklemtoont Vankelecom. En zo komen we op het belangrijkste onderscheid tussen Dexia en DBB: de Belgische staatsbank heeft een depositobasis en een commerciële franchise. "Wij hebben een retailnet en een commerciële balans die aan beide zijden gevoed wordt", zegt Clijsters. "Aan de passiefkant staan voor 79 miljard euro spaardeposito's en aan de actiefkant 77 miljard euro kredieten, waarvan 33 miljard bij de publieke en sociale sector. Dat is een waardevol fundingapparaat." De 79 miljard euro deposito's is het cijfer van eind september. In de daaropvolgende dagen was er een run op de bank die DBB 4 miljard financiering kostte, 2,5 miljard euro spaargeld en 1,5 miljard op de financiële markten. Dat gat werd dichtgereden door kredieten met onderpand bij de ECB. "Wij zijn daar niet uniek in", zegt Clijsters. "Heel wat Europese banken zijn voor een deel van hun kortetermijnfinanciering aangewezen op de ECB." Exclusief uitzonderlijke elementen, zoals de waardeverminderingen op Griekenland en op de afbouw van de investeringsportefeuille, zou Dexia Bank België eind september op 361 miljoen euro winst zijn uitgekomen. Dat spoort volgens Clijsters perfect met de winstcapaciteit van 500 miljoen euro op jaarbasis die de bank in normale omstandigheden heeft. Maar volstaat dat om de komende jaren een voldoende grote kapitaalbuffer aan te leggen? Bij de aankoop door de Belgische staat bedroeg het eigen vermogen van DBB nog 7,95 miljard euro. Na de verwerking van het verlies van 1,1 miljard euro bleef er aan het einde van het derde kwartaal 6,85 miljard over. Trek daar de negatieve AFS-reserve (latente minwaarden) van 2,8 miljard euro vanaf, en er blijft een goede 4 miljard euro eigen vermogen over. Precies de overnameprijs die België betaald heeft. Clijsters wil van DBB opnieuw een lokale, stabiele, goed functionerende bank maken, die geleidelijk haar rendabiliteit terugvindt en een toegevoegde waarde voor de samenleving biedt: het waarborgen van de financiering van de openbare en sociale sector. Zo wordt er een kasbon voor lokale projecten gelanceerd, waarvan de opbrengst geïnvesteerd wordt in rust- en verzorgingsinstellingen, zwembaden, crèches of bibliotheken. "DBB heeft een rol te vervullen op de Belgische markt", weet Clijsters. "Maar eerst moeten we het vertrouwen bij klanten en personeelsleden herstellen. De eerste drie jaren zullen sowieso moeilijk zijn. Er is de onrust op de financiële markten, en er zijn de kredietrisico's die we lopen op Dexia en zijn aandeelhouders." DBB staat ook voor de uitdaging een nieuw businessmodel in public finance te ontwikkelen. De tijd dat de bank zelf goedkoop kon lenen om het geld met een kleine marge door te schuiven naar de lokale overheden, is voorbij. "We zullen nieuwe technieken en modellen moeten ontwikkelen. Door de kapitaal- en liquiditeitsvereisten voor de banken worden leningen op lange termijn moeilijker. Onze klanten zullen zich meer op de markt moeten financieren, en wij hebben de knowhow om hen daarbij te begeleiden." Of de 61-jarige Clijsters het allemaal zelf nog zal meemaken, is een andere zaak. "Wat we nu doen, is behoorlijk intensief. Ik ben in deze functie gerold en ik heb me nog niet geëngageerd voor een langere periode. Ik ga eerst bekijken hoe de samenwerking met de nieuw samen te stellen raad van bestuur verloopt. Daarna neem ik een beslissing." PATRICK CLAERHOUT