Een kleine dertig jaar geleden, najaar 1983. Trends-hoofdredacteur Frans Crols is op zoek naar een nieuwe freelancer voor het verzorgen van de fiscale column in Trends. Fons Van de Putte, baas bij uitgeverij Biblo en uitgever van de fiscale nieuwsbrief Fiscoloog, heeft een jonge snaak in huis. Ondergetekende. Pas dertig geworden, fiscaal jurist van opleiding, en aan het roer van Fiscoloog, de nieuwsbrief die de fiscale informatieverstrekking aan het begin van de jaren tachtig in een stroomversnelling heeft gebracht.
...

Een kleine dertig jaar geleden, najaar 1983. Trends-hoofdredacteur Frans Crols is op zoek naar een nieuwe freelancer voor het verzorgen van de fiscale column in Trends. Fons Van de Putte, baas bij uitgeverij Biblo en uitgever van de fiscale nieuwsbrief Fiscoloog, heeft een jonge snaak in huis. Ondergetekende. Pas dertig geworden, fiscaal jurist van opleiding, en aan het roer van Fiscoloog, de nieuwsbrief die de fiscale informatieverstrekking aan het begin van de jaren tachtig in een stroomversnelling heeft gebracht. Crols pikt de hint op. Vandaag, ongeveer dertig jaar later, is Crols al lang met pensioen, maar schrijf ik nog altijd de column. In het begin alleen in Trends, en eerst tweewekelijks, maar na enkele jaren ook in Trends-Tendances en sinds een dikke twintig jaar elke week. Dat leverde, naar schatting, meer dan duizend columns op waarin evenveel facetten van het fiscale reilen en zeilen de revue zijn gepasseerd. Tal van programmawetten, crisiswetten, eindejaarswetten, vonnissen en arresten, administratieve rondzendbrieven, en ga zo maar door, werden gefileerd en van kritische commentaar voorzien. Meestal goedmoedig, soms wat gedurfd. Een enkele keer met een stevige tackle. Als daarbij al op lange tenen is getrapt, heeft dit - op een enkele uitzondering na - nooit tot boze brieven of zure oprispingen geleid. De lezer vond het goed, leerden verschillende lezersenquêtes. En hun milde en positieve reacties vernam ik meestal niet via de post, maar wel op recepties en andere ontmoetingsmomenten. Dertig jaar overspant een hele generatie. De eerste bijdragen werden nog getypt op een klassieke tikmachine, en naar Brussel doorgezonden via een ouderwetse fax met onwelriekend papier. Daar werd alles nog eens overgetypt vooraleer het voor druk verzonden werd naar de persen in Roeselare. Vandaag gaat het in vergelijking vliegensvlug. Via e-mail naar Brussel, waar de column elektronisch op de juiste bladzijde wordt 'ingeplakt', waarna alles nog steeds naar Roeselare doorgeseind wordt voor druk. Die versnelling uit zich op alle vlakken. Ook op dat van het fiscaal wetgevend werk. Veel tijd voor voorafgaande reflectie is er niet meer. Dat vertaalt zich in wetgeving waarvan de kwaliteit dikwijls bedenkelijk is, en die nog voor ze goed en wel in werking getreden is, al nood heeft aan reparatiewetgeving. De moeizame totstandkoming van de nieuwe manier van belasten van voordelen van alle aard die voortvloeien uit de terbeschikkingstelling van bedrijfswagens, is daar een treffend voorbeeld van. Alleen maar de fiscus of de wetgever met de vinger wijzen, is wat kort door de bocht. Zij werken vandaag in een landschap dat grondig veranderd is. De burger is veel mondiger, het maatschappelijke debat veel vinniger, en de impact van de nieuwe sociale media is waarschijnlijk zeer groot. Om maar één, inmiddels klassiek voorbeeld te geven: wie voor het behoud van tweede pinksterdag als verplichte wettelijke feestdag is, hoeft slechts de idee van de afschaffing ervan op het juiste moment in de groep te gooien. Een betere garantie voor het behoud, is er niet. Bijzonder onduidelijk is ook de invloed van de nieuwste media op het maatschappelijk aanvoelen van wat bijvoorbeeld onder fiscaal misbruik moet worden verstaan. Is een sterfhuisclausule nu wel of niet maatschappelijk aanvaardbaar? Is een belastingparadijs per definitie slecht? Zijn alle fiscale schuinsmarcheerders geen haar beter dan boeven en bandieten die ingesmeerd met pek en veren het schavot op moeten? Moet al wie fiscaal nog iets op te biechten heeft, moreel gedwongen worden daarvan 35 procent in de 'allerlaatste' regularisatieronde af te geven? Allemaal vragen waarop ik vandaag geen precies antwoord heb, maar die ik vanaf morgen vanuit een nieuwe invalshoek zal kunnen bestuderen. Want minister van Financiën Koen Geens vroeg me voor de rest van de legislatuur zijn adjunct-kabinetschef te zijn, in het bijzonder belast met fiscale zaken. Ik neem daarom, minstens voorlopig, afscheid van deze column, en hoop u later, beladen met meer genuanceerde inzichten, terug te zien. Het ga u goed. JAN VAN DYCKHet fiscale landschap is grondig veranderd.